Forum voor Democratie from FvD on Vimeo.
Auteur: Burgercomité-EU
ECB doet er nog een schepje bovenop
Mario Draghi denkt niet aan stoppen. Hij stimuleert sinds maart de Europese economie met een opkoopprogramma van €60 miljard per maand.
Een krappe week geleden stelde hij nog eens nadrukkelijk dat het economisch herstel absoluut geen reden is deze stimulans eerder te beëindigen.
Vandaag deed ECB-bestuurslid Benoît Coeuré er nog een schepje bovenop: de centrale bank zal in de komende tijd zelfs méér (staats)obligaties opkopen dan het beoogde maandelijkse bedrag. Dat zal voorlopig een einde maken aan de speculaties over een vroegtijdige stopzetting van het programma.
De reden om extra gas te geven in mei en juni is formeel een technische. De ECB wil zeker zijn dat ze maandelijks de beloofde €60 miljard haalt. En omdat de zomermaanden dunne maanden zijn op de obligatiemarkt haalt de centrale bank een deel van de aankopen naar voren.
Toch komt Coeuré’s aankondiging op een voor de ECB cruciaal moment. Niet alleen vanwege de speculaties over een beëindiging van de stimuleringsmaatregel. Ook schoten de rentes op staatsobligaties de afgelopen tijd flink omhoog. En de euro won ten opzichte van de dollar weer terrein. Stijgende rentes en een hardere euro zijn precies de tegenovergestelde effecten van wat de ECB beoogt.
Nu extra staatspapier inkopen drukt die marktbeweging weer de kop in. Na de uitlatingen van Coeuré daalden prompt de rentes weer (goed voor kredietverlening) en zakte de euro weg (goed voor de export). Op basis van een louter technisch argument is dat toch een aardige bijvangst van de ECB.
De discussie over het stimuleringspakket zal er niet door verdwijnen.
Lees deze column van Martin Visser verder op De Financiële Telegraaf
Krijgt Griekenland hulp uit onverwachte hoek?
Met de bodem van staatskas in zicht, en na vier maanden vruchteloze onderhandelingen met zijn internationale geldschieters, lijkt er eindelijk beweging te komen in de Griekse impasse. Met dank aan voorzitter Juncker van de Europese Commissie.
Gisteren meldde de Griekse krant To Vima dat Juncker met een eigen voorstel naar Athene is gestapt. Een voorstel dat veel minder ver gaat dan de lijn waar de landen van de eurozone en het Internationaal Monetair Fonds tot nog toe aan vasthouden. In het plan zou Griekenland 5 miljard euro aan steun krijgen – deels ‘oud’ geld dat nog vrijgegeven moet worden, en deels nieuwe steun. In ruil daarvoor moet Athene hervormingen toezeggen op een aantal terreinen, maar die gaan lang niet zo ver als de eisen in de lopende onderhandelingen met het IMF en de eurozone.
Het bestaan van het plan werd direct ontkend door de Europese Commissie. Maar het zou niet voor het eerst zijn dat de Europese Commissie zich binnen de onderhandelingen probeert te manoeuvreren. Eurocommissaris Moscovici kreeg in februari nog de volle laag van de ministers van financiën van de eurozone, toen de Griekse minister van financiën Varoufakis een voorstel van hem lekte naar de pers. Dat gaf Griekenland destijds het idee dat er veel meer uit de onderhandelingen is te halen dan het IMF en de eurolanden bereid zijn te laten zien.
Op basis van die gedachte zijn de onderhandelingen de afgelopen maanden doorgegaan. Griekenland mag dan bijna zonder geld zitten, de gedachte dat vooral Europa het zich niet kan veroorloven het land failliet te laten gaan is diepgeworteld in Athene. Het uittreden van het land uit de euro brengt onvoorspelbare gevolgen met zich mee. Gevolgen die de eurolanden liever niet aan den lijve willen ondervinden.
Geert Noels: “Drachme keert wellicht terug”
Econoom Geert Noels ziet grexit nu echt dichtbij komen. Griekenland staat nu echt wel op de rand van het bankroet: voor het eerst laat premier Tsipras dat openlijk en formeel weten in een brief aan het IMF. Een begeleide uitstap uit de eurozone en herinvoering van de drachme lijken nu het meest waarschijnlijke scenario.
De laatste schuldaflossing van Griekenland aan het IMF was enkel maar mogelijk doordat de Grieken een noodfonds gebruikten dat ze nog hadden openstaan bij datzelfde IMF. Met andere woorden: het land gebruikte vorige week eigenlijk IMF-geld om een IMF-lening af te betalen. Dat liet premier Tsipras vorige week zelf weten in een brief aan IMF-baas Christine Lagarde. Die brief lekte intussen ook uit, en het nieuws werd ook bevestigd aan de Financial Times.
Nu is het uiteraard niet de eerste keer dat Griekenland laat weten dat de staatskas leeg is en dat het binnenkort zijn financiële verplichtingen niet langer zal kunnen nakomen, maar het is wel een primeur dat premier Tsipras zelf zo openlijk en formeel aan de alarmbel trekt. In theorie zou Griekenland in juni nog eens 1,5 miljard euro terug moeten betalen aan het IMF. Driehonderd miljoen daarvan moet al tegen 5 juni worden opgehoest.
“Ook ik geloof niet dat het hier nog maar eens om politieke blufpoker gaat”, reageert econoom Geert Noels. “Wat de Grieken nu gedaan hebben, is zoveel als de meubelen verkopen om achteraf de huishuur te kunnen betalen. Het is overigens ook veelzeggend hoe weinig opschudding het nieuws nog veroorzaakt op de financiële markten. Dit lijkt dus enkel maar een bevestiging van wat iedereen de voorbije maanden almaar meer ging beseffen: we zullen een Grieks faillissement onder ogen moeten durven zien.”
Euro eerder molensteen dan zegen
De Europese Unie op zich is al het beste voorbeeld van megalomanie. Machtsblokken die door die linkse “intelligentsia” samen mét de eigen (grote) voornamelijk (bank) instellingen en/of multinationals opereren.
In aansluiting op mijn vorige artikel “Beschaving” het vervolg; nu vanuit het land van Aphrodite en Adonis. “En overal waar zij kwam veranderde de woeste aarde in bloeiende velden”.
In dat verhaal over de beschaving citeerde ik de Russische anarchist Michail Bakoenin, die reeds in de 19 eeuw aangaf dat de ‘rode (linkse) bureaucratie’ zich binnen een ‘kwaadaardige’ hiërarchie zou ontwikkelen en als zodanig, niet in conflict met de privésector maar de samenwerking ermee, de bakermat zou gaan vormen voor nieuwe fascistische systemen.
Ik hield u voor dat er heden ten dage hiervan zeer duidelijke parallellen te vinden zijn. Denk maar eens aan het gemeenschappelijk optrekken van de Europese Unie met het IMF inzake Griekenland of b.v. voor de burgers van Nederland, aan de wijze waarop de minderheidspartijen van Rutte en Samson de dienst uitmaken. Chomsky waarschuwt dan ook niet voor niets voor het streven naar steeds groter wordende machtsblokken; zij resulteren slechts in een “democratisch deficit”.
Het enige resultaat is echter een directe aanslag op de democratie omdat de eigen bevolkingen én parlementen steeds minder invloed kunnen uitoefenen. Bovendien weet en begrijpt het volk niet wat er aan de hand is. Het resultaat is een verdere vervreemding van die supranationale instellingen. De mensen hebben het gevoel dat niemand nog hun belangen verdedigt. Sterker, ze weten niet wat er besloten wordt, hetgeen een direct succes is voor diegenen die op langere termijn aan de bestaande formele democratische structuren elke inhoudelijke macht willen ontnemen. Denk daarbij maar aan het discours tussen Nigel Farage en Guy Verhofstadt.
Buiten ideologen, de media en de academische wereld is er niemand meer die na de val van het communisme nog gelooft dat het kapitalisme – zelfstandig – een levensvatbaar systeem is. Interessante leermomenten zijn wat dat betreft b.v. in China voorradig. Belangrijk daarbij is verder, dat ook de economische theorie over de vrije markt volledig op de helling staat. Twee economen van de Wereldbank, Herman Daly en Robert Goodland beschrijven in hun studie dat de oude theorie van de vrije markt, beschreven als kleine losse eilandjes in een grote zee die met elkaar de concurrentie aangaan, nu verworden is tot één wereldomspannende entiteit met daarbinnen een enkel meertje.
Lees deze column van Willem Okkerse verder op De Telegraaf >>>
Nederlandse beroepsbevolking zakt op wereldranglijst
Nederland zakt op de wereldranglijst van de meest concurrerende landen qua onderwijsbeleid, kennisinfrastructuur en arbeidsmarktparticipatie. Het neemt nu de achtste positie in tegenover de vierde plaats vorig jaar, blijkt uit een jaarlijks onderzoek van het World Economic Forum. De onderzoekers toetsen de mate waarin 124 landen investeren in hun kennis en beroepsbevolking, en wat dat oplevert.
De daling is vooral te wijten aan het feit dat Nederlanders vanaf hun 55ste gemiddeld nog maar beperkt deelnemen aan de arbeidsmarkt. De werkloosheid is ook extreem hoog in die categorie. Daarbij komt dat werkgevers in algemene zin moeite hebben om veel functies in te vullen vanwege het relatief eenzijdige aanbod van beroepsvaardigheden. Vooral aan de technische kant is er nog altijd een blinde vlek, ondanks een recente groei van instroom bij technische scholen en universiteiten.
De Scandinavische landen hebben wat dat betreft een voorbeeldrol: Finland staat aan de top en Noorwegen staat op de tweede plaats. Die posities danken zijn aan een ‘subliem onderwijssysteem’, het gemak om hooggeschoold personeel te vinden, en de mate waarop werknemers zich gedurende hun loopbaan blijven bij- en omscholen. Zo blijven ze ook op latere leeftijd inzetbaar.
De tegenstelling met Nederland is vooral op dat punt scherp: qua participatie van 65-plussers komt het niet verder dan positie 101 op de lijst. Qua diversiteit van disciplines heeft Nederland de 40ste positie. Daar staat tegenover uitstekend voorbereidend onderwijs, en de beste geletterdheid in de categorie 15 tot 24 jaar.
Andere landen die beter dan Nederland scoren in het zogenaamde Human Capital Report zijn Zwitserland (derde plaats), en Canada, Japan, Zweden en Denemarken (posities vier tot en met zeven).
Op naar totale controle: topeconomen pleiten voor afschaffing contant geld
Topeconomen hebben zich uitgesproken voor een afschaffing van contant geld. “Met de huidige technische mogelijkheden zijn munten en biljetten in feite een anachronisme”, aldus de Duitse econoom Peter Bofinger in het Duitse magazine Der Spiegel. De Harvard-professor Kenneth Rogoff pleit ervoor om contant geld als betaalmiddel geleidelijk aan te laten uitdoven.
Wanneer contant geld wegvalt kunnen de markten voor zwartwerk en drugs drooggelegd worden, aldus Bofinger. Hij roept de Duitse regering op om op internationaal niveau te ijveren voor het afschaffen van cash geld. “Dat zou in elk geval een goed thema zijn voor de agenda van de G7-top”.
De voormalige hoofdeconoom van het IMF Kenneth Rogoff sprak zich in Handelsblatt ervoor uit om als eerste stap enkel nog de kleinere coupures uit te geven. “Een zeer groot deel van de negatieve bijwerkingen van het gebruik van contant geld hangt samen met de grotere bankbiljetten. Als de uitgave daarvan stopgezet wordt, dan heeft men al zeer veel bereikt.”
Als argument voegde hij eraan toe dat de anonimiteit van cash geld graag gebruikt wordt voor illegale transacties of om belastingen te ontduiken. Daarnaast zijn er ook overwegingen voor het monetaire beleid. “Als geldhouders kunnen uitwijken naar renteloos contant geld, dan kan de centrale bank de rente niet te ver onder nul laten dalen, ook niet wanneer dat zinvol zou zijn om een slabakkende economie weer op gang te trekken”.
Beroeps-Europeaan Schulz preekt de passie voor de EU
In een Duits stadje vond deze week een rituele bijeenkomst plaats van koningen en koninginnen, presidenten, premiers en een verdwaalde Eurogroepvoorzitter, die samen een sekte voortzetten die al sinds 1949 samenzweert om Europa te verenigen. Eén keer per jaar kiezen ze hun grootmeester, degene die voorgaat in de vertolking en verbreiding van de Europese gedachte. Deze keer kreeg Martin Schulz dat teken van verdienste omgehangen: de Karelsprijs.
Dat de voorzitter van het Europees Parlement die donderdag kreeg uitgereikt in het stadhuis in Aken onderstreept dat de spoeling dun wordt als het gaat om grote Europeanen. Schulz, opgegroeid in de schaduw van het stadhuis, is een beroeps-Europeaan, een apparatsjik die al meer dan twintig jaar vooral bezig is één burger te verheffen in Europa, zichzelf.
Daarbij gaat hij ook steeds op dezelfde manier tekeer tegen wie zijn hooggestemde idealen niet deelt of het waagt een eurosceptische wind te laten in zijn comfortabele kaasstolp die Straatsburg heet.
Donderdag was geen uitzondering. ‘Iedereen die het waagt dit project in twijfel te trekken, speelt een roekeloos spel met de vooruitzichten van toekomstige generaties’ was een van zijn vermaningen.
Schulz dacht met weemoed terug aan 1967 toen hij aan de hand van zijn vader op de trappen van hetzelfde stadhuis de toenmalige Nederlandse minister van Buitenlandse Zaken Joseph Luns diens Karelsprijs in ontvangst zag nemen. Europa was een eliteproject waarvan de vanzelfsprekendheid kon worden verordonneerd.
Schulz riep ‘vooral niet-aanwezige’ regeringsleiders op zich weer net als Adenauer, Monnet en Schuman te laten leiden door het Europese visioen, in plaats van door meningen van ‘gewone mensen die de Europese Unie simpelweg niet begrijpen’ of verkiezingen. ‘Europa heeft die moed en visie nu weer nodig’.
De abstractie van de Europese werkelijkheid bij Schulz was ook zo grotesk omdat hij zorgvuldig vermeed om de woorden ‘Griekenland’, ‘euro’ of ‘Groot-Brittannië’ te noemen. Al was duidelijk dat hij het land van David Cameron bedoelde toen hij ‘oogklep-nationalisme dat hunkert naar terugkeer naar een geïdealiseerde visie van de natiestaat als een Eiland van Gezegenden’ tegenover zijn eigen federale tunnelvisie zette.
Het was een andere Duitser, bondspresident Joachim Gauck, die in de laudatio voor Schulz liet zien dat Europese bevlogenheid geen betweterigheid hoeft te zijn. ‘Voor het eerst zal het niet mogelijk zijn om een crisis in het Europese integratieproces te overwinnen met de vastbeslotenheid van politieke elites’, hield Gauck zijn gehoor voor. ‘Europese integratie is geen eeuwigdurend project en niets wat door mensenhand tot stand is gekomen, is onomkeerbaar’, aldus de ex-dominee.


