Beieren voert grenscontrole met Oostenrijk weer in

Na de Bilderberg-conferentie, waar voornamelijk politici en grote bedrijven de te lopen koers voor de nabije toekomst voor de burgers uitstippelen, hebben de ze in Beieren de smaak te pakken: de ‘opbrengst’ van de strenge veiligheidsmaatregelen vraagt om meer.

Ondanks het verdrag van Schengen dat vrij vervoer van personen garandeert, gaat de Duitse deelstaat Beieren 500 extra agenten inzetten om controles aan de grens met Oostenrijk uit te voeren.

De Beierse minister-president Horst Seehofer is fervent voorstander; op deze manier wil Beieren voorkomen dat er illegale vluchtelingen via Oostenrijk Duitsland binnenkomen. Voor Merkel is het allemaal niet zo gemakkelijk, de CSU, de grootste partij in deze deelstaat, is haar partner in de Bondsregering.

Zien we hier het begin van het einde van de open Europese grenzen en de herinvoering van de aloude grenscontrole?

Dreigende oververhitting van Duitse economie

Duitsland heeft de miljarden die de Europese Centrale Bank maandelijks in de eurozone pompt helemaal niet nodig. Sterker, het goedkope geld van de centrale bank versterkt het risico van oververhitting van de Duitse economie.

De eurozone kampt met een probleem dat vanaf het de start van de muntunie al speelt. Nationale economieën verschillen sterk en van een optimaal valutagebied dat met een eenheidsmunt beter af zou zijn, is geenszins sprake. Waar het huidige beleid van de Europese Centrale Bank (ECB) voor sommige landen voorwaarde vormt om niet failliet te gaan, dreigt voor andere landen juist oververhitting. De combinatie van een niet-optimaal valutagebied en monetair beleid dat voor alle eurolanden hetzelfde, is vormt de oorzaak van de huidige problemen. Al in aanloop naar de monetaire unie daalden de rentes in de landen aan de rand van de eurozone tot dicht bij het renteniveau in Duitsland, de grootste economie van Europa.

Zo daalde de rente in Italië van meer dan 13 procent in 1995 naar amper 4 procent in 1998. Dat was nog maar een kwart procent meer dan de Duitse rente. Deze rentedaling zorgde voor huizenbubbels in landen als Spanje en Ierland hetgeen in die landen later voor grote problemen zorgde.

Vanwaar die lage rente eerder? Dat was – opmerkelijk genoeg – vooral ingegeven door Duitsland zelf. Duitsland was eerder zelf de zieke man van Europa, kampte met hoge werkloosheid en structurele hervormingen waren hoogstnodig. Een lage rente kwam Duitsland daarbij goed van pas.

De situatie nu: momenteel zien we dat de eurozone juist geconfronteerd wordt met de omgekeerde variant van hetzelfde probleem. Duitsland heeft haar concurrentiekracht fors verbeterd, haar overheidsfinanciën op orde en de Duitse economie groeit al jaren harder dan de rest van de eurozone. De Duitse economie is sterk en veerkrachtig. De werkloosheid is er gedaald tot 4,8 procent, wat het laagste niveau is sinds de Duitse eenwording. Ter vergelijking: exclusief Duitsland bedraagt het werkloosheidspercentage in de eurozone maar liefst 14,1 procent.

Lees deze column van Hendrik Oude Nijhuis verder op Z24 >>>

Wees blij dat Duitsland zo op de regels hamert

Zonder regels dreigt de EU te verworden tot een slonzige studentenflat, waar niemand de boel opruimt.

Met enige regelmaat wordt in de Europese politiek geklaagd over de fixatie van Duitsland op de regels die moeten worden nageleefd. Zijn pragmatische oplossingen vaak niet beter dan dit regelfetisjisme?

Waarom bijvoorbeeld blijven hameren op de Maastricht-criteria, als de voorgeschreven bezuinigingen schadelijk zijn voor economische groei?

Inderdaad is het zo dat in Duitsland veel meer op het belang van regels wordt gewezen dan in menig ander Europees land. Zelfs economen discussiëren graag over de financiële crisis met de verdragstekst in de hand. Is dit een Duitse anomalie die in de volksaard zit, of speelt hier toch iets anders?

Uiteraard speelt de geschiedenis een belangrijke rol. Het recht mag nooit meer zoals onder Hitler door de macht worden misbruikt. Het gaat om de macht van het recht in plaats van het recht van de macht. In combinatie met de bijzondere positie van het constitutionele hof neemt het recht daarom in de Duitse politieke cultuur een centrale plaats in.

In het publieke debat is daardoor meer oog voor de juridische aspecten van maatschappelijke vraagstukken. En zo denkt men ook over Europa. In Duitse ogen is de EU een rechtsgemeenschap! De relatie van de lidstaten tot de EU is vastgelegd in regels. Zonder die regels is er niets. Regels die je, al naargelang het uitkomt, soms wel en soms niet naleeft, zijn geen regels. Het niet naleven van de afspraken is daarom tegelijkertijd een ondermijning van de Europese constructie als zodanig. Op nationaal-statelijk niveau vinden wij trouwens ook niet dat de burger vrij is om zich naar believen aan de wet te houden of niet.

Nu is er in Europa een traditie ingesleten dat de commissie of regeringsleiders graag met prachtige doelstellingen en mooie communiqués willen pronken. Een politiek van woorden die vaak een gebrek aan daden maskeert. Er worden afspraken gemaakt die vervolgens bijna niemand serieus neemt.

De Lissabon-agenda om Europa tot de meest competitieve economie ter wereld te maken is daarvan een goed voorbeeld. Het netto-effect van deze politiek van loze woorden is dat er een cultuur is ontstaan waarbij nationale politici in Brussel van alles afspreken en beloven om thuis plotseling aan geheugenverlies te leiden of te denken: ‘Het zal mijn ambtsperiode wel duren.’ In die zin moeten degenen die klagen dat Griekenland zich nooit aan de afspraken houdt ook de hand in eigen boezem steken. Heeft de EU inclusief alle lidstaten niet zelf bijgedragen aan een cultuur waarin afspraken niet echt serieus hoeven te worden genomen?

Lees dit artikel van Ton Nijhuis verder op de Volkskrant

Europa importeert vooral uit Duitsland

Een kaart van Europa waarop voor elk land de vlag is ingetekend van de staat waaruit het meest wordt geïmporteerd, laat duidelijk zien dat Duitsland in het merendeel van de Europese landen bovenaan staat: zestien van de 28 EU-lidstaten kopen hun buitenlandse goederen vooral van de Duitsers. Opvallend genoeg importeert Duitsland het meeste uit het kleine Nederland. Dat is omgekeerd ook het geval, waardoor ze het enige ‘duo’ op de kaart zijn.

Bron: Voxeurop

Laten we Duitsland uit de eurozone gooien

De belangrijkste reden van de Europese economische malaise is het enorme handelsoverschot van Duitsland, schrijft Patrick Chovanec in Foreign Policy. Volgens hem zou een vertrek van Berlijn uit de eurozone het evenwicht van de Europese én de wereldeconomie herstellen.

Chovanec gebruikt voor zijn argumentatie de ideeën van de negentiende-eeuwse econoom John Ricardo om uit te leggen dat de grote onevenwichtigheid van Europa’s handelsbalans kon worden verminderd door de binnenlandse vraag van Duitsland op te voeren en het dus meer gaat uitgeven in plaats van te sparen. In het verleden zijn de Duitse overschotten altijd ingezet om geld uit te lenen aan andere Europese lidstaten wat heeft geleid tot de huidige Europese schuldencrisis, aldus Chovanec:

Het is lastig te beweren dat de spaaroverschotten van Duitsland, die de banken vaak moeilijk wisten weg te zetten, goed geïnvesteerd zijn. Ze hebben de Duitsland daarentegen de illusie van rijkdom gegeven, waarbij echt werk (weergegeven in het bnp) ingeruild werd voor papieren schuldbekentenissen die mogelijk nooit worden terugbetaald.

Onder normale omstandigheden, vervolgt Chovanec, zouden wisselkoersen het gat dichten waardoor het concurrentievermogen van de Duitse handelspartners zou worden verhoogd. Maar door de vaste koers van de euro gaat dit niet op. De debiteuren in de eurozone worden in het “keurslijf” van de Duitse economie gedwongen, waardoor hun handelsbalans alleen door een kleinere vraag naar geïmporteerde Duitse artikelen weer in evenwicht kan worden gebracht. De zuidelijke eurolanden hebben hun tekorten met Duitsland teruggebracht, maar dat is wel ten koste van hun eigen groei gegaan.

Lees verder op Presseurop

Recordaantal Duitsers arm

Het gaat Duitsland economisch voor de wind, maar tegelijkertijd waren er nog nooit zo veel mensen arm als afgelopen jaar. Het aantal kwam vorig jaar op 12 miljoen mensen. Vooral de toenemende enorme regionale verschillen vallen op.

Die Armut in Deutschland ist nach Angaben des Paritätischen Wohlfahrtsverbandes auf einen historischen Höchststand gestiegen. Dem Armutsbericht zufolge waren 2013 rund 12,5 Millionen Menschen betroffen, die Armutsquote sei von 15 auf 15,5 Prozent im Vergleich zum Vorjahr gestiegen. “Noch nie war die Armut in Deutschland so hoch und noch nie war die regionale Zerrissenheit so tief wie heute”, sagte Ulrich Schneider, Hauptgeschäftsführer des Paritätischen Gesamtverbandes. “Deutschland ist armutspolitisch eine tief zerklüftete Republik.” Es falle regional regelrecht auseinander.

Dem Bericht zufolge ist der Anstieg der Armut zwar flächendeckend zu beobachten, bis auf Sachsen-Anhalt, Brandenburg und Sachsen habe sie in allen Ländern zugenommen. Am stärksten seien aber die Bundesländer Bremen, Berlin und Mecklenburg-Vorpommern betroffen – und die “regionale Zerrissenheit” habe sich noch verschärft: Der Abstand zwischen der am wenigsten und der am meisten von Armut betroffenen Region habe sich im Vergleich zu 2006 von 17,8 auf 24,8 Prozentpunkte vergrößert.

“Als neue Problemregion könnte sich neben dem Ruhrgebiet in Nordrhein-Westfalen auch der Großraum Köln/Düsseldorf entpuppen”, heißt es in einer Mitteilung des Verbands. Unter den dort mehr als fünf Millionen Menschen sei die Armut mittlerweile auf deutlich überdurchschnittliche 16,8 Prozent gestiegen.

Lees verder op Zeit Online

Germany’s worst nightmare has come true

Berlin is doomed to persist with a project which has caused economic ruin throughout much of the rest of Europe. The Germans never wanted the single currency in the first place – they knew what it would lead to.

It’s Germany’s worst nightmare. Increasingly isolated, ganged up on, and even hated by much of southern Europe, it is fast losing the argument over the future of the euro.

Even the Governor of the Bank of England, Mark Carney, has been at it. This week he joined in the German bashing with a full-frontal attack on Berlin’s austerity agenda. And it’s causing confusion, dismay and resentment in equal measure in this most stable, disciplined and civilised of nations.

To understand the decisive shift in narrative that has taken place in Europe over the last couple of weeks – from the defeat Germany has suffered at the hands of the European Central Bank, to the Syriza victory in Greece and its demands for debt forgiveness – you have to go back to the euro’s origins and Germany’s place in it.

Germans never wanted the single currency in the first place, for like Britain, they instinctively understood where it would lead – to a fiscal, or transfer, union which Germany, as Europe’s dominant economy, would be forced to bankroll. If given a referendum, they’d have said no.

But European monetary union was the price Germany had to pay for reunification; it was a way, other European nations naively believed, of containing the newly enlarged country and ensuring that it was properly integrated into the rest of Europe. To them, it seemed the answer to Europe’s historic problem – Germany was too large and economically powerful ever to be properly defeated, but the potential threat it poses to the rest of Europe could perhaps be defused through economic integration. Most Germans, now a peace loving people, broadly go along with this “solution” to the problem. The point of dispute is rather about the degree of integration.

o buttress itself against economic pollution from the south, Germany surrounded the new currency and its institutions with safeguards. Fiscal and monetary transfers between nations were specifically banned, and rules were put in place that would supposedly ensure fiscal discipline. None of them has proved equal to the task, and none of them is ultimately compatible with a single currency that actually works.

Since the onset of the financial crisis, Germany has suffered one defeat after another. Every line in the sand has been breached, culminating last week in the Bundesbank’s failure to block ECB money printing, a remedy which may or may not have some merit for the beleaguered economies of the south but is culturally anathema to Germans as well as largely inappropriate for their economy. It’s also a money transfer by the backdoor.

The bottom line is that the single currency hasn’t worked for anyone. It’s proved as unsatisfactory for Germany as it has for Greece, Spain and Italy. Happy families are all alike, begins Tolstoy’s Anna Karenina; every unhappy family is unhappy in its own way. The observation could have been written for Europe’s experiment in monetary union.

Lees deze column van Jeremy Warner verder op The Telegraph

Bom tikt nog onder Draghi’s opkoopprogramma

Het is nooit in praktijk gebracht, is gebaseerd op een pocherige uitspraak van een Italiaan in een bankierspak en is nooit verder gekomen dan een persbericht. Maar het obscure Outright Monetary Transactions-programma (OMT) van de Europese Centrale Bank redde de eurozone in 2012 wel van de dreigende ondergang, dus in Frankfurt en vele hoofdsteden wordt opgelucht ademgehaald nu Europa’s belangrijkste juridisch adviseur het een goed plan vindt.

Ieder ander oordeel zou onvoorzienbare gevolgen kunnen hebben aan de vooravond van Griekse verkiezingen, die indirect opnieuw over de toekomst van de euro gaan. De OMT’s werden in september 2012 in het vooruitzicht gesteld voor eurolanden die geen geld meer kunnen lenen. Dat gebeurde omdat de kapitaalmarkt geen vertrouwen meer had in de toekomst van de eenheidsmunt. ECB-president Mario Draghi vervulde er zijn belofte mee ‘alles wat nodig is’ te zullen doen om de euro te redden.

‘En geloof me, het zal genoeg zijn’, zei hij erbij. En ‘binnen ons mandaat’, beloofde hij. De tegenstanders maakten eruit op dat de bank als ‘lender of last resort’ zou optreden voor zwakke eurolanden en dat dat nou juist niet conform het mandaat van de centrale bank is. Het Duitse grondwettelijk Hof in Karlsruhe vindt dat ook, maar liet een definitief oordeel over die vraag — die immers betrekking heeft op de bepalingen in het EU-verdrag — over aan het Europese Hof van Justitie.

De advocaat-generaal van het Hof, die de rechters adviseert, maar niet altijd gelijk krijgt, besteedt een groot deel van zijn juridische overdenkingen aan de vraag of het Hof in Karlsruhe zich wel zal neerleggen bij een oordeel van het Hof. De eigenzinnige Duitse rechters tonen zich volgens advocaat-generaal Pedro Cruz Villalón ‘ambivalent’ over het laatste woord hierover. Luxemburg kan wel oordelen dat OMT conform het EU-verdrag is, maar dan blijft de vraag over of het Verdrag dan niet in strijd is met de Duitse grondwet.

Lees verder op het Financieele Dagblad