GeenStijl dichtst bij uitslag

Aanvankelijk heerste er scepsis toen blog GeenStijl aankondigde lezers op pad te sturen om bij het stemmentellen aanwezig te zijn. Onder andere politicoloog André Krouwel noemde de telling van GeenStijl „niet representatief”. Maar de blog zit het dichtst bij de uitslag, dichter dan Maurice de Hond en Ipsos.

Bron: NRC

EU-cijfergoochelaars

Als Geert Wilders zo tégen Europa en de euro is, had hij zijn PVV uit de verkiezingen voor het Europese Parlement kunnen terugtrekken. Dát was een statement geweest dat klonk als een klok. Daarmee had hij het bewijs geleverd de neus op te trekken voor de regelneven in Brussel. Maar de keuze tussen status en principes is ook voor hem te moeilijk gebleken.

Holland gleed af van een wereldmacht naar een ministaatje met kruideniersmentaliteit. Wij krijgen 26 van de 751 EU-zetels (3,5 procent). Dat handjevol verdelen we héél democratisch over 10 partijen. Dan versnipperen we het beetje invloed dat we kunnen doen gelden ook nog eens over tien éénmans-fracties als “De Piratenpartij” of “Jezus leeft”, en er blijft gemiddeld 0,03 procent invloed per zetel over. Die kabouterpartijen hebben in de EU natuurlijk niets in te brengen en sluiten zich noodgedwongen aan bij de andere kabouters of leveren zich over aan de groten. Want wat de Europese Volkspartij (EVP) met 265 zetels en de Progressieve Alliantie van Socialisten en Democraten met 184 zetels vinden, geeft de doorslag.

Pagina’s vol wordt er gespeculeerd over één zeteltje meer of minder dan concurrenten, nota bene uit eigen land, na het definitieve telresultaat. Spaart u Airmiles? U kunt ze inruilen voor een plaats op de kieslijst. Het is je reinste kleuterschool-gedoe.

Het “One country – one vote” model zou de macht wel eens bij de kleine landjes kunnen neerleggen. Dat is wel democratisch op EU-niveau, maar destijds onbespreekbaar voor de grote vijf: West-Duitsland, Frankrijk, Verenigd Koninkrijk, Spanje en Italië; met later Polen erbij, de grote 6. Het degressief proportioneel vertegenwoordigend systeem werd het criterium.

Hereniging van Oost- en West-Duitsland levert dan een berg zetels (99) op; ze kunnen goed rekenen in Berlijn en het spreekwoord “De cost gaet voor de baet uyt” zou daar bedacht kunnen zijn. Een Poolse Paus zorgde voor een geboorte-explosie in overwegend Rooms Katholiek (90 procent!) Polen.

Spanjaarden en Italianen zijn ook niet vies van een groot gezin. Allen tezamen met de UK goed voor 424 zetels. Op mijn telraam is dat een absolute meerderheid. De rest speelt een figurantenrol of levert sprekende poppen als voorzitters van een paar commissies of van het Parlement als pleister op de wonde. Daar mogen die, zoals Anouchka van Miltenburg in onze 2 Kamer, de volgorde van de sprekers bepalen.

Lees dit artikel van Peter Beszelsen verder op De Telegraaf

Europa heeft teleurgesteld

In Frankrijk en Groot-Brittannië hebben de Europese verkiezingen tot aardbevingen in de nationale politiek geleid. Ook in Griekenland, Spanje en Portugal komen de regeringen na zondag onder grote druk door overwinningen van de oppositie en eurosceptische partijen.

Maar in Brussel begon zondagavond vooral de zoektocht naar een meerderheid voor een nieuwe voorzitter van de Europese Commissie, als opvolger van de Portugees José Manuel Barroso. Geen van de drie ‘spitzenkandidaten’ van de drie grootste partijen wilde zich op basis van de voorlopige verkiezingsuitslag al gewonnen geven.

Radicalisering De uitslagen van de verkiezingen, die van donderdag tot en met zondag werden gehouden in de 28 EU-lidstaten, waren in veel landen radicaler dan op voorhand was verwacht. Zo haalde het extreemrechte Front National van Marine le Pen een historische zege met 25% van de stemmen waarmee het naar verwachting 25 van Frankrijks 75 zetels in het parlement in de wacht sleept, tegen 3 in 2009 toen haar vader de partij nog leidde.

‘De Fransen willen niet meer geleid worden door mensen van buiten de grenzen, door EU-commissarissen en ongekozen technocraten. Ze willen worden beschermd tegen globalisering en hun lot weer in eigen handen nemen’, aldus Le Pen. Ze stelt zich onder andere ten doel stelt om een vrijhandelsverdrag met Amerika (TTIP) in het Europees Parlement te torpederen.

Behalve de anti-Europa-partijen, die nu 30% van de stemmen halen, zijn ook traditionele partijen zoals de groenen en de sociaaldemocraten kritisch over een transatlantisch handels- en investeringsverdrag. Sinds het Verdrag van Lissabon heeft het parlement daar een beslissende stem over. De Franse premier Manuel Valls, die in maart aantrad, gaf Europa meteen de schuld van de opkomst van Le Pen en de nederlaag van zijn partij, die uitkomt op een nieuw dieptepunt van 14% van de stemmen. ‘Het is een aardbeving. We verkeren in een vertrouwenscrisis. Europa heeft teleurgesteld’, aldus Valls.

Lees verder op het Financieele Dagblad

Eurosceptici in de lift

Het uiterst rechtse Front National van Marine Le Pen in Frankrijk is bij de verkiezingen voor het Europees Parlement met circa 25 procent van de stemmen de grootste partij geworden. Dat blijkt uit drie prognoses na het sluiten van de stembureaus.

Eerder zondag had het Front National nog geklaagd over verkiezingsfraude. In 2009 kreeg het Front National bij de Europese verkiezingen 6,3 procent van de stemmen. De conservatieve oppositiepartij UMP haalde zondag een score van 21 procent. De Socialistische Partij van premier François Hollande heeft volgens de peilingen de steun van 14 procent van de kiezers. In 2009 kwamen de socialisten uit op 16,5 procent.

Met een dergelijke uitslag komt het Front National op 23 tot 25 gedelegeerden voor het Europees Parlement. De UMP komt op 18 tot 21 zetels, terwijl de socialisten uitkomen op 13. Vooral in het noordwesten van Frankrijk scoorde Le Pen, een bondgenoot van Geert Wilders en zijn PVV, goed. Ze kreeg er 32,6 procent van de stemmen. In het zuidoosten van het land was de vader van Marine Le Pen de grote winnaar. Jean-Marie Le Pen, oprichter van het Front National, kreeg 28,9 procent van de stemmen.

De opkomst in Frankrijk lag hoger dan 5 jaar geleden. Zondag nam 42,8 procent van de kiezers de moeite naar de stembus te gaan tegen 40,6 procent in 2009, bleek uit peilingen. In Duitsland maakte 47 procent van de mensen de gang naar het stemlokaal, ruim 3 procentpunt meer dan vorige keer.

Duitsland
Het eurosceptische Alternatief voor Duitsland (AfD) heeft ongeveer 6,5 procent van de stemmen gekregen en neemt voor het eerst zijn intrek in het Europees Parlement. Dit hebben de publieke omroepen ARD zondagavond voorspeld in hun eerste prognoses.

De christendemocratische CDU/CSU van bondskanselier Merkel kan rekenen op 36 procent; dat is duidelijk minder dan de 41,5 procent bij de Bondsdagverkiezingen vorig jaar. Bij de Europese verkiezingen in 2009 kreeg de CDU/CSU nog 37,9 procent van de kiezers achter zich.

Coalitiepartner SPD kan rekenen op 28 procent. De sociaaldemocraten scoren beter dan bij de Bondsdagverkiezingen (25,7 procent) en de vorige Europese verkiezingen (20,8 procent). De Groenen, die bij de Bondsdagverkiezingen nog werden voorbijgestreefd door Die Linke, worden weer de derde politieke kracht in Duitsland met een geschatte 11 procent. De linkse Die Linke krijgt zo’n 8 procent van de kiezers achter zich,

Oostenrijk
De rechtspopulistische, eurosceptische FP heeft bij de Europese verkiezingen in Oostenrijk zondag meer dan 20 procent van de stemmen gekregen. Dit voorspelt althans de publieke omroep ORF in zijn eerste prognose. Bij de vorige euroverkiezingen bleef de partij nog onder de 13 procent.

Lees verder op De Telegraaf

Europese kater


De democratie is dood. Twee derde van de stemgerechtigden bleef thuis. De uitslag ligt ter correctie in Brussel. De laatste Galliërs, verenigd in GeenPeil, bewezen het: We dronken een glas, deden een plas en alles bleef zoals het was. Zelden was een infographic zo duidelijk. De Nederlandse zombiekiezer die het stemlokaal niet weet te vinden, of die vijf jaar nieuwsvoorziening zoals Euromania naast zich neerlegt om hetzelfde hokje aan te kruisen. Je kan een burgeroorlog voeden en tóch herkozen worden, zoals Hans van Baalen deed. Aan de andere kant van de ondiepe Noordzee een totaal ander beeld. UKIP is daar nu de grootste partij. Bijna een derde van de stemmen. Terwijl we hier ruziemaken tussen niet stemmen via de kliko thuis en tegenstemmen via de kliko in het stembureau, is het Britse electoraat volledig duidelijk en krijgt daarmee ook invloed. De boodschap is op Number 10 Downing Street aangekomen. De Nederlandse uitslag liet gelukkig ook hoopvolle dingen zien. 1 op de 90 mensen stemt inmiddels Piraten Partij. Straks goed voor ruim anderhalve zetel in de Tweede Kamer. Vrijhandelsverdragen zoals TTIP zullen Europa, Nederland en haar burgers in het hart van hun vrijheden en portemonnee treffen. Toch sloegen Kieskompas en Stemwijzer die vraag over. Politici legden in de campagne nauwelijks verantwoording af, de uitslag liet zien dat je kop in het zand steken werkt. Het maakt niet uit wat je gedaan hebt. Wat we zien, zijn politici die de degens kruisen over waanvoorstellingen. Ze proberen allemaal een toekomst te voorspellen waarin hun ideologie plotseling utopisch blijkt te zijn. Als party people die van feestje naar feestje trekken, zonder ooit de rekening af te tikken.

Lees verder op GeenStijl

Niet-stemmen is óók stemmen

Ten onrechte klinkt meewarigheid over kiezers die gisteren de stembus hebben gemeden. Ben Burger poneert een stelling: ze hebben ervoor gekózen thuis te blijven.

De thuisblijvers krijgen het zwaar te verduren. Dat is te begrijpen: zij hebben gisteren het feestje van de Europese democratie verstoord. Maar zijn de verwijten terecht?

Er zijn drie hypotheses die je de afgelopen weken steeds zag over niet-stemmen bij de Europese verkiezingen: Het electoraat is ongeïnteresseerd. Raoul du Pré schreef dat in de Volkskrant en Caroline de Gruyter in NRC. Het electoraat snapt het niet. Dat zeiden de werkgevers van Bernard Wientjes, econoom Coen Teulings en oud-minister Wijers. Het electoraat staat met de rug naar de toekomst. Aldus Bert Wagendorp in de Volkskrant en Maarten Schinkel in NRC, om twee stemmen te noemen.

De commentaarschrijver van NRC wist het in maart al: de keuze is vóór of tégen Europa. ‘Een beetje Europa is niet mogelijk.’ Sceptisch zijn is dus: tegen. En dat betekent: verkeerde vrienden. Voordeel van deze visie: we mogen de wegblijvers negeren. Nadeel: ze spoort maar heel beperkt met de feiten. De kiezer die thuisbleef, heeft mogelijk toch een rationeel motief, alleen: het is onbegrepen door degenen die hem onbegrip verwijten.

Stelling: een deel van het electoraat heeft juist rationeel gehandeld door weg te blijven. Beeld je in: de redelijke, welwillende euroscepticus. Dus: voor de vriendschap tussen de volkeren, voor de vrede, voor de samenwerking. Maar het 3-procentbeleid voor begrotings-tekort en de bezuinigingen overtuigen hem niet. Hij deelt de opvatting van Nobelprijswinnaars Stiglitz en Krugman en van de Nederlandse econoom Van Duijn, die zeggen dat Europa zichzelf in de dubbele dip heeft bezuinigd. Hij ziet de absurde werkloosheidscijfers in de zuidelijke landen en heeft het gevoel dat dit riskant is: té riskant. En hij vertrouwt de soevereiniteitsoverdracht van de afgelopen jaren niet, omdat de Europese politiek ondoordringbaar lijkt voor kiezersinvloed. Wat moest deze kiezer stemmen? Inderdaad. Dus bleef hij weg.

Tot zover de individuele rationaliteit: de burger moet kiezen uit de keuzes die hem worden voorgelegd. Maar er valt ook een democratische rationaliteit te construeren. Wie om Europa geeft, maar meent dat de ingeslagen weg de verkeerde is, moet een manier vinden die nu juist die boodschap overbrengt. Stemmen zou dan averechts uitpakken. Dat legitimeert de gang van zaken. Bij hoge opkomst zouden de regeringsleiders in Brussel tevreden bijeenkomen en zeggen: we mogen door.

Wie écht de macht in Europa wil beïnvloeden, de Raad van regeringsleiders dus, moet creatief zijn. Is wegblijven dan de enige manier geweest?

Hypothese: de kiezers hebben gisteren precies gezegd wat ze wilden zeggen. Thuisblijven was niet dom, maar een rationeel genomen besluit. De boodschap is precies zoals die moest zijn. Bij de opkomstcijfers voor Europa in Nederland valt het jaar 2005 op: die van het referendum over een Europese ‘grondwet’. Dat was de keer dat de inzet volstrekt duidelijk was. Toen kwam de meerderheid van de kiezers wel, 62 procent zelfs. Toeval?

Lees verder op het NRC

We hebben allemaal verloren

“Elections belong to the people. It’s their decision. If they decide to turn their back on the fire and burn their behinds, then they will just have to sit on their blisters.” Abraham Lincoln

Lieve niet-stemmers,

Elke verkiezing wordt bepaald door de mensen die komen opdraven. Dus waar waren jullie nou gisteren? Twee derde van de Nederlanders bleef thuis bij de Europese verkiezingen. Ik kon wel huilen toen ik de uitslag las. En het verbaasde me. Want er was zo veel te kiezen. Juist als het gaat om het EU-kritische geluid. De PVV natuurlijk. Maar ook kleinere partijen als Artikel 50, de Piratenpartij. Waarom hebben jullie je kans niet gepakt? Ik had juist goede hoop dat het debat van de afgelopen weken jullie uit je luie stoel zou trekken. Of van dat fijne terrasje. Het stembureau is niet verder dan 5 of 10 minuten lopen van je huis. Was het echt te veel moeite?

Aan de kwaliteit van het debat kan het de afgelopen weken niet gelegen hebben. Tien jaar geleden was je een ‘vuile populist’ als je wat te vitten had op Europa. Nu is kritisch zijn mainstream. Ook de elite gaat er mee aan de haal. Hoogopgeleide, welbespraakte mensen als Thierry Baudet, Ewald Engelen en Alexander Sassen van Elsloo waren niet van de buis te slaan, roerden zich op social media en het mag hardop gezegd: ze hebben het debat de afgelopen maanden verlevendigd en verrijkt. Maar jullie laten ze met lege handen staan (behalve Ewald Engelen, die lijstduwer was voor de Partij voor de Dieren). Denk je echt dat ze er over vijf jaar nog met dezelfde vechtlust staan? Wat een gemiste kans.

En nu?

Lees deze column door Hella Hueck verder op RTL Nieuws

Uitslag Euro-verkiezingen laat nog weken op zich wachten

De Europese verkiezingen zitten er weer op. De uitslag is even weinig opzienbarend als de campagne. Het verschil met de vorige Europese verkiezingen is minimaal: GroenLinks, CDA en PVV verliezen wat, SP, D66 winnen wat en PvdD en 50Plus komen voor het eerst in het Europees Parlement.

Maar wat deze uitslag echt betekent, weet eigenlijk niemand. De vraag is niet hoe groot de Nederlandse delegaties in het Europees Parlement zijn, maar hoe groot de verschillende Europese fracties worden. Worden de sociaaldemocraten groter dan de christendemocraten, of blijven de christendemocraten het grootst? Blijven de liberalen getalsmatig zo belangrijk als ze waren? Of verandert dat, nu relatief grote liberale partijen als de Duitse FDP vrijwel zeker gaan verliezen? We moeten tot zondag wachten om hier enig beeld van te krijgen.

Maar ook zondag is dit beeld nog niet helder. De vraag is of de fracties gelijk blijven qua samenstelling en of er nieuwe ontstaan. Bij wie gaat 50Plus zich aansluiten? Bij wie komt de Partij voor de Dieren terecht? Wordt het überhaupt mogelijk voor Wilders om een fractie te vormen met het Front National? De partijen uit zijn coalitie moeten uit minimaal zeven landen komen en samen minimaal 25 zetels halen. Het is onduidelijk of dat lukt. Er is nog veel onderhandeling nodig voordat duidelijk is hoe de uiteindelijke fracties er echt uit gaan zien.

De fractiesamenstelling heeft ook inhoudelijke gevolgen. Bij de liberale ALDE is dat het duidelijkst. Is de partij van Guy Verhofstadt een club van D66-ers, zoals D66-lijsttrekker Sophie in ’t Veld ons wil laten geloven, of wordt de ‘niet teveel Europa’-stroming van de VVD binnen ALDE belangrijker?

De Groenen zijn momenteel heel federalistisch. Verandert dat als een meer kritische partij als de Partij voor de Dieren zich bij hen aansluit? Of gaat de PvdD simpelweg federalistisch stemmen? De onderhandelingen over de fractievorming kunnen belangrijke inhoudelijke gevolgen hebben.

Lees deze column door Chris Aalberts verder op The Post Online