Hoi Koenders en Ploumen, waarom subsidiëren wij een witwasbank met ontwikkelingshulp?

Als we lang niks van ons laten horen, dan houdt 925.nl vanzelf wel op met bellen, faxen, mailen. Verkeerd gedacht, Bert Koenders en Liliane Ploumen. Wij willen onze €20 miljoen die via ontwikkelingssamenwerking naar een maffiabank is gegireerd weer terug hebben. Of u het even regelt?

De casus in een notendop. Via handige constructies weten grote bedrijven, maar Russen met bontjassen en tatoeages in de nek evenzo, belasting te ontlopen. Het verschijnsel heet ‘base erosion’ en het komt erop neer dat inkomen of vermogen snel wordt weggeboekt naar een ander land, voordat de fiscus erbij kan. Die komt dan geld tekort en gaat het halen bij de sufferds die wel zo lief zijn om netjes te betalen. Laten de OECD en de G20 daar net nu vier mooie filmpjes over online hebben gezet.

Nu kent ook u de kneepjes van het vak. De gele trui onder de belastingontwijkers wordt gedragen door Moldavië, een land waar we zojuist een associatieverdrag mee hebben getekend. In aanloop daar naartoe zijn de grenzen voor witwassers alvast open gezet, nog voordat het verdrag door de Eerste Kamer is geratificeerd. Sterker nog, een bank die volgens Justitie in Londen de spil is in een zeer grote fraudezaak (€ 19 miljard) krijgt alvast Europese noodhulp.

In de video hierboven wordt precies uitgelegd hoe de ‘Russian Laundromate’ in Moldavië werkt.

Lees dit artikel van Arno Wellens verder op 925.nl

Just what is the point of the European Union?

For the best part of the last 30 years, support for the European Union and Britain’s role within it has been a badge of honour for the left. Just why is this?

Time was when – until around the mid-1980s or so – much of the British left favoured withdrawal from the then European Economic Community (EEC), while the Conservative Party was split. So much so that pro-European Tory MPs and ministers, infuriated by Margaret Thatcher’s mounting antipathy towards the European project, brought the Iron Lady down in 1990 for reasons which now appear bizarre. After her fall, the whole issue of Europe would poison the party, root to tip; while the highly Europhile New Labour grasped the political nettle. Even entry into the euro seemed likely at one point.

Yet the British left’s quarter-century-long enthusiastic support for all things Europe is at odds not only with UK public opinion, but increasingly, the facts on the ground. The euro experiment has been a political, economic and social disaster: impoverishing huge swathes of southern Europe, tying it to a currency with no escape, and robbing member states of anything resembling democracy or control of their own destinies. Freedom of movement, the dream of so many pro-Europeans, is imploding in tandem with the Schengen agreement. EU political institutions not only profoundly lack democratic legitimacy, but are inert, helpless, in the face of the greatest refugee crisis since 1945. National governments cannot agree on what day of the week it is, let alone how to collectively respond; anti-immigration sentiment is rising across much of the continent. Is the very thing which was designed to help bring peace and stability to a region so often ravaged by war now unwittingly serving to provoke not unity, but mounting anger and division?

By the end of 2017, perhaps as soon as next year, the British people, denied a voice on their country’s role within the EU for over four decades, will go to the polls to decide whether the UK should remain… or leave. This article challenges my fellow travellers on the left to do what they have so often neglected: to scrutinise the EU’s very many failings, think long and hard, and ask yourselves: is staying in really worth it?

Lees verder op Open Democracy

Een analyse van 5 stellingen van de Correspondent over het AA met Oekraïne (1)

De komende week, een analyse van de 5 stellingen van de factcheck van de Correspondent betreffende het referendum over de associatieovereenkomst van Oekraïne met de EU.

1. Een associatieverdrag leidt tot een Oekraïens EU-lidmaatschap

Vandaag de eerste analyse, van de eerste stelling die hierboven staat. Laten we beginnen met het associatieverdrag zelf om daarna te zien wat de Correspondent erover schrijft.

Al vanaf 1993 formeren opeenvolgende Oekraïense presidenten hun beleid om toetreding tot de EU mogelijk te maken schrijven Stratenschutte & Setzen in Der Europäische Fluss: Die Donau und ihre Regionen als Strategieraum (Berliner Wissenschaft-Verlag, 2011). Deze presidenten spreken dat in het openbaar uit en dat is dus bekend binnen de EU. De bedoeling van Oekraïne is duidelijk. In 2007 is begonnen met onderhalen over het huidige associatieverdrag, dat haar handelscomponent pas echt vorm zag krijgen na toetreding tot de WTO in 2008. Het is dit associatieverdrag waar het natuurlijk om draait in dit verband.

In dat associatieverdrag met Oekraïne zitten twee elementen. Een economische pijler en een politieke pijler. Het is evident dat met alleen een handelsverdrag geen lidmaatschap van de EU tot stand zal komen. Des te belangrijker is het om de uitspraak van de Premier van Oekraïne, Yatseniuk, na tekenen van de associatieovereenkomst op 21 Maart 2014 door te laten dringen. Dit politieke gedeelte, zo zei hij is een “very important step, the first step so that Ukraine became a full member of the EU.” Bij het tekenen in Strassbourg herhaalde Yatseniuk die opmerking nog eens. Ook Stefan Füle, eindverantwoordelijk voor het European Neighbourhood Policy van de EU, praat op 18 Maart 2014 onverbiddelijk over Oekraïne als lid van de EU in relatie tot het, drie dagen later, te tekenen associatieverdrag. Dan is er natuurlijk nog Van Rompuy zelf die in 2013 opmerkt dat de EU Oekraïne helpt om te worden zoals de nieuwe lidstaten. Ook de EU gaat het dus om lidmaatschap valt op te maken uit hetgeen deze heren zeggen. Er zijn nog meer uitspraken te vinden, maar hier laten we het bij. Beide partijen zijn het erover eens, maar alleen dus nog niet wanneer.

Maar, zo schrijft de Correspondent, met landen als Chili en Turkije is ook zo’n verdrag gesloten en zij worden nooit lid worden van de EU. Dat klopt.

Lees verder op de website van Willem Cornax >>>

Gelekt: EU zet zelf ISDS claim-achterdeur in CETA open

Arjen Lubach heeft weer een prachtig item over ‪‎TTIP‬ en ‎CETA‬ gemaakt, met een hilarisch lied voor de Zweedse Eurocommissaris Cecilia Malmström.

Foodwatch heeft het geheime onderhandelingsmandaat voor CETA in handen gekregen. Hieruit blijkt dat ISDS oorspronkelijk geen onderdeel was van de onderhandelingen, maar dat in 2011 het mandaat is aangepast. De EU heeft zichzelf toen nota bene opgelegd om de omstreden investeerdersbescherming op te nemen in het verdrag. In 2014 werden de onderhandelingen afgerond en momenteel wordt het verdrag voorbereid om ondertekend te worden, inclusief de gevreesde ISDS clausule.

Minister Ploumen van Buitenlandse Handel en Eurocommissaris Cecilia Malmström hebben inmiddels [m.b.t. vrijhandelsverdrag TTIP] echter erkend dat er grote problemen zijn met ISDS en stelden daarom vorige maand een alternatief voor om investeringsgeschillen te beslechten.

Uit het gelekte onderhandelingsmandaat blijkt nu echter dat in de onderhandelingen het juist de EU ZELF is geweest die heeft gepleit om het omstreden ISDS in het verdrag op te nemen. Eurocommissaris Malmström heeft aangegeven voor nog lopende onderhandelingen, zoals met de Verenigde Staten over het handelsverdrag TTIP, wel een alternatief voor ISDS te willen aandragen, maar wenst de onderhandelingen met Canada over CETA niet meer te heropenen.

Dit is volgens foodwatch een groot probleem. Als ISDS niet in TTIP maar wel in CETA wordt opgenomen, zet de EU alsnog de achterdeur open voor miljardenclaims van grote bedrijven uit de Verenigde Staten. Veel van hen hebben namelijk ook één of meerdere kantoren in Canada en kunnen zo alsnog aanspraak maken op de investeringsbescherming via CETA. Foodwatch stelt daarom dat het huidige CETA verdrag moet worden afgewezen en niet door Nederland mag worden ondertekend.

Lees het hele verhaal leugen & bedrog op Duurzaam Nieuws >>>

De democratie dood? Oekraïne en TTIP bewijzen het tegendeel

Het is het jaar van de handelsverdragen. Of beter: van de weerstand ertegen. Het associatieverdrag tussen de EU en Oekraïne, wat met name de handelsbetrekkingen met het land moet aanhalen (want anders doet Rusland dat, volgens de voorstanders) wist ruim 450.000 Nederlanders in beweging te krijgen. Een referendum over het associatieverdrag is inmiddels afgedwongen, nu neemt ook de weerstand tegen TTIP, het handelsverdrag tussen de EU en de Verenigde Staten, grootse vormen aan.

In Nederland zwengelde Arjen Lubach de discussie aan via dit item (video).

De aandacht voor TTIP (Transatlantic Trade & Investment Partnership) nam als gevolg van de uitzending sterk toe, enkele wijzigingen aan het verdrag werden bovendien doorgevoerd, maar die zijn volgens tegenstanders vooral cosmetisch. ISDS, een onderdeel in TTIP dat in een tribunaal voorziet waar bedrijven onder meer landen en overheden kunnen aanklagen, is het grootste kritiekpunt – het zou TTIP en daarmee bedrijven boven het democratisch gezag stellen. De Amerikaanse claimcultuur zal zijn intrede doen, zo is de verwachting. (En wie dacht dat het heus wel meevalt met de kwaadaardigheid van bedrijven: denk even aan Volkswagen.)

Vandaag worden er in Brussel drie miljoen handtekeningen tegen TTIP ingeleverd, waarvan er 100.000 in Nederland zijn gezet. Voor een anti-TTIP-betoging, die staat gepland voor komende zaterdag, zijn al 10.000 aanmeldingen, waar in mei dit jaar slechts een honderdtal op de been was te brengen.

Lees deze column van Edwin van Sas verder op HP/De Tijd >>>

Nog eens 1,7 tot 3,5 miljoen EU-burgers zullen hun baan verliezen

Communistisch China heeft een wens: op 11 december 2016 moet de Europese Unie, zijn grootste handelspartner, het land aanmerken als markteconomie. Brussel heeft dus nog een jaar om zijn knopen te tellen: durft de EU tegen Peking te zeggen dat China geen markteconomie is zolang de oppermachtige Communistische Partij de economie bestiert, staatsbedrijven vertroetelt en de koers van de munt vaststelt?

Het is een precaire kwestie, die behalve om lef, draait om miljarden euro’s, en yuans, en miljoenen banen.

Op die elfde december volgend jaar is het vijftien jaar geleden dat China toetrad tot de Wereldhandelsorganisatie (WTO). Het land kreeg toen de status ‘niet-markt’. Vraag en aanbod doen in China immers nauwelijks hun werk. De Communistische Partij bepaalt in welke sectoren ze investeert en beloont staatsbedrijven rijkelijk met voordeeltjes, zoals gesubsidieerde grondstoffen en goedkope leningen. En dan is er nog de klacht, vooral in de VS, dat China de waarde van zijn munt kunstmatig laag houdt.

Zo kunnen Chinese bedrijven produceren tegen prijzen waar geen Europese concurrent tegenop kan en verscheept China massaal zonnepanelen, om maar een voorbeeld te noemen, die het hier tegen dumpprijzen op de markt brengt. Vaarwel Europese zonnepaneelindustrie.

Weerloos is Europa niet. Omdat China geen markteconomie is – ofwel: niet de wetten van vraag en aanbod respecteert – geeft de WTO de EU sneller toestemming om barricades op te werpen; zo stuiten Chinese zonnepanelen sinds 2013 op een tariefmuur van bijna 50 procent. Eind 2014 golden er binnen de EU 81 van dergelijke anti-dumpingmaatregelen en dertien anti-subsidiemaatregelen; bij 54 daarvan ging het (mede) om Chinese producten.

Krijgt China volgend jaar zijn zin en mag het communistische land zich een markteconomie noemen, dan moet de WTO, arbiter bij handelsgeschillen, ervan uitgaan dat China het spel speelt volgens dezelfde regels als Europese landen. En dus dat Peking de prijzen van Chinese producten niet omlaag subsidieert. Een Europees verzoek om bescherming van de markt kan de WTO dan aanzienlijk lastiger honoreren.

Het Amerikaanse Economic Policy Institute (EPI) voorziet een ramp: de Chinese export naar Europa zal explosief groeien.

Deze zomer lekte uit dat EU-juristen vinden dat China zijn felbegeerde markteconomie-status maar moet krijgen.

Lees het hele artikel in Trouw van vandaag.

Dit kan de eeuw van de godsdienstoorlogen worden

Het wordt tijd dat het Westen zijn naïeve houding tegenover het Syrische conflict opgeeft en president Bashar al-Assad steunt. Anders dreigt de wanorde zich naar Europa te verspreiden, zegt rechtsgeleerde en filosoof Paul Cliteur. ‘De 21ste eeuw kan zomaar de eeuw van de godsdienstoorlogen worden’.

Wat is voor u het nieuws van de dag?
‘Ik las dat Nederland niet meer in Syrië wil ingrijpen, omdat de Russen daar aan het bombarderen zijn geslagen. Dat is groot nieuws, want de Syrische situatie heeft grote gevolgen voor de vluchtelingenstroom waarmee we hier te maken hebben.’

Neemt de Nederlandse regering daarmee de juiste beslissing?
‘Nee, ik denk dat de westerse regeringsleiders de verkeerde diagnose stellen. De gedachte achter ons beleid is sinds de Arabische lente – die inmiddels in een Arabische herfst is veranderd – dat de dictators in het Midden-Oosten weg moeten, soms met onze steun. In werkelijkheid zijn die dictators, hoewel verre van ideaal, zeer te prefereren boven de islamistische bewegingen die het verzet tegen hen leiden. ‘Assad behoort bijvoorbeeld als Alawiet tot een minderheidsgodsdienst en heeft een zekere religieuze tolerantie in zijn land behouden. Islamitische Staat streeft een theocratie na waarin geen ruimte is voor mensen met een ander geloof of voor homoseksuelen, dat is veel erger.’

U spreekt alsof er alleen te kiezen valt tussen Assad en IS. En het Vrije Syrische Leger dan?
‘Het is simpelweg geen realistische gedachte dat de gematigde oppositie deze strijd gaat winnen. IS oefent een veel sterkere aantrekkingskracht op mensen uit, op gelovigen in Syrië en in ons eigen land. ‘Die aantrekkingskracht van de radicale islam wordt door het Westen onderschat. Wij denken dat die jihadisten een beetje gek zijn, maar dat klopt niet. Deze mensen worden bewogen door een ideologie die een serieuze uitdager is van de westerse liberale samenleving.
‘Obama, Cameron, Ban Ki-moon, al deze leiders zeggen dat dit conflict niet om godsdienst gaat. Daar gaat het juist wel om. Onze samenleving is dusdanig geseculariseerd dat we niet snappen dat mensen bereid zijn te sterven voor hun geloof. In de zestiende en zeventiende eeuw, toen Europa werd verscheurd door godsdiensttwisten, begrepen ze dat wel. Als onze leiders dit probleem niet op een andere manier gaan aanpakken, wordt ook de 21ste eeuw een tijdperk van godsdienstoorlogen.’

Lees verder op de Volkskrant

Referendum of uitlokking tot wraak?

‘Netherlands referendum on Ukraine looms’, kopte de Financial Times de hele maandag al op zijn homepage. Het is pas het begin. Als ‘Geenpeil’ het slim blijft spelen heeft niemand het straks meer over hoe Nederland leiding geeft aan Europa, maar alleen nog over hoe het erdoor wordt verscheurd.

Al jaren zijn ambtenaren in Den Haag en diplomaten in Brussel bezig met de voorbereiding van het Nederlandse voorzitterschap van de Europese Unie, dat op 1 januari begint. Het duurt zes maanden en zal net zo snel in de vergetelheid raken als dat van Letland, Italië en Griekenland in de afgelopen twee jaar. U weet niet wie de EU nú voorzit? Wees gerust, ook in Luxemburg zelf weet bijna niemand dat.

Niets wordt aan het toeval overgelaten. Nederland heeft immers een reputatie hoog te houden als ‘pays fondateur’, één van de zes oorspronkelijke oprichters van de Europese Unie. Veel eer valt er niet te behalen aan het veredelde corvee. Het zijn de Europese Raad en de Eurogroep, met hun vaste voorzitters, die de afgelopen jaren de show stalen in de EU. De spaarzame Europese successen in de obscure ministerraden waar de roulerend voorzitter mag optreden, hebben gewoonlijk tientallen andere vaders.

Maar o wee als er wordt geblunderd. Dan wijzen de vingers al snel in één richting. Daarom zijn er zelfs politici die menen dat het kabinet beslist niet mag vallen tot en met juni, omdat dat tot gezichts- en eerverlies in Europa zou leiden.

Maar nu moet Nederland tijdens het voorzitterschap alsnog naar de stembus, om zich uit te spreken over het associatieverdrag met Oekraïne. Slechtere timing met de start van het raadgevend referendum, sinds 1 juli wettelijk mogelijk als er meer dan 300.000 mensen om vragen is nauwelijks denkbaar.

Heel Europa – nee, heel de wereld – zit straks op het puntje van zijn stoel om de uitslag af te wachten.

Lees deze column van Ulko Jonker verder op het Financiële Dagblad >>>