Laatste Nieuws

EU wil belastinggeld in pro-TTIP campagne

De Europese Unie zou lidstaten hebben opgeroepen om via spindoctors en vakbonden een actieve pro-TTIP campagne te voeren. ChristenUnie-Kamerlid Eppo Bruins gaat mondelinge Kamervragen stellen: „Waar is de democratie?”

Op de Duitse website Heise.de wordt gesteld dat de Europese Commissie de lidstaten oproept tot een gezamenlijke pr-strategie te komen. Daarbij moeten spindoctors de media beïnvloeden en ervoor zorgen dat „de tegenargumenten niet steeds worden herkauwd”. Ook moeten lidstaten direct het debat voeren met vakbonden en moeten prominente politici met burgers in gesprek gaan. De website beroept zich op anonieme bronnen.

Bruins reageert ontzet. „Dit is een oproep van Brussel om belastinggeld te pompen in de pro-TTIP campagne. De commissie wil een harde nationale pr-campagne”, aldus het Kamerlid. „Hoezo soevereiniteit?” Bruins gaat mondelinge vragen stellen in de Tweede Kamer. „Waar is de democratie?”, vraagt hij zich af.

Bron: De Telegraaf

Weg met de confrontatiepolitiek

Europa moet met Rusland gaan samenwerken. De politiek van confrontatie leidt nergens toe, vindt Annie Schreijer-Pierik, europarlementarier voor het CDA, lid van de Landbouwcommissie de Europese parlementaire delegatie met de Russische Doema.

De Beierse minister-president en CSU-partijleider Horst Seehofer bezocht vorige week de Russische president Vladimir Poetin om te spreken over versoepeling van de sancties tussen de EU en Rusland. Naast de enorme vluchtelingenstromen vormen voor Duitsland de onlangs verlengde sancties tussen de EU en Rusland een van de grootste sociaaleconomische en geopolitieke uitdagingen. Voor Beieren in het bijzonder.

Seehofer was van 2005 tot 2008 Duits bondsminister van landbouw. Hij weet dus als geen ander hoe de boeren in Beieren en Europa nu al anderhalf jaar lijden onder de verhevigde en verlengde Rusland-boycot.

Ik sta volledig achter zijn missie. Zijn boodschap is de boodschap die ik als lid van de Landbouwcommissie en Rusland-delegatie in het Europees Parlement reeds talloze malen heb verkondigd: we moeten met Rusland in dialoog, het vertrouwen herstellen en zo spoedig mogelijk deze sancties afbouwen. De verlenging van de sancties kwam als een slag in het gezicht van Europese boeren, agrovoedingssector, maar ook voor vele andere getroffen ondernemers. Zelfs voor mij als Europarlementariër en volksvertegenwoordiger.

Niet alleen Nederlandse en Europese varkenshouders staan onder ondraaglijke druk door de lage prijzen. Ook talloze akkerbouwers, tuinders, melkveehouders, zuivelcoöperaties en kaasproducenten lijden zwaar onder de prijsdruk die is ontstaan door de boycot. Het aanboren van andere markten en de gekozen marktinterventie van de Europese Commissie hebben de prijsdruk op de primaire producenten niet kunnen verhelpen. Een sector met een exportwaarde van 83 miljard euro voor ons eigen Nederland komt daardoor op lange termijn aan het wankelen.

Anders dan de VS – die met andere bondgenoten tegen Rusland kozen voor politieke en financiële sancties tegen specifieke individuen en individuele instellingen – is er tussen de EU-lidstaten en Rusland sprake van algemene economische sancties.

Europeanen – en de Russische bevolking – dragen de lasten van deze economische confrontatiepolitiek. Toch wordt via omwegen als Turkije en Wit-Rusland door valse herkomstcertificaten nog het een en het ander naar Rusland geëxporteerd. Zo gaat ondertussen de export van vliegtuigen, machines en voertuigen door onze Amerikaanse bondgenoten naar datzelfde Rusland, al dan niet via omwegen, vrolijk verder. Zakenblad Forbes constateerde in 2014 zelfs een stijging van de officieel geregistreerde Amerikaanse handel met Rusland en in 2015 slechts een lichte daling – vooral door liquiditeitsproblemen van sommige Russische ondernemingen door de sancties en dalende olie- en gasprijzen. Amerikaanse exportproducten kwamen echter via onder meer Turkije en Wit-Rusland het land van Poetin binnen.

De anti-Russische retoriek door westerse regeringsleiders en door Europarlementariërs op het Maidanplein, moet dan nu ook een einde krijgen. Voor ons Europeanen geldt ook: beter een goede buur dan een verre vriend. Moskou ligt nu eenmaal in Europa. Beieren heeft dat begrepen.

Als CDA-Europarlementslid steun ik volledig de benadering van onze zusterpartijen CSU en CDU: streven naar opheffing van deze schadelijke handelssancties. En gelijktijdig in onderhandelingen over de Oekraïne rekening houden met de legitieme Russische belangen; natuurlijk steeds mét heldere eisen op het gebied van de soevereiniteit en het recht op zelfbeschikking van Oekraïne. Voor vrede en voorspoed in Europa, voor Nederland in Europa.

Bron: Trouw, 11 februari 2016

Expansiedrift achter associatieverdrag

Op 6 april gaan we naar de stembus voor het referendum over het associatieverdrag met de Oekraïne. De pro-campagne is al in volle gang.

Ons wordt voorgeschoteld dat dit verdrag de vrede, meer democratie, een beter bestuur, en mensenrechten naar Oekraïne brengt. Het tegendeel is waar.

In de Oekraïne heerst een burgeroorlog. In dit relatief nieuwe land voeren twee bevolkingsgroepen oorlog over het recht op taal en het recht op de vrijheid handel te drijven met wie zij handel willen drijven. De een is Russisch georiënteerd, de andere groep is gericht op het Westen.

Dit associatieakkoord trekt de gehele Oekraïne naar het Westen, terwijl volgens de afspraken die in 1990 zijn gemaakt, Europa niet verder naar het Oosten zou uitbreiden. Het is ook in tegenstelling met de behoefte van een substantieel deel van de bevolking. Dit verdrag is op dit moment olie op het vuur van de burgeroorlog. Het is slecht voor de bevolking van de Oekraïne en slecht voor de vrede.

De Oekraïne is door en door corrupt. Met een handelsverdrag zal dit niet stoppen, zo heeft het verleden geleerd. Het Europaproject is ooit begonnen om vrede en veiligheid te bevorderen. Maar bedrijfsbelangen gaan niet over vrede en veiligheid. Het associatieverdrag weerspiegelt dat. Het verdrag gaat 90 procent over handel en maar een klein deel handelt over andere zaken zoals mensenrechten en milieu. De handel ruikt een afzetmarkt van 45 miljoen mensen.

Het is niet voor niets dat de liberalen onder leiding van Hans van Baalen en Guy Verhofstadt twee jaar geleden de boel begonnen op te stoken op het Maidanplein in Kiev. Expansiedrift is de ware achterliggende reden van dit verdrag.

En het Oekraïense bestuur dat al jubelend in de krant staat (LC 8 februari)? Deze corrupte politici van de Oekraïne ruiken de Europese dik betaalde banen. Voor andere Oekraïense politici is dit verdrag de toegangspoort om hun extreemrechtse politiek naar het Westen uit te breiden. Ook daar staat het belang van de Oekraïners niet voorop.

Willen we echt wat betekenen voor de vrede, mensenrechten en een beter bestuur, dan moeten we niet escaleren maar de-escaleren. Niet nu het associatiehandelsverdrag, maar een goede begeleiding door de Europese Raad en het mensenrechtenfonds om de boel in de Oekraïne weer op orde te krijgen.

In het belang van de bevolking: stem nee op 6 april!

Fenna Feenstra en Jos van der Horst
Fractievoorzitter SP Statenfractie Fryslân en voorzitter SP Smallingerland

Bron: Leeuwarder Courant

Nee stem je omdat je vóór Oekraïne bent

Als het associatieverdrag met Oekraïne er niet komt, laten wij het land dan in de steek? Is een nee-stem bij het referendum zelfs een ja tegen het kwaad? Geenszins, zegt SP-kamerlid Harry van Bommel in reactie op Dave van Ooijen eerder op deze site.

Dit referendum gaat niet over de keuze tussen Oekraïne wel of niet ondersteunen. Dit referendum gaat over de keuze tussen Oekraïne steeds verder politiek en economisch in de Europese Unie integreren of dat niet doen. Dit verdrag niet doen, betekent allerminst niets doen.

De stelling dat alleen integratie in de Europese Unie een effectieve wijze van landen ondersteunen is, getuigt van een onwaarschijnlijk hoge mate van imperialistisch denken. Alleen als je bij ons hoort, komt het goed? Volgens mij hebben we die gedachte al lange tijd achter ons gelaten. Gelukkig. Er zijn vele manieren om Oekraïne te ondersteunen zónder associatieverdrag. Sterker nog, dat doen we allang.

De relatie tussen Oekraïne en de EU wordt gebaseerd op het Europese Nabuurschapsbeleid en maakt deel uit van het Oostelijk Partnerschap. Een van de beleidslijnen daarbinnen is het promoten van waarden zoals democratie, aanwezigheid van een rechtsstaat, het internationale rechtssysteem, respect voor mensenrechten en fundamentele vrijheden en duurzame ontwikkeling. De EU heeft bijvoorbeeld een commissie naar Oekraïne gestuurd om te adviseren op het gebied van politie en justitie, en daarnaast substantiële financiële steun aan Oekraïne gegeven om de economie op korte termijn vooruit te helpen.

Ook de Raad van Europa heeft een actieplan opgezet met een budget van maar liefst 45 miljoen euro om onder andere de rechtstaat en democratie te verbeteren en corruptie aan te pakken. En ook Nederland geeft op bilateraal niveau noodhulp aan Oekraïne en ondersteuning aan de ontwikkeling van de rechtsstaat via het matra-programma. Allemaal concrete ondersteuning zónder associatieverdrag.

Wat het associatieverdrag hieraan gaat toevoegen is niet duidelijk. Heel vaak opschrijven dat de corruptie bestreden moet worden maakt nog niet dat dit ook daadwerkelijk gebeurt. Het feit dat in het verdrag staat dat Oekraïne het Statuut van Rome van het Internationaal Strafhof gaat ratificeren heeft de Oekraïense regering onlangs nog immers allerminst tegengehouden de inwerkingtreding van die ratificatie met drie jaar te willen uitstellen.

Lees dit weer puike stuk van Harry van Bommel verder op Sociale Vraagstukken

Oekraïne exporteert dierenleed

Het Oekraïne-referendum gaat niet over geopolitiek, maar over handel, liet Eurocommissaris Frans Timmermans al duidelijk weten. Er is geld te verdienen. Dat het handel betreft met het meest corrupte land van het Europese continent – een land dat produceert met kinderarbeid en barbaars dierenleed van kolossale proporties – dat vormt kennelijk geen beletsel.

Het veelbesproken associatieverdrag zorgt ervoor dat Nederland en andere EU-landen goederen uit Oekraïne onbelemmerd moeten binnenlaten. Europa mag geen importbelasting meer heffen aan de grens.

Problematisch is dat Oekraïne structureel mensenrechten, dierenwelzijn en milieuregels aan zijn laars lapt bij de productie van die goederen. Door Oekraïense producten toe te laten, maakt Europa zich dus mede schuldig aan schending van mensen- en dierenrechten.

Ongeveer een op de twintig kinderen tussen vijf en veertien jaar is betrokken bij kinderarbeid. Kinderen zijn vooral actief in de landbouw en mijnbouw. De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland waarschuwt bedrijven er zelfs voor op zijn website: ‘Vooral als u in de agrarische sector of in de bouw onderneemt (in Oekraïne), is de kans aanmerkelijk dat een productiebedrijf gebruikmaakt van kinderarbeid’, aldus de Nederlandse overheidsdienst.

Ook met de basisrechten van volwassen werknemers is het slecht gesteld. Zo komt het voor dat vakbondsleiders worden geïntimideerd door Oekraïense veiligheidsdiensten. Zoals vorig jaar, toen een protest voor betere arbeidsrechten iets te lang duurde naar de smaak van de Oekraïense overheid. Via een ware terreurcampagne werd geprobeerd de protesten de kop in te drukken. Het minimumloon in het land bedraagt omgerekend zo’n 50 euro per maand.

Daarnaast biedt het associatieverdrag alle ruimte voor het importeren van een bord vol dierenleed. Mega-stallen met twintigduizend varkens zijn in Oekraïne geen uitzondering. Oekraïense eieren komen uit immense legbatterijen, die in de EU al jaren verboden zijn.

Het grootste pluimveebedrijf uit Oekraïne, MHP, slacht jaarlijks 332 miljoen plofkippen en exporteert meer dan honderdveertigduizend ton kippenvlees per jaar. Als ’toetje’ produceert MHP ook nog eens foie gras: lever van ganzen of eenden, die met een trechter dwangvoeding door hun strot krijgen geduwd.

Deze barbaarse praktijk is al in 23 EU-landen verboden. Het wordt echter moeilijk de overige vijf EU-landen te bewegen met foie gras te stoppen, als het tegelijkertijd aan onze oostgrens goedkoop en ongecontroleerd wordt binnengehaald. Het associatieverdrag zet zo een rem op Europese vorderingen op het gebied van dierenwelzijn.

Niet alleen landbouwdieren, maar ook Europese agrariërs zelf worden de dupe van dit verdrag. Zij werken wél met bepaalde basisregels en krijgen te maken met oneerlijke concurrentie van Oekraïense producten die maar met één focus gemaakt zijn: een zo laag mogelijke prijs, ten koste van wat dan ook.

Ook buiten de landbouw neemt Oekraïne het niet zo nauw met het welzijn van dieren. Hondengevechten met geketende beren en jachtreizen voor westerse jagers die willen – en mogen – schieten op alles wat beweegt, dragen niet bij aan het gevoel dat we geassocieerd zouden moeten raken met een land dat heel andere opvattingen over ethiek heeft dan waar in onze contreien decennialang aan is gewerkt.

Voorstanders schermen ermee dat het associatieverdrag Oekraïne verplicht om bepaalde wetten en productiestandaarden op den duur te verbeteren. Dat is echter een drogreden. Zelfs bestaande regels worden nauwelijks gecontroleerd en gehandhaafd in Oekraïne.

Oorzaak daarvan is de heersende corruptie; ook dit jaar riep Transparency International Oekraïne uit tot het meest corrupte land op het Europese continent. Dat geeft papieren regels erg weinig waarde. De Oekraïense minister van Landbouw, Oleksey Pavlenko, gaf overigens vorig jaar al aan dat dierenwelzijn ‘geen issue’ is voor het land. Op dat gebied hoeven we dus niet veel vorderingen te verwachten.

Maar ook op het gebied van mensenrechten zal het, door de torenhoge corruptie, heel lang duren voordat er écht vorderingen worden gemaakt. Tot die tijd eten we ‘gewoon’ goedkope eieren uit legbatterijen en door kinderen gepote uien, waarvan de tranen je in de ogen zouden moeten springen nog voordat je ze schoonmaakt.

De handelwijze van het ja-kamp is zeer discutabel en vraagt om een duidelijk ‘nee’ van iedereen die het beste voorheeft met kinderen, dieren, natuur, milieu en de bestaanszekerheid van Europese boeren.

Bron: Nederlands Dagblad

GeenPeil en GeenStijl trekken subsidie-aanvraag in

GeenStijl en GeenPeil trekken hun subsidieaanvraag voor het referendum over Oekraïne in vanwege ‘juridische haarkloverij’. De referendumcommissie eist bij 103 aanvragen meer informatie, waardoor ze voorlopig kunnen fluiten naar campagnegeld. SP-Kamerlid Harry van Bommel noemt dit ‘sabotage’ en ‘een middelvinger naar de kiezer’.

Het is de tweede keer dat indieners van een subsidieaanvraag voor het referendum over Oekraïne geconfronteerd worden met extra administratieve rompslomp, zo onthulde AD.nl eerder. Zo moesten organisaties eerder al meerdere handtekeningen aanleveren, terwijl er op het aanvraagformulier maar plek was voor één krabbel en klopte een postcode niet.

Waar de subsidie bedoeld was voor goedbedoelde campagne-initiatieven, worden aanvragers door juridische haarkloverij tot wanhoop gedreven“, stelt Bart Nijman van GeenStijl. “Er blijft veel te weinig tijd over voor de campagne. Wij dansen niet langer naar de pijpen van de commissie en trekken ons verzoek in.

SP-Kamerlid Harry van Bommel is furieus op minister van Binnenlandse Zaken Ronald Plasterk en noemt dit ‘absoluut sabotage’. “Het begon al bij het opendoen van minder stemlokalen en nu dit weer. De houding die Plasterk aanneemt is een middelvinger naar de kiezer.

De minister laat weten niet in te willen gaan op de aantijgingen, omdat de referendumcommissie daarover gaat.

Lees verder op het AD

De ombudsmannenklucht staat voor wat er mis is met Nederland

De ombudsmannenklucht is een pars pro toto voor wat er mis is met Nederland. Toondoof, zelfgenoegzaam, geprivilegieerd en immer wegduikend voor lastige burgers en journalisten in die vervloekte auto met chauffeur van ze. Waar hebben we het eerder gezien?

Mij schieten onmiddellijk de beelden van Louise Gunning in het Maagdenhuis van vorig jaar door het hoofd. Hetzelfde gekrenkte ongeloof over onderdanen die het wagen terug te praten. Het verschil tussen ‘dit is mijn gebouw’, ‘dit is mijn persoonlijke beslissing’ en ‘ze kunnen toch cake eten’ is verwaarloosbaar. Alledrie leggen in een simpel zinnetje de afgronddiepe kloof bloot, die gaapt tussen elite en demos.

Hofcultuur is het eerste woord dat bij me opkomt. Je merkt het meteen als je de square mile van het Binnenhof op loopt. Iedereen in diezelfde malle, te krappe jasjes. Allemaal een blauwe of rode stropdas met dubbele windsor. Allemaal diezelfde puntschoentjes. Allemaal die Gooise ‘r’. Allemaal wit. Allemaal academisch geschoold. Allemaal behorend tot de tien procent. Allemaal voor TTIP. Allemaal voor meer Europa. Allemaal babbelend over kenniseconomie, smart cities, start-ups en big data. En allemaal aanschurkend tegen de volgende ring van macht, met Torentje en Malietoren in het centrum, waar de Saurons van de Lage Landen huizen.

Gettocultuur is bij nader inzien een beter woord. Hooghartig neerkijkend op de xenofobe oprispingen van het hoi polloi bezondigt de bestuurlijke kaste zich aan precies hetzelfde. Pak praat met pak. Das met das. Puntschoen met puntschoen. En net als in de krochten van het internet weerklinkt in het getto van de bestuurlijke kaste alleen het eigen kleine gelijk. In onze zogenaamde open samenleving is de bandbreedte van geaccepteerde meningen namelijk angstwekkend smal. Wie onwelgevallige geluiden produceert wordt trefzeker buitengesloten. Alles wat met de kwast van ‘populisme’, ‘euroscepsis’ of ‘antiglobalisering’ kan worden geschilderd, verdwijnt in het politieke knekelhuis.

Lees deze column van Ewald Engelen verder op de Groene

Provincialen weten het zeker: tijd voor méér EU

Chris Aalberts van The Post Online is bij de plenaire zitting van het Comité van de Regio’s en doet verslag.

Het is woensdagmiddag 15.00 uur in het Europees Parlement. Vandaag vergadert op deze plek het Comité van de Regio’s, de officiële EU-adviesinstelling voor lokale en regionale overheden. Het is in veel opzichten een belangrijke dag. Niet alleen komt het Comité van de Regio’s niet zo vaak bij elkaar, er is ook hoog bezoek: de president van de Europese Raad, Donald Tusk, spreekt het Comité toe. Dat levert een intrigerend schouwspel op.

De voorzitter van het Comité – Markku Markkula – neemt het woord: het is een eer dat Tusk er is. De EU wordt geconfronteerd met allerlei uitdagingen: de economische groei stagneert, de vluchtelingencrisis moet worden opgelost en burgers zijn door recente aanslagen bang voor terreur. Dit alles heeft het populisme in de hand gewerkt. Ook vinden steeds meer mensen dat de grenzen dicht moeten. Schengen is in gevaar!

Het is inmiddels een opmerkelijk lange inleiding, aangezien de leden dachten dat Tusk het Comité zou toespreken. Maar Markkula gaat nog even verder: Schengen is de grootste prestatie van de EU en mag niet verloren gaan. De vluchtelingencrisis moet gezien worden als een kans. Er moet gewerkt worden aan politiek leiderschap, solidariteit en Europese “win-win-partnerschappen”. Er moet niet minder maar beter Europees beleid komen, verplichte spreiding van migranten en een aanpak van radicalisering. Hard applaus.

Lees verder op TPO