OK, VVD. Kom maar dan, PvdA. Het spel is op de wagen. De handschoenen gaan uit. GeenPeil wilde het democratische referendumspel zuiver spelen en we hoopten dat Den Haag dat óók eens zou doen, voor de verandering. Maar niks hoor. Van kleinigheidjes als VVD Kamerleden die GeenPeil openlijk voor ‘Poetinvriendjes’ uitmaken in de Telegraaf tot de opzichtige, feitelijk onbegrijpelijke keuze voor het het beperken van financiële middelen voor het referendum door minister Plasterk en het VNG-verhaal over ’te weinig geld voor stemhokjes’ dat daar opvallend naadloos op aansluit: aan alles proeven we obstructie en sabotage van het democratisch proces door deze regering en hun getrouwen. Het wegstemmen van een motie die meer geld moest vrijmaken voor een normaal verloop van het referendum op 6 april 2016, was de druppel. Jullie laten ons geen keus: GeenPeil heeft het hogerop gezocht.
Tag: referendum
Deens ‘Nee’ tegen meer EU in referendum
Ruim de helft van de Denen wil de aparte status in de Europese Unie behouden en is tegen het overnemen van meer Europese regelgeving.
Dit lijkt de uitslag te zijn van een referendum dat gisteren is gehouden over de vraag of het land zijn eigen koers op het gebied van binnenlandse zaken en justitie moet inruilen voor een gemeenschappelijke Europese aanpak van kwesties op deze beleidsterreinen. Denemarken is sinds 1973 EU-lid, maar heeft in 1992 uitzonderingen ten aanzien van het lidmaatschap bedongen.
Volgens het Verdrag van Lissabon (2009) wordt Europol in 2016 een supranationale organisatie, in plaats van een internationale, die bestuurd wordt door EU-ministers van Justitie en Binnenlandse Zaken. Met het referendum vroeg premier Rasmussen de Denen het parlement de macht te geven zelf te bepalen of Denemarken meedoet op justitie-, asiel- en migratiegebied.
De uitslag van het referendum is een grote overwinning voor de eurosceptische Deense Volkspartij. De partij had van te voren opgeroepen om ‘nee’ te stemmen, zodat Denemarken autonome beslissingen kan blijven nemen op het gebied van justitie.
PvdA en VVD saboteren GeenPeil-referendum
Het ging zó snel zojuist, dat we nog bijna te laat op record drukten ook. In de Tweede Kamer waren stemmingen over begrotingen. Daarbij zat een uitstekend democratisch amendement van Koser Kaya (D66) en Van Raak (SP). Daarin vroegen zij Plasterk om de financiële middelen voor een goed verloop van het GeenPeil-referendum te verhogen van 20 naar 42 miljoen euro, zodat alle gemeenten genoeg geld hebben om voldoende stemhokjes neer te zetten op 6 april 2016. Plasterk had dit amendement natuurlijk al afgeraden, want PvdA en VVD hebben er grote politiek belangen bij om het referendum te saboteren. Zojuist waren dus de stemmingen en zoals je kunt horen in de video, zijn de volgende partijen vóór het amendement: PVV, Klein, Kuzu/Ozturk, 50PLUS, D66, GroenLinks, Partij voor de Dieren en de SP.
‘Ja’ of ‘nej’?
Denemarken mag morgen naar de stembus om te beslissen over deelname aan het justitiebeleid van de Europese Unie.
Directe aanleiding voor het referendum is Europol: Denemarken doet namelijk niet op alle terreinen mee met de EU, maar werkt wel nauw met ‘Europa’ samen. Het probleem is dat het Verdrag van Lissabon (2009) bepaalt dat Europol volgend jaar verandert van een internationale in een supranationale organisatie, bestuurd door de EU-ministers van Justitie en Binnenlandse Zaken. Dit betekent dat Denemarken door zijn ‘opt-out’ op justitiegebied niet zomaar meer kan meedoen. Premier Rasmussen schreef daarom een referendum uit waarin de Denen wordt gevraagd het parlement de macht te geven om zelf te bepalen bij welk Europees beleid Denemarken aanhaakt. Een meerderheid van het parlement heeft al aangekondigd Denemarken na een ‘ja’ op 22 beleidsterreinen toe te laten treden tot de EU.
Volgens opiniepeilingen had de ja-campagne weinig reden zich zorgen te maken. Totdat de asielcrisis in september escaleerde en het ‘Wir schaffen das’ van kanselier Merkel in buurland Duitsland ongeloofwaardiger begon te klinken. Via Deens grondgebied zochten vluchtelingen hun heil in Zweden, maar ook daar kunnen ze de toestroom niet meer aan. Ondertussen wees de machtige Deense Volkspartij, van wiens gedoogsteun premier Rasmussen afhankelijk is, erop dat het parlement bij een ‘ja’ in het referendum ook zou mogen beslissen over toetreding tot het Europese asiel- en migratiebeleid. Een grote meerderheid ziet dat niet zitten. Rasmussen zei meteen dat altijd per referendum zou worden beslist, maar niet iedereen gelooft dat.
De drie nee-partijen verwijzen daarbij naar het referendum over Deense toetreding tot de euro in 2000. De regering waarschuwde toen voor de economische schade van een ‘nee’, terwijl een meerderheid van de bevolking, gezien de recente problemen met de euro, nog altijd content is met de Deense kroon.
Mocht Denemarken morgen inderdaad nee zeggen, dan moet de regering gaan onderhandelen met de EU om te kunnen blijven samenwerken met Europol. De uitkomst daarvan is ongewis, zo waarschuwt het ja-kamp. Dat valt wel mee, zo stelt ‘nee’. Dat lukte Noorwegen en Zwitserland ook, en die zijn niet eens lid van de EU.
Porosjenko: GeenPeil is ‘koren op molen Poetin’
Aan de vooravond van zijn bezoek aan Den Haag uit president Porosjenko kritiek op het referendum over ‘zijn’ Oekraïne in Nederland.
Het referendum in Nederland over het associatieverdrag van de EU met Oekraïne is volgens de Oekraïense president Petro Porosjenko „koren op de molen van Poetin”. In een exclusief interview met NRC zegt Porosjenko dat de initiatiefnemers voor het referendum (‘GeenPeil’) „bewust of onbewust” de Russische „agressie” in de kaart spelen. Porosjenko is vandaag en morgen in Nederland voor overleg met premier Rutte en een audiëntie bij koning Willem-Alexander op de Eikenhorst.
President Petro Porosjenko is vandaag en morgen in Nederland, dat in 2016 een half jaar roulerend voorzitter is van de Europese Unie. Porosjenko wordt vanavond door koning Willem-Alexander ontvangen. De Oekraïense president spreekt ook met premier Rutte, de voorzitters van de Tweede en Eerste Kamer en ondernemers. Vrijdag houdt Porosjenko een lezing voor de Universiteit van Leiden.
Het is de tweede keer sinds de val van de Sovjet-Unie in 1991 dat een Oekraïens staatshoofd in Nederland is. In 1997 bezocht president Leonid Koetsjma ons land.
„Poetins politiek is een probleem voor de hele wereld. Iedereen moet weten dat een stem in het referendum ook een stem is voor of tegen de Oekraïeners die hun leven hebben gegeven voor Europese waarden. Ik verafschuw het idee dat de Nederlanders gijzelaars worden van een politiek spel”, aldus Porosjenko.
Het referendum is formeel slechts raadplegend, maar een meerderheid in de Tweede Kamer is bereid om de uitslag over te nemen. PvdA en CDA, beide voorstander van het associatieverdrag, hebben dat gezegd. De VVD heeft nog geen standpunt.
De president hoopt dat hij nog meemaakt dat Oekraïne lid wordt van de EU. „Na mijn eerste of tweede termijn als president, droom ik ervan lid te worden van het Europese Parlement namens Oekraïne”, zegt Porosjenko.
Finnen willen de markka terug
In navolging van Oostenrijk heeft Finland de benodigde handtekeningen weten te bemachtigen om een nationaal referendum te houden. In juli van dit jaar tekenden meer dan 260,000 Oostenrijkers (4,12%) voor de petitie die vraagt om een referendum om uit de EU te stappen. Dat referendum komt er, maar nu ook in Finland.
50000 handtekeningen werden verzameld, wat leidt tot een verplicht debat in het Finse parlement. De petitie werd georganiseerd door de Finse Europarlementariër Paavo Väyrynen, een veteraan binnen de Finse politiek. Hij was eerder presidentskandidaat van de Centrumpartij en heeft gediend als Fins vice-premier en minister van Buitenlandse Zaken.
De handtekeningen worden momenteel gecontroleerd door het Finse Population Register Center, dat het initiatief vervolgens zal doorsturen naar het Parlement. Väyrynen begon vier maanden geleden met het verzamelen van handtekeningen voor de petitie en had na twee maanden al 42.000 handtekeningen binnen. Op een populatie van slechts 5,5 miljoen mensen een aardige score.
Finland was een van de founding members van de Eurozone. De petitie verzoekt het Parlement om een nationaal referendum over de eurozone te organiseren om erachter te komen of het volk het eens is dat Finland tot de Eurozone moet blijven behoren. In 1998 besloten Finse parlementariërs om zich bij de Eurozone te voegen waarmee de markka – de Finse munt sinds 1860 – zou werd vervangen door de euro. Väyrynen betoogt op zijn website dat de Finse economie zwaar te lijden heeft gehad door beslissingen die gemaakt werden in Brussel:
“Member states in distress are being financially supported in a way that violates the EU Treaties. These support mechanisms are being strengthened, and put in place on a permanent basis. The euro area decision making system is being changed in a way that would essentially reduce the economic and state independence of Finland”
GeenPeil-referendum gaat wel degelijk over iets
Met zijn weerzin doet Rob de Wijk het belang van het referendum over het akkoord met Oekraïne geen recht, aldus Pepijn van Houwelingen, Thierry Baudet en Bart Nijman.
Columnist Rob de Wijk is niet blij met het referendum dat op 6 april 2016 over het associatieverdrag met Oekraïne zal worden gehouden (Opinie, 6 november). In zes weken tijd hebben we bijna een half miljoen handtekeningen verzameld van burgers die willen meebeslissen.
De Wijk voelt zich er ‘buitengewoon ongemakkelijk’ bij. Hij meent dat hij nu wordt ‘gedwongen door de rancune’ waar al deze mensen blijkbaar aan lijden om ‘bij te dragen aan een ja-campagne’ – en hij betreurt zelfs ‘naar de stembus te moeten’. Tsja, het is toch wat zeg! Zo’n democratie, die je dwingt ‘naar de stembus te moeten’.
De Wijk schrijft dat ‘GeenPeil en het Burgercomité-EU’ niet geïnteresseerd zijn in de feiten. Waar baseert hij dit op? Allereerst is het Burgercomité-EU – samen met het Forum voor Democratie en GeenStijl – een van de drie organisaties die tezamen GeenPeil vormen. Dit feit heeft De Wijk blijkbaar al niet begrepen. Ook beweert hij met droge ogen dat het ‘grote nonsens’ en ‘onzin’ is, te beweren ‘dat dit verdrag Oekraïne op de drempel van EU-lidmaatschap brengt’.
Maar waarom wordt Oekraïne in de verdragstekst dan maar liefst 72 keer verplicht zijn eigen, nationale wetgeving aan EU-regels aan te passen? De volgende veelzeggende passage vinden we bijvoorbeeld terug in artikel 114 van het verdrag: ‘De partijen erkennen het belang van de aanpassing van de bestaande wetgeving van Oekraïne aan die van de Europese Unie. Oekraïne draagt er zorg voor dat zijn bestaande wetten en toekomstige wetgeving geleidelijk in overeenstemming met het EU-acquis worden gebracht.’
Overal en continu wordt Oekraïne (lees het zelf!) in dit verdrag gedwongen zijn wetgeving aan te passen aan het EU-acquis. Het mag dus geen verbazing wekken dat een Europees diplomaat vorig jaar heeft bevestigd dat met dit associatieverdrag Oekraïne voor 80 procent EU-lid wordt, meer nog dan de Balkanlanden die nota bene geacht worden eerder tot de EU toe te treden.
Lees deze column van Burgercomité-EU, Forum voor Democratie en GeenStijl verder op Trouw
Referendum associatieverdrag met Oekraïne is op 6 april 2016
Het referendum over de Associatieovereenkomst met Oekraïne wordt op woensdag 6 april 2016 gehouden. Dat heeft de Referendumcommissie bepaald.
Er is gekozen voor een datum over vijf maanden, omdat er dan nog voldoende tijd is voor een publiek debat. Bovendien moeten gemeenten de tijd hebben om zich voor te bereiden.
In de wet staat dat de datum moet vallen tussen 85 dagen en 6 maanden nadat de commissie heeft besloten dat het referendum kan doorgaan. Dat was op 14 oktober, toen werd vastgesteld dat er genoeg geldige handtekeningen waren ingezameld.
Dat betekende dat het referendum tussen 14 januari en 21 april moest plaatsvinden. Er werd voor een woensdag gekozen, omdat het in Nederland gebruikelijk is om op die dag te stemmen.
De commissie heeft zich ook gebogen over de vraag op het stembiljet. Die gaat luiden:
“Bent u voor of tegen de wet tot goedkeuring van de Associatieovereenkomst tussen de Europese Unie en Oekraïne?”
De referendumvraag moet altijd beginnen met: “Bent u voor of tegen”. De commissie heeft ervoor gekozen om het vervolg van de vraag zo helder, kort en volledig mogelijk te formuleren. “Dit is het minimum aan aantal woorden dat we konden gebruiken, met een maximum aan duidelijkheid”, zegt commissievoorzitter Van der Laan.
