Understanding the European Union’s facade democracy

It is quite amazing that the European Commission has never really addressed the question of European democracy. Neither a White Paper nor a Green Paper has been issued to reflect upon the concept of supranational democracy that has been under discussion since the very foundations of the European Community/Union. The issue of a democratic deficit pops up regularly but is never worked on consistently. The same observation is true for the European Parliament (EP) which seems to be much more interested in the matter of its twin location (Strasbourg/Brussels) than in the question how to push for more European democracy.

By Wolfgang Kowalsky

In the end, the crisis has swept away the discussions on European democracy like a hurricane. “The cost of non-Europe” may have been calculated but nobody has yet estimated the cost of non-democracy that is already helping to undermine public support for European integration.

Pressure to increase genuine democracy at a European level regularly emanates from outside the European institutions, through active citizens but also NGOs, intellectuals, philosophers, political scientists and other forces within civil society. So, in recent years, ideas have popped up such as the proposal to choose the Commission president through general elections, to abolish the Commission’s monopoly on the right to legislate by extending it to the EP, to establish a Eurozone Parliament, to adopt a European Constitution etc. At the European elections of 2014, mainstream political parties campaigned under a European ‘top candidate’ (Spitzenkandidat) and the Council had to give way by nominating the winner of the elections as Commission president. The hope that this enhanced personalisation would lead to higher turnout was, however, dashed.

It’s no coincidence that the Commission tends to favour technocratic solutions. The ECB works without any clear democratic control or supervision; the same goes for most of the European (regulatory) agencies. Even inside the legislative process the Commission pushes for technocratic methods involving so called experts chosen by itself, relying on the so called “comitology” process, hundreds of expert groups and advisory committees, most of them not very transparent. Sometimes, even the EP admits that this trend goes too far and tries to keep it under control.

But, for some years now, the Parliament – the so-called heartbeat of European democracy that should always side with those forces pushing for more democracy – has changed sides and voluntarily accepts quite undemocratic procedures: the habit of adopting European legislation in a single reading, in a trialogue between Commission, EP and Council behind closed doors – without taking into account comments from outside the European institutions. This is a clear setback for democracy.

Lees dit artikel van Wolfgang Kowalsky verder op Social Europe

Handelsverdrag tussen VS en Europa zwaar onder druk

Het vrijhandelsakkoord (TTIP) tussen Europa en de Verenigde Staten staat op losse schroeven. Door een controversiële clausule riskeren landen megaboetes als ze wetten doorvoeren die nadelig uitpakken voor buitenlandse bedrijven.

Die clausule, ISDS (Investor-State Dispute Settlement), bestaat als sinds 1959 en zit in zo’n beetje alle 92 handelsverdragen die Nederland nu heeft. Het oorspronkelijke doel was om bedrijven, die in ontwikkelingslanden wilden investeren, te beschermen tegen bijvoorbeeld plotselinge nationalisatie. Maar de clausule lijkt haar doel voorbij te streven. De afgelopen jaren was er een explosie aan ISDS-zaken.

Zo werd Duitsland aangeklaagd door het Zweedse elektriciteitsbedrijf Vattenfall als het land, na de bijna-nucleaire ramp in Fukushima (2011), wil stoppen met het kernenergieprogramma. Vattenfall moet drie nucleaire centrales sluiten in Duitsland en begint een zaak bij het Centrum voor Beslechting van Investeringsgeschillen.

Een ander voorbeeld is van een Amerikaans oliebedrijf dat door ISDS van Ecuador 2,3 miljard schadevergoeding kreeg. Het Zuid-Amerikaanse land had de boorconcessie van het bedrijf Occidental Petroleum beëindigd omdat het de wet overtrad. Het oliebedrijf klaagde het land aan en kreeg 2,3 miljard schadevergoeding.

In aanloop naar TTIP onderzocht de Europese Commissie vorig jaar wat Europeanen van de clausule vinden. In een grootschalige survey verklaarde 97 procent van de 150.000 ondervraagde Europeanen tegen ISDS te zijn.

Maar volgens James Kanter, correspondent Brussel voor de New York Times, is een vrijhandelsverdrag zonder ISDS niet denkbaar voor de Amerikanen. “Voor de Amerikanen is een verdrag zonder clausule in de 21e eeuw ondenkbaar.”

Ondertussen wordt aan alle kanten gewerkt aan een alternatief voor de clausule. Eurocommissaris Cecilia Malmström verwacht in mei met een nieuw voorstel te komen. Volgens tegenstanders is het goed dat er wordt gekeken naar ISDS, maar gaan de aanpassingen waarschijnlijk niet ver genoeg.

Lees het hele artikel bij de NOS>

EU-landen verkiezen dure oplossing boven juridische beurtrol

Tegen 2019 krijgt het Gerecht van de Europese Unie er 28 rechters bij. De EU-landen verkiezen die dure verdubbeling boven een beurtrol. Dat is tekenend voor het klimaat in de Unie.

Het Gerecht van de Europese Unie is de tweede belangrijkste rechtbank van de Europese Unie na het Hof van Justitie en geldt vooral als beroepshof. Nu tellen beide gerechtshoven 28 rechters, één voor elk land. Tegen 2019 zal het Gerecht er 56 hebben.

De EU-ambassadeurs geven donderdag formeel groen licht voor die verdubbeling, Aan die beslissing gaat vier jaar geruzie vooraf over een beperktere verruimingsoperatie. De rechters van het Gerecht zelf vroegen in 2011 een uitbreiding met twaalf rechters vanwege de almaar stijgende werklast.

De vraag van het Gerecht om twaalf extra rechters botste in 2011 op zware tegenkanting van de lidstaten. De grote EU-landen, maar ook heel veel kleintjes, hielden vast aan het recht om permanent een extra rechter in Luxemburg te kunnen stationeren. Met slechts twaalf rechters zou er een beurtrol worden ingesteld en valt dus niet iedereen in de prijzen. Omdat de impasse bleef duren, speelden de lidstaten de bal terug naar Luxemburg, met de vraag een nieuw voorstel te formuleren én de boodschap dat een aantal landen ‘geen genoegen zullen nemen met een aantal dat lager is dan het aantal lidstaten’.

De verdubbeling van het aantal rechters heeft een zwaar kostenplaatje. Europese rechters verdienen een basissalaris van meer dan 220.000 euro per jaar met bijkomende vergoedingen. Om de kosten te drukken, zou gesnoeid worden in het aantal klerken die de zaken voorbereiden. Op die manier versnel je de gerechtszaak niet, klinkt het knarsetandend in Luxemburg.

Lees het hele artikel op De Tijd

De EU is een vereniging van onbetrouwbare leden

Voormalig Ombudsman Alex Brenninkmeijer zit ruim een jaar bij de Europese Rekenkamer. Hij ziet visieloze regeringsleiders, een verschrompeld politiek Den Haag en lidstaten die denken: ‘Beter verkeerd besteed bij mij dan goed bij de buren.’

Op een bureaulamp na is zijn werkkamer in schemerduister gehuld. Rembrandtesk uitgelicht schrijft Alex Brenninkmeijer aan een notitie. Achter hem alleen een statig portret van de Hongaarse componist en pianist, Béla Bartók, geschilderd door zijn zoon.

‘Verscholen in mijn glazen toren’, zegt hij met een lach als hij opstaat, de eigen theemok in de hand. Als Nationale Ombudsman had hij een hoog – lees: door politici gevreesd – profiel. Als lid van de Europese Rekenkamer in Luxemburg niet, of beter: nog niet. ‘Ik heb nooit met meel in de mond gesproken. Daar zullen ze ook hier aan moeten wennen.’

Maar daarover later. Veel meer dan met zijn persoonlijke status is Brenninkmeijer (63) bezig met de staat van de Unie. ‘Want Europa verkeert in een heel zwakke positie.’ De euforie waarmee regeringsleiders het broze economisch herstel verwelkomen, kan volgens Brenninkmeijer niet verhullen dat de EU politiek en geopolitiek een reus op lemen voeten is. ‘We zijn zo kwetsbaar. Pas nu begint door te dringen dat Rusland zo bij ons op de stoep kan staan. En wat doet Europa dan? Wat is Europa dan? Zijn we een defensiegemeenschap, vormen we een EU-leger?’

Soepel fileert Brenninkmeijer Europa’s militaire zwakte. ‘Na de val van de Muur is er massaal ontwapend. Als je nu kiest voor meer militaire macht, moet je dat Europees doen. Wat is een Nederlands leger nu helemaal? We hebben een roemrijke geschiedenis van duizend jaar waarin Nederland militair nooit iets heeft voorgesteld. Excuses, we hebben een vloot gehad, vier eeuwen terug. Maar we zijn geen militaire helden. Wat Poetin afschrikt, naast de NAVO, is een geloofwaardig Europees leger. Wat zich nu wreekt is dat de leiders geen visie op Europa hebben.’

Er was er een, maar die is als een ballon leeggelopen, zegt Brenninkmeijer terwijl hij nieuwe thee inschenkt. Die visie was dat na de kolen- en staalgemeenschap, de EEG, de EU en de euro, Europa vanzelf verder zou ontwikkelen. ‘Daar zat een ongelooflijke zwakte in. Want de politieke integratie wilde niet vlotten, de militaire niet, het buitenlands beleid niet. Alles wat de soevereiniteit raakte, werd geblokkeerd. Bij het economisch beleid was dat lange tijd ook het geval, tot de wal het schip keerde. De eurocrisis dwong de eurolanden vergaand te integreren. En dan roept iedereen: ‘Het is een grof schandaal dat Brussel zich met onze begroting bemoeit!’ Merkwaardig. Ik heb in 1997 al gezegd: de invoering van de euro beperkt de macht van nationale parlementen. Hoeveel geld geef je uit en waaraan, dat budgetrecht is door de euro uitgehold. Wat mij enorm heeft teleurgesteld is dat de regeringsleiders zich pas in 2010 hiervan bewust leken te worden. Het getuigt van onvoldoende leiderschap en gebrek aan visie.’

Of van gebrek aan eerlijkheid en moed: ze kenden de consequenties maar hielden die voor zich om de lancering van de euro niet voortijdig af te breken.
‘Herkenbare reflexen in nationale politieke systemen.’

Lees dit interview door Marc Peeperkorn met Alex Brenninkmeijer verder op de Volkskrant

Europa importeert vooral uit Duitsland

Een kaart van Europa waarop voor elk land de vlag is ingetekend van de staat waaruit het meest wordt geïmporteerd, laat duidelijk zien dat Duitsland in het merendeel van de Europese landen bovenaan staat: zestien van de 28 EU-lidstaten kopen hun buitenlandse goederen vooral van de Duitsers. Opvallend genoeg importeert Duitsland het meeste uit het kleine Nederland. Dat is omgekeerd ook het geval, waardoor ze het enige ‘duo’ op de kaart zijn.

Bron: Voxeurop

Gezellig, straks krijgen we ook Albanië erbij in de euro!

De Griekse beloften in de eurocrisis blijken telkens weer dode mussen. Een munt die met dreigementen bijeen wordt gehouden, zal op enig moment uiteenspatten.

Vijf jaar geleden begon in Griekenland de eurocrisis, die sindsdien met aspirientjes en warme kruiken is onderdrukt. Sinds in januari het linkse Syriza aan de macht is, wordt om de haverklap meegedeeld dat voor dat land de deadline nadert. Er komen dan steeds halve beloften uit Athene. Even zo vaak blijken het dooie mussen.

Als de Griekse regering werkelijk het vertrouwen weet te winnen van de schuldeisers – wij, als het ware – wordt het land voor de derde keer gered. Dan gebeurt wat VVD-lijsttrekker Mark Rutte in de verkiezingscampagne van 2012 uitsloot.

Er zou geen cent meer naar de Grieken gaan, maar het werden miljarden. In de tussentijd zijn de voorwaarden voor de leningen aan Griekenland zo versoepeld dat de geleende 240 miljard feitelijk al voor 40 procent is weggestreept.

De Europese Centrale Bank (ECB) voert intussen een beleid dat niet is afgestemd op ons deel van het eurogebied, maar dat beoogt zwakke landen met hoge staatsschulden binnen de euro te houden. De rente wordt laag gehouden om een land als Italië niet in de problemen te laten komen. De stimuleringsprogramma’s van de ECB, zoals het pas gestarte programma om geld te drukken, dienen hetzelfde doel.

Nu wordt aan de ene kant valselijk beweerd dat de invoering van de euro ook voor een land als Nederland erg profijtelijk is, bijvoorbeeld omdat de export een danige impuls heeft gekregen. Dat landen die buiten de euro zijn gebleven – Groot-Brittannië, Zweden, Denemarken – daar allerminst nadeel van hebben, zegt genoeg.

Lees deze column van Syp Wynia verder op Elsevier

Aanval op intermenselijk vertrouwen ondermijnt economie

Wat ieder weldenkend mens op zijn klompen aanvoelt, blijkt aantoonbaar juist: onderling vertrouwen is het cement voor een soepel functionerende, economisch succesvolle leefgemeenschap. In plaats van dat te bewaken, bedreigen economen met hun adviezen dat fundament van onze welvaart juist.

Hervormingsdrift ondermijnt sluipenderwijs een belangrijke, onderbelichte voorwaarde voor een bloeiende en leefbare maatschappij: onderling vertrouwen. Dat bindmiddel van onschatbare waarde, gedurende eeuwen opgebouwd is kwetsbaar voor de ‘snelle oplosmiddelen’ van het neoliberalisme. Een aansprekende toelichting op dit verschijnsel was onlangs te zien in uitverkochte Nederlandse theaterzalen.

Het populaire toneelstuk De Verleiders van Pierre Bokma c.s. gaf het grote publiek op toegankelijke wijze inzicht in misstanden bij banken en adviseurs die bijdroegen tot onze Grote Financiële Crisis. Naar het schijnt. Want uw auteur, ongeschikt voor luid en heftig drama, ging zelf niet kijken en had met dit fragment wel genoeg. Maar toevallig illustreert deze scene wel net waar het hier om gaat: het belang van onderling vertrouwen en het gevaar dat te ondermijnen.

Zonder het vertrouwen van de klant in de financieel adviseur had men überhaupt niet tot zaken kunnen komen. Datzelfde vertrouwen krijgt een knauw als later blijkt dat de adviseur hem heeft opgezadeld met een voor hem fout product. Door gretigheid en verkeerde prikkels van de verkoper zit de klant met een onbetaalbare hypotheek en een gedeukt vertrouwen.

Zo werkt het ook in het groot: alleen op basis van onderling vertrouwen kon een vrije markt tot bloei komen.

Lees deze column van Hans de Geus verder op Follow The Money