Tijd voor een referendum over Europa?

GeenStijl is in juli de petitie GeenPeil gestart. Ze willen dat er een referendum komt waarin burgers zich kunnen uitspreken over het verdrag dat op stapel staat tussen de EU en Oekraïne. Waar gaat het over en heeft het kans van slagen? Verslaggever Hella Hueck beantwoordt vijf vragen over het verdrag en GeenPeil.

1. Wat is een associatieverdrag?
Associatie-overeenkomsten zijn bindende afspraken die de Europese Unie met andere landen sluit. De overeenkomst is gericht op verregaande samenwerking tussen de EU en het betreffende land. Zo’n verdrag wordt meestal gezien als een voorportaal tot een lidmaatschap van de Europese Unie. We hebben zulke overeenkomsten al met landen als Macedonië (sinds 2004), Servië en Albanië.

Een associatie-overeenkomst is gericht op economische samenwerking. Zo moeten partijen import- en exporttarieven en quota afbouwen. Maar economie is al snel ook politiek. In het verdrag worden ‘gemeenschappelijke waarden’ geformuleerd en moet Oekraïne zijn rechtsstaat en democratie versterken en de mensenrechten beter respecteren. Er zitten ook elementen van ontwikkelingssamenwerking in de overeenkomst. Zo staat er dat ‘Oekraïne in aanmerking komt voor financiële bijstand via de relevante EU-mechanismen en -instrumenten voor financiering’. Het land staat er financieel beroerd voor en torst een staatsschuld van 70 miljard met zich mee.

Als je tijd over hebt: hier kun je meer dan 300 pagina’s tellende verdrag doorakkeren. Het gaat overigens niet alleen om Oekraïne, we hebben ook met Moldavië en Georgië zo’n verdrag.

2. Waar staan we nu met dat associatieverdrag?
Het Verdrag is in juni 2014 ondertekend door de Europese Unie en Oekraïne. Maar het is een akkoord waar niet alleen de EU over gaat. De lidstaten moeten het in hun parlementen óók goedkeuren. Dat heet een ‘gemengd akkoord’. In Nederland is dat al gebeurd. Afgelopen juli stemde de Eerste Kamer in met het associatieverdrag van de Europese Unie met Oekraïne. De Tweede Kamer deed dat al eerder. Vrijwel alle lidstaten hebben de overeenkomst reeds goedgekeurd. Het verdrag moet op 1 januari 2016 in werking treden.

Lees verder op RTL Nieuws >>>

Alle begin is moeilijk, ook het referendum

Burgers hebben de eerste stappen gezet om een referendum af te dwingen. Maar waarom is daar zo weinig aandacht voor, vraagt Joop van Holsteyn zich af.

Het blijft lastig, zoiets nieuws als een referendum in Nederland. Toen het ruim een jaar geleden wettelijk mogelijk werd om een landelijk raadgevend referendum te organiseren, was daar in de media niet of nauwelijks aandacht voor. Die mogelijkheid werd praktisch effectief vanaf 1 juli 2015. Vanaf dat moment konden kiesgerechtigde burgers via dit middel proberen aan de democratische bel te trekken.

Of zij dat vervolgens zouden doen, was een beetje de vraag. Niet alleen omdat die nieuwe wet zo weinig aandacht kreeg, terwijl het wel degelijk ging om een wezenlijke uitbreiding van het democratische arsenaal van burgers. Maar vooral omdat het verleden weinig hoopgevend was. Nederland kende eerder een wettelijke voorziening, de zogeheten Tijdelijke referendumwet, maar deze wet verliep op 1 januari 2005 zonder dat er ook maar één keer gebruik van was gemaakt. Het referendum over de zogenaamde Europese Grondwet van 2005 was apart geregeld, voor een eenmalige volksraadpleging. En de uitslag van precies dat referendum smaakte bij een groot deel van de gevestigde politieke elite zacht gezegd niet naar meer, integendeel.

Maar de Wet raadgevend referendum kwam er, al had het een mooi poosje geduurd. En verdraaid, er is reeds gebruik van gemaakt! Met nogmaals opmerkelijk weinig aandacht in de media. In een persbericht van 13 augustus op de website van de Kiesraad wordt echter keurig melding gemaakt van het nieuws, want nieuws is het. ‘Er zijn meer dan tienduizend geldige verzoeken ingediend voor het houden van een referendum over de wet tot goedkeuring van een Associatieovereenkomst met Oekraïne. Daarmee gaat deze wet door naar de volgende, definitieve fase’, aldus het bericht.

Inderdaad, met het succesvol inzamelen van tienduizend handtekeningen – aangejaagd door GeenStijl en Burgercomité=EU – is de eerste horde genomen. In de volgende, definitieve fase, die loopt van 18 augustus tot en met 28 september, moeten nogmaals handtekeningen worden verzameld. Niet minder dan 300.000 geldige individuele verzoeken in deze fase, om bij succes een raadgevend referendum, dat wil zeggen een (ongevraagd) advies van de bevolking aan Tweede Kamer, af te dwingen.’Burgers willen uitbreiding EU frustreren’, kopte NRC Handelsblad verleden week boven een klein bericht over het vooralsnog geslaagde referenduminitiatief. Dat is wel heel erg zuinig, maar daarom niet minder tekenend. Maar hoe men ook denkt over het referendum als democratisch middel, in het bijzonder in een representatieve democratie, en hoe men verder staat tegenover de ontwikkelingen binnen de EU, het is een gegeven dat de Nederlandse democratische traditie wordt verrijkt. Het feit dat bijvoorbeeld GeenStijl hier een rol bij speelt of dat het middel nogmaals ingezet lijkt te worden in de strijd tegen wat Geert Wilders waarschijnlijk ‘Hun Brussel’ zal noemen, doet daar niets aan af.

Nederland lijkt zich te voegen bij de ruime groep landen met een vertegenwoordigende democratie met daarbinnen de mogelijkheid voor burgers om zich zo af en toe eens anders dan bij verkiezingen uit te spreken. Dat daarvoor in het politieke en publieke debat zo weinig aandacht is, is curieus. De democratische, politieke inrichting en werking van Nederland is kennelijk niet bijster boeiend, nauwelijks nieuwswaardig. En die stilte geeft toch een beetje te denken waar het de open, in democratische vernieuwingen geïnteresseerde houding betreft, niet in de laatste plaats van de media. Maar goed, alle begin is moeilijk, ook het begin van wat, wie weet, over enkele decennia een bloeiende, vitale referendumtraditie in Nederland blijkt te zijn.

Trouw, 20 augustus 2015

NL is verworden tot export gericht lage-lonen land en belastingparadijs voor multinationals

Er is niet links en rechts, er is het extreme midden en de rest.

Iedereen die links is, kent de totale verbijstering. Het partijprogramma van de PvdA is links. In verkiezingstijd zijn de uitspraken van de PvdA-lijsttrekker links. De rapporten van het Wetenschappelijk Bureau zijn links.

Maar als na de verkiezingen een coalitie –welke samenstelling ook, hoe groot het PvdA-aandeel ook- gevormd is, dan is het beleid rechts. Zo ging het in 1994. Zo ging het in 1998. Zo ging het in 2006. En zo ging het ook na 2012: alsof Polanyi nooit geschreven heeft, dwong Klijnsma bijstandsgerechtigden tot proto-dwangarbeid; alsof multinationals geen fiscale deals sluiten met het Ministerie van Financiën, legde de kamerfractie samen met de PVV per motie vast dat Nederland geen belastingparadijs is; alsof het ISDS niet de natte droom is van het bedrijfsleven, steunt Ploumen TTIP. En Dijsselbloem liet bankiers van SNS Reaal tijdens de redding in 2013 hun bonussen houden maar zaagt Griekse gepensioneerden bij hun knieën af. Natuurlijk, PvdA-leden wisten te voorkomen dat ongedocumenteerden verder gecriminaliseerd worden. Maar als het tegenhouden van één rabiaat rechts plan -hoe noodzakelijk en knap dat verzet ook is – volstaat om als links te gelden, dan stelt links niets voor.

Hoe het gapende gat tussen woord en daad te verklaren? Inderdaad, coalitievorming gaat niet zonder compromissen, niet zonder water in de wijn, niet zonder het bouwen van bruggen, niet zonder over schaduwen heen te springen, niet zonder nuance, niet zonder realiteitszin. Allemaal waar, maar Tariq Ali geeft in zijn recente boek The Extreme Centre een andere verklaring. De verklaring is zijns inziens eigenlijk doodeenvoudig. Sociaaldemocraten handelen niet links, omdat zij niet links zijn. Zo simpel is het.

Lees deze column van David Hollanders verder op Joop >>>

Euro puppets, the European Commission’s remaking of civil society

Al in 2013 werd deze ‘discussion paper’ van Christopher Snowdon bij en door het Institute of Economic Affairs gepubliceerd. Hieronder volgt de samenvatting, voor degenen die meer willen weten, daaronder de link naar dit zeer lezenswaardige document.

  • With public confidence in the European project waning, the idea of initiating a ‘civil dialogue’ with the public emerged in the mid-1990s as a way of bolstering the EU’s democratic legitimacy.
  • Citizens have not been consulted directly, however. Instead they have been ventriloquised through ‘sock puppet’ charities, think tanks and other ‘civil society’ groups which have been handpicked and financed by the European Commission (EC). These organisations typically lobby for closer European integration, bigger EU budgets and more EU regulation.
  • The composition of ‘civil society’ at the EU level is largely dictated by which groups the Commission chooses to fund. There has been a bias towards centre-left organisations, with a particular emphasis on those promoting policies that are unpopular with the public, such as increasing foreign aid, restricting lifestyle freedoms and further centralising power within EU institutions.
  • The EC’s favoured civil society organisations are also marked by a homogeneous worldview and similarity of jargon. The literature and websites of these groups suffocate the reader with vague rhetoric about ‘stakeholders’, ‘sustainability’, ‘social justice’, ‘capacity building’, ‘fundamental rights’, ‘diversity’, ‘equity’ and ‘active citizenship’.
  • Many of the groups which receive the Commission’s patronage would struggle to exist without statutory funding. For example, Women in Europe for a Common Future received an EC grant of €1,219,213 in 2011, with a further €135,247 coming from national governments. This statutory funding made up 93 per cent of its total income while private donations contributed €2,441 (0.2 per cent) and member contributions just €825 (0.06 per cent).
  • There is virtually no funding for organisations which seriously question the Commission’s direction of travel. By contrast, groups that favour closer union and greater centralisation are generously funded. The ‘Europe for Citizens’ programme which ‘gives citizens the chance to participate in making Europe more united, to develop a European identity, to foster a sense of ownership of the EU, and to enhance tolerance and mutual understanding’ has a €229 million budget for 2014-20.
  • Substantial EU funds are also used to support organisations that share the Commission’s environmentalist agenda. The Green 10 represent the largest of Europe’s environmental lobby groups, but dozens, if not hundreds, of like-minded ecological organisations also receive EU funding. The Commission freely admits that funds are given to environmental groups ‘to support policy development’.
  • Civil society groups in non-member countries are another funding priority for the Commission. In 2012/13, its Neighbourhood Civil Society Facility had a €22 million budget to be distributed to groups in Eastern Europe, North Africa and the Middle East, later increased to €45.3 million. Many Youth in Action grants have been given to projects in potential new member states such as ‘Unite Unite Europe!’ (Serbia), ‘Be Active, Be European!’ (Albania) and ‘Citizen of my country, citizen of my Europe!!’ (Kosovo).
  • The EC’s policy of picking allies and supporting them with taxpayers’ money has made the system more elitist and less democratic.

Lees de hele paper (pdf) van Christopher Snowdon >>>

Fundamentele democratisering

Het Griekse drama toont het dilemma van links. ‘Pragmatisch’ meeregeren met rechts, zoals Jeroen Dijsselbloem doet. Of net als Syriza de ideologische confrontatie aangaan, met het risico te verliezen. Tijd voor een nieuwe koers.

Er schijnt in ons land al geruime tijd een geheimzinnige wet te gelden die stelt dat politieke onvrede zich vertaalt in een stem op rechts. Aan die zijde zijn tevens de energie en het politieke initiatief te vinden. Linkse partijen lijken voornamelijk bezig te zijn met het etaleren van nuchtere bescheidenheid en regerings-fähigkeit.

De dramatische ontwikkeling van de Griekse crisis heeft het linkse vraagstuk verder op scherp gezet. Twee visies over de toekomst van de linkse politiek zijn daarbij recht tegenover elkaar komen te staan: de middenkoers van sociaal-democraten als Jeroen Dijsselbloem en Diederik Samsom, en de neo-keynesiaanse hervormingskoers voorgestaan door Syriza en progressieve economen.

Het Griekse Syriza is de eerste linkse partij die openlijk geprobeerd heeft het Europese bezuinigingsbeleid te bevragen en te veranderen. Nu Syriza het onderspit heeft gedolven en de hele Griekse samenleving als een stoute schooljongen in de hoek is gezet, lijkt de rebellie voorlopig neergeslagen. Tegelijkertijd zwelt de kritiek enkel verder aan. Ook gematigd progressieve stemmen voegen zich nu bij het koor van criticasters van de Europese politiek. De fijne breuklijnen tussen noord en zuid, links en rechts, eurofielen en eurosceptici waren er al langer. Ze zijn nu open en bloot aan de oppervlakte getreden, voor iedereen te zien. De weg naar Europese eenwording, een traject dat volgens Angela Merkel alternativlos en onomkeerbaar was, is zijn aura van onvermijdelijkheid kwijt.

Voor de linkse politiek is de Griekse crisis extra betekenisvol, omdat de vernederende ondergang van het neo-keynesiaanse alternatief is bewerkstelligd met openlijke steun van sociaal-democraten als Dijsselbloem, Samsom, de voorzitter van het Europees Parlement Martin Schulz en de Duitse vice-kanselier Sigmar Gabriel. De twee kampen zijn in de afgelopen maanden rechtstreeks tegenover elkaar komen te staan. Een scheiding der geesten heeft plaatsgevonden die eveneens haar uitwerking zal hebben op de Nederlandse politiek, al is het alleen al omdat het Griekse crisisbeleid veel overeenkomsten heeft met de koers die Dijsselbloem voorstaat in de rest van Europa, dus ook in Nederland.

Lees verder op de Groene via Blendle >>>

Sneven op Brusselse technocraten

De democratie in Europa wordt volgens Ewald Engelen al vele jaren met voeten getreden. Met de huidige Griekse crisis is een voorlopig dieptepunt bereikt en dat brengt de nodige risico’s met zich mee. ‘Voor je het weet creëer je martelaren van de democratie.’

Met het Dictaat van Athene bestaat er geen twijfel meer over het ware doel van het Europese project. De transformatie van nationale democratieën in oligarchische technocratieën, teneinde de neoliberale droom van de European Roundtable of Industrialists uit de vroege jaren tachtig eindelijk te kunnen voltooien: totale mobilisatie voor de export.

Argwanende zielen hadden het al eerder door. Begin jaren negentig bijvoorbeeld, met de introductie van de Interne Markt, die de Europese gemeenschap transformeerde tot een paradijs voor loonkostenarbitreurs en laagopgeleide Nederlanders voor het eerst confronteerde met wat het betekende om te moeten concurreren met veel goedkopere Grieken, Portugezen en Spanjaarden. Of eind jaren negentig, toen de Europese elite aanstuurde op een monetaire unie tussen landen met uiteenlopende verdiencapaciteiten, geschiedenissen en culturen. Of in 2005, toen het afgewezen gedrocht van een Europese Constititutie via de achterdeur alsnog werd ingevoerd.

Of in 2010, toen Merkel de Griekse en Italiaanse democratische mandaten met voeten trad door er twee meegaande vazallen te parachuteren, die moesten uitvoeren wat gekozen regeringen weigerden te doen: het afbreken van sociale grondrechten. Of in 2012, toen Brusselse technocraten in samenspraak met gekozen regeringsleiders buiten het zicht van nationale parlementen een begrotingsgevangenis optuigden die tekorten ongrondwettelijk maakte en daarmee de beleidsruimte voor toekomstige regeringen beperkte tot wat volgens de neoliberale leer acceptabel was.

Of in 2013 toen de Raad van State een onthutsende ‘Voorlichting’ publiceerde waarin dit gezaghebbende college van staat haar grote zorgen uitsprak over de gevolgen voor de Nederlandse beleidssoevereiniteit van het zogenaamde ‘Europese semester’, dat begin en eind van de Nederlandse begrotingscyclus naar Brussel verschoof – en waar in de Tweede Kamer vervolgens geen haan naar kraaide.

Werden de eerste stappen naar technocratië nog verguld met gloedvolle verhalen van voorspoed, vrede en democratie, sinds 2010 wordt de ene Ausnahmezustand aan de andere geregen om nieuwe schreden op het pad naar voltooiing van de Unie te kunnen zetten zonder te worden gedwarsboomd door onwillige kiezers, opgezweept door wat sinds de crisis populistische rattenvangers heten. Ik gebruik hier met opzet het Duits. Want wat er de afgelopen jaren in Brussel is gebeurd, lijkt zo van de nationaal-socialistische rechtsfilosoof Carl Schmitt te zijn afgekeken.

Lees deze column van Ewald Engelen verder op FTM >>>

Greece is the latest battleground in the financial elite’s war on democracy

From laissez-faire economics in 18th-century India to neoliberalism in today’s Europe the subordination of human welfare to power is a brutal tradition.

Greece may be financially bankrupt, but the troika is politically bankrupt. Those who persecute this nation wield illegitimate, undemocratic powers, powers of the kind now afflicting us all. Consider the International Monetary Fund. The distribution of power here was perfectly stitched up: IMF decisions require an 85% majority, and the US holds 17% of the votes.

The IMF is controlled by the rich, and governs the poor on their behalf. It’s now doing to Greece what it has done to one poor nation after another, from Argentina to Zambia. Its structural adjustment programmes have forced scores of elected governments to dismantle public spending, destroying health, education and all the means by which the wretched of the earth might improve their lives.

The same programme is imposed regardless of circumstance: every country the IMF colonises must place the control of inflation ahead of other economic objectives; immediately remove barriers to trade and the flow of capital; liberalise its banking system; reduce government spending on everything bar debt repayments; and privatise assets that can be sold to foreign investors.

Using the threat of its self-fulfilling prophecy (it warns the financial markets that countries that don’t submit to its demands are doomed), it has forced governments to abandon progressive policies. Almost single-handedly, it engineered the 1997 Asian financial crisis: by forcing governments to remove capital controls, it opened currencies to attack by financial speculators. Only countries such as Malaysia and China, which refused to cave in, escaped.

Consider the European Central Bank. Like most other central banks, it enjoys “political independence”. This does not mean that it is free from politics, only that it is free from democracy. It is ruled instead by the financial sector, whose interests it is constitutionally obliged to champion through its inflation target of around 2%. Ever mindful of where power lies, it has exceeded this mandate, inflicting deflation and epic unemployment on poorer members of the eurozone.

Lees deze fantastische column van George Monbiot verder op The Guardian

Tsipras: dit is een viering van de democratie

‘Wij Grieken zijn vastbesloten onze toekomst in eigen hand te nemen. Wat er zondag ook gebeurt, dit is een viering van de democratie”. Dat zei de Griekse premier Alex Tsipras vrijdagavond in het centrum van Athene, waar hij tienduizenden demonstranten toesprak.

Wij Grieken zijn vastbesloten onze toekomst in eigen hand te nemen. Wat er zondag ook gebeurt, dit is een viering van de democratie”. Dat zei de Griekse premier Alex Tsipras vrijdagavond in het centrum van Athene, waar hij tienduizenden demonstranten toesprak.

Hij riep de Grieken opnieuw op ‘nee’ te stemmen bij het referendum van komende zondag. Tien miljoen Grieken mogen zich dan uitspreken over meer hervormingen in ruil voor extra steun in Griekenland. ‘Laten we een trots ‘nee’ zeggen tegen ultimatums en tegen degenen die ons chanteren”, aldus Tsipras. ‘Met een tegenstem kiest de Griek ervoor in waardigheid te leven in Europa.”

Hij kreeg bijval van de menigte, die ‘Ochi, ochi, ochi” (Nee, nee, nee) scandeerde. In Athene zijn vrijdagavond zowel voorstanders als tegenstanders van hervormingen de straat opgegaan. Er is veel politie op de been om ja- en nee-stemmers uit elkaar te houden. Peilingen laten zien dat de twee kampen min of meer gelijk opgaan.

Lees verder op Trouw >>>

Overheid misleidt Nederlanders over vrijhandelsakkoord TTIP

De Nederlandse overheid en minister Lilianne Ploumen van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking lichten Nederlanders stelselmatig verkeerd voor over de gevolgen van het omstreden vrijhandelsakkoord TTIP.

Dat stelt voedselwaakhond foodwatch maandag.

“Zo worden cijfers selectief uit rapporten gehaald om een te positief beeld te schetsen, en de nadelige effecten van het vrijhandelsverdrag worden veelal genegeerd. Foodwatch vindt het schandalig dat de overheid haar burgers zo eenzijdig informeert over een onderwerp waarover heel veel mensen zich zorgen maken”, aldus de organisatie.

Het gaat om het zogeheten Transatlantic Trade & Investment Partnership (TTIP), ofwel het trans-Atlantisch handels- en investeringsverdrag, dat moet zorgen voor een goedkoper en eenvoudiger handel.

De voornaamste kritiek tegen TTIP is dat door het openstellen van de handel, de democratie en autonomie van landen ondermijnd gaat worden. Bovendien vrezen tegenstanders dat Europese regels voor voedsel en veiligheid op de helling gaan.

Foodwatch heeft in een open brief Ploumen “de vijf grootste misleidingen” van de overheid rond TTIP op een rij gezet. Onder meer worden de risico’s voor de democratie en voor de beleidsvrijheid van nationale bewindslieden op het gebied van volksgezondheid, milieu, en consumentenrechten stelselmatig onderbelicht.

Zo’n 390 maatschappelijke organisaties in Europa hebben inmiddels meer dan twee miljoen handtekeningen verzameld tegen TTIP.

Doe mee aan de e-mailactie van Foodwatch >>>

Greece crisis: ‘What kind of Europe is this that uses the euro as a tool of submission?’

“Going back to a national currency, my God, that will be a huge setback,” says a woman, walking away from the Alpha Bank cash machine off Syntagma Square near the Greek parliament in Athens. Her bid to withdraw euros has been unsuccessful: cash has dried up at the ATM.

After the Greek Prime Minister Alexis Tsipras’s shock announcement to call a referendum this weekend, queues have started lining up outside banks in Athens, lending credence to fears of a renewed “run” on Greek banks. Near Syntagma Square, Greeks continued to line up outside ATMs in an effort to withdraw some savings to help with payments as uncertainty remained about whether banks would open today.

Dimitrios Dedes, a retired military serviceman, was queuing outside the Ethniki Bank, the National Bank of Greece, further down from Syntagma. The 55-year-old said he would only withdraw some cash for daily expenses. How will he vote in Saturday’s referendum? he was asked. “No,” he says.

“We must chase fear away and gain our sovereignty back. What kind of Europe is this? It is using the euro as a tool of submission. A country’s strength is reflected by its independent flag flying high and control over its national currency – it’s time we regain our currency before we lose both.”

Lees verder op The Independent >>>

The blame game has begun

A hundred and one years ago on Sunday, gun shots rang out in a city in southern Europe. Few at the time paid much heed to the assassination of Archduke Franz Ferdinand and his wife as they drove through the streets of Sarajevo. Within six weeks, however, Europe was at war.

Make no mistake, the decision by Alexis Tsipras to hold a referendum on the bailout terms being demanded of his country has the potential to be a Sarajevo moment. The crisis is not just about whether there is soon to be a bank run in Greece, although there is certainly the threat of one. It is not just about whether the creditors overplayed their hand in the negotiations, although they did. It is about the future of the euro itself.
Greek banks to stay closed on Monday
Read more

There will be much talk in the next few days about how Greece can be quarantined. The three people who have been leading the negotiations for the troika – Christine Lagarde of the International Monetary Fund, Jean-Claude Juncker of the European commission and Mario Draghi of the European Central Bank – can still cling to the hope that Tsipras will lose the referendum next Sunday.

In those circumstances, the Syriza-led coalition would have little choice but to hold an election. The return of a government headed by, for example, the centre-right New Democracy, would open up the possibility that Athens would sue for peace on the terms demanded by the troika.

There is, however, no guarantee of this. The troika was certain last week that Tsipras would fold when presented with a final take-it-or-leave-it offer. They were wrong. The Fund, the ECB and the European commission made a fatal misjudgement and have now lost control of events.

Lees deze column van Larry Elliott verder op The Guardian >>>

The moral crusade against Greece must be opposed

The idea that Greece partly deserves its fate reflects an order in which wealth trumps democracy. We should fight a narrative that enfeebles us all.

‘This is our political alternative to neoliberalism and to the neoliberal process of European integration: democracy, more democracy and even deeper democracy,” said Alexis Tsipras on 18 January 2014 in a debate organised by the Dutch Socialist party in Amersfoort. Now the moment of deepest democracy looms, as the Greek people go to the polls on Sunday to vote for or against the next round of austerity.

Unfortunately, Sunday’s choice will be between endless austerity and immediate chaos. As comfortable as it is to argue from the sidelines that maybe Grexit in the medium term won’t hurt as much as 30 years’ drag on GDP from swingeing repayments, no sane person wants either. The vision that Syriza swept to power on was that if you spoke truth to the troika plainly and in broad daylight, they would have to acknowledge that austerity was suffocating Greece.

They have acknowledged no such thing. Whatever else one could say about the handling of the crisis, and whatever becomes of the euro, Sunday will be the moment that unstoppable democracy meets immovable supra-democracy. The Eurogroup has already won: the Greek people can vote any way they like – but what they want, they cannot have.

Lees verder op The Guardian >>>

Greece crisis: a disaster for Athens and a colossal failure for the EU

After three crises in as many days, the collective performance of the eurozones governments inspires little hope or confidence in their crisis management.

Five years from its inception, the world’s biggest bailout of a sovereign state will grind to an excruciating halt on Tuesday, theoretically leaving Greece high and dry and on its own under a leftwing government bitterly accusing the EU elite of deliberately using the country as a neo-liberal laboratory.

If the experiment has been a disaster for Greece, it is also a colossal failure for Europe, with the result that at the very apex of leadership the EU nowadays resembles an unhappy assembly of squabbling politicians locked in what could not be called an “ever closer union”.

Take just the last few days. On Thursday leaders at a summit contemplated formally for the first time, however briefly, the prospect of Britain leaving the EU. By three o’clock on Friday morning they were all at one another’s throats in an unseemly quarrel over who should take part in accommodating a mere 40,000 refugees from Italy and Greece over two years, and on what terms. On Saturday, 18 governments of the eurozone cut Greece off and initiated a process that could end in pushing Athens out of the currency and perhaps out of the union.

Three days, three crises, and a collective performance that inspires little hope or confidence in their crisis management.

The air is already thick with recrimination, not just between Greece and the rest of Europe, but among the Europeans. France says that Greece must be saved, Germany says impossible. The European commission is seeking to revive negotiation that are on their deathbed. The Finnish finance minister, Alex Stubb, is looking forward to the funeral. The International Monetary Fund is at odds with the Europeans over the levels of Greek debt.

Everywhere there is the sight of leaders seeking to escape responsibility for a sorry state of affairs.

Lees verder op The Guardian >>>

Kamer is klaar met kleintjes

Met zestien fracties in de Tweede Kamer is voor veel partijen de grens bereikt. Er moet maar eens gekeken worden hoe die ongebreidelde groei van fracties kan worden gekeerd. De Kamerleden die gisteren in het jaarlijkse debat de politieke huisregels bespraken, hebben het dagelijks bestuur van de Kamer opdracht gegeven hiervoor plannen uit te werken.

Grotere partijen als VVD, PvdA, CDA en D66 vinden het hoge aantal fracties dat door afsplitsingen is ontstaan problematisch. De kiezer kan zich bedot voelen, het vergaderen en stemmen duurt langer en fracties kunnen gaandeweg krimpen, sommen ze op. Zo heeft de coalitie door drie vertrokken fractiegenoten nog maar 76 zetels over in de Tweede Kamer; de kleinst mogelijke meerderheid. “Stel dat dat nog eens doorfokt zo”, schetst D66’er Gerard Schouw. “Dan hebben we straks 25 fracties. Dat is toch veel te veel?”

Maar wat eraan te doen? De Grondwet kent het fenomeen fractie niet. Kamerleden worden individueel en onafhankelijk gekozen. Dat zij zich onder de vlag van een partij als fractie organiseren, is een historisch gegroeid gebruik, maar voor de Grondwet geen verplichting. Afsplitsen heeft dan ook weinig gevolgen voor de rechten en plichten van een Kamerlid. Hij blijft zijn Kamerlidvergoeding krijgen, behoudt het recht op amendement en het indienen van initiatiefwetsvoorstellen.

Lees verder op Trouw >>>

Burgerinitiatief tegen Politieke Benoemingen

Doel van Burgercomité EU is niet alleen Nederland zo snel mogelijk uit de EU te krijgen, maar ook een grondige hervorming van onze democratie. Politieke patronage, nomenklatoera, old boys network, vriendjespolitiek. Het zijn termen die opkomen als je kijkt naar het Nederlandse systeem van publieke benoemingen. Lidmaatschap van een van de gevestigde partijen is vaak een voorwaarde om een functie als burgemeester, topambtenaar of lid van een van de vele adviesraden te kunnen verkrijgen. Daarom roepen wij u graag op om te tekenen voor het Burgerinitiatief tegen Politieke Benoemingen van Meer Democratie!

Lees en teken het burgerinitiatief op de website van Meer Democratie >>>

Hoe D66 symbool ging staan voor het einde van de democratie

Bijna vijftig jaar geleden werd D66 opgericht om het Nederlandse politieke bestel ‘op te blazen.’ De partij van Hans van Mierlo zou een nieuwe democratie vestigen. Maar het liep heel anders: inmiddels staat de partij als geen ander symbool voor het einde van de democratie.

Het is 17 februari 1967 als op de voorpagina van The New York Times een foto prijkt van een juichende menigte in de Amsterdamse RAI. In het midden van de foto staat een breed grijzende man. Terwijl om hem heen vijfhonderd mensen in juichen zijn uitgebarsten, houdt hij zijn bierflesje triomfantelijk in de lucht.

Het is de tijd van de provo’s en de hippies, van de flower power en The Beatles. En het is de tijd van radicale vernieuwing. The New York Times vertelt over ‘een soort van intellectuele elite’ die vastbesloten is om de Nederlandse politiek op te blazen. Vooral jonge kiezers voelen zich aangetrokken tot deze nieuwe partij en haar charismatische voorman, die ook wel de ‘Nederlandse Kennedy’ wordt genoemd. Zijn naam? Dr. Hans van Mierlo.

Wie vandaag de dag bladert door het eerste verkiezingsprogramma van D66 – want daar ging het krantenbericht over – zal zich verbazen over hoe radicaal de partij toen nog was. Het begon met de eis om meer democratie: een verkozen minister-president, een verkozen burgemeester en de opheffing van de Eerste Kamer.

Maar ook in economisch opzicht pleitte D66 voor grote omwentelingen. Zo zou iedere Nederlander recht hebben op een ‘welvaartsvast minimumloon.’ De regering moest zorgen voor volledige werkgelegenheid, meer inspraak voor werknemers en hogere belastingen op topinkomens. De staat zou dan ook flink moeten groeien. D66 vond dat de overheidsuitgaven in ieder geval niet ‘dogmatisch vastgelegd’ mochten worden ‘op een bepaald percentage.’

Het was tijd om af te rekenen met de oude dogma’s. ‘Als we zaten te praten in zo’n rokerig zaaltje, dan ging het nooit over de partijstructuur, maar over onze idealen,’ zou lid van het eerste uur Laurens-Jan Brinkhorst zich later herinneren. ‘We hadden de ontploffingstheorie. Partijen zoals de VVD en de PvdA moesten ontploffen.’

Flashforward naar 25 april 2009.

Alexander Pechtold, de nieuwe leider van D66, en Hans van Mierlo, zijn politieke grootvader, worden voor het eerst samen geïnterviewd. In de loop van het gesprek begint de inmiddels 77 jaar oude politicus te mijmeren over de verbrokkeling van het partijlandschap.

Lees deze geweldige artikel column van Rutger Bregman verder op De Correspondent >>>

Draghi wil de EU voortaan regeren vanuit Frankfurt

Mario Draghi, de voorzitter van de Europese Centrale Bank (ECB), waarschuwt dat de grote economische verschillen tussen de landen van de eurozone een bedreiging vormen voor de monetaire unie. Dat heeft hij zaterdag gezegd op het slotdebat van een ECB-conferentie in het Portugese Sintra.

Een 150-tal economen en centraal bankiers debatteerde vrijdag en zaterdag op uitnodiging van de ECB over inflatie en werkloosheid in Europa. De jaarlijkse ECB-conferentie in Sintra is de Europese tegenhanger van de bekende conferentie die de Amerikaanse centrale bank elke zomer houdt in Jackson Hole.

‘In een economische en monetaire unie kan je je geen grote en stijgende divergenties tussen landen veroorloven. Ze hebben de neiging explosief te worden’, zei Draghi. ‘Vooral in een economische en monetaire unie moet een centrale bank commentaar geven op zaken die de prijsstabiliteit bemoeilijken en het bestaan van de unie ondermijnen.’

Hij verwees impliciet naar de grote verschillen op het vlak van werkloosheid. De Italiaanse econoom Tito Boeri signaleerde dat de gemiddelde werkloosheidsgraad in de vier eurolanden met de hoogste werkloosheid (Griekenland, Spanje, Cyprus en Portugal) 15 procentpunten hoger is dan in de vier landen die het best presteren (Duitsland, Oostenrijk, Luxemburg en Malta). Die kloof is duidelijk groter dan voor de crisis van 2008.

Lees verder op De Tijd >>>

De illusie van democratie

‘Nederland helpt HEMA, HEMA helpt Nederland’.

Een veelzeggende en intrigerende verkoop-slogan. Is een commercieel bedrijf werkelijk in staat om Nederland te helpen? Het primaire doel van een commerciële onderneming is toch heus om van dubbeltjes kwartjes te maken. En daar is op zich natuurlijk helemaal niks mis mee. Sheldon Wolin, een Amerikaanse politieke filosoof en schrijver kijkt in zijn boek ‘Democracy Incorporated’ (2008) iets verder dan de gemiddelde Westerse neus lang is en signaleert een zorgwekkende ontwikkeling. Samenvattend stelt hij dat ondernemingen inmiddels ons leven bepalen, onze vrijheid inperken en ons reduceren tot ‘consumerende monaden’.

Complexiteit en globalisering hebben de wereld en haar dynamiek voor de meeste burgers (en bestuurders) ondoorgrondelijk gemaakt. We halen onze schouders op en kunnen nog net ‘aankoop voltooien’ bevestigen met onze vadsige vingertjes. Liegen en bedriegen zijn aan de orde van de dag, maar ‘we kunnen er niks mee’ want het is toch maar moedig dat topmannen van ABN Amro en ING afstand doen van hun bonus. Ondernemingen hebben alle belang bij deze collectieve passiviteit en als we het maar even dreigen te begrijpen worden we systematisch afgeleid met onzin-thema’s zoals Zwarte Piet, Fuck de Koning en een shitload aan zinloos entertainment. Dissidenten worden probleemloos genegeerd of gedemoniseerd.

Politieke verkiezingen hebben het niveau van een gemiddelde Miss-verkiezing en de kandidaat die het hardste roept ‘Omo wast toch schoner’ mag in zijn volgende termijn de belangen behartigen van de commercie, zoals van tevoren afgesproken. De illusie van de democratie wordt weer even opgetuigd en we zijn ontroerend in onze naïeve veronderstelling dat we echt invloed kunnen uitoefenen.

‘1984’ van George Orwell en ‘A brave new World’ van Aldous Huxley waren helaas nog nooit zo actueel.

Lees deze column van Esther van Fenema verder op The Post Online >>>

Europees Hof van Justitie heeft meer macht dan regeringsleiders

Ze prikken geen vorkje met Barack Obama en wisselen geen hatelijkheden uit met Vladimir Poetin. Hun gezichten zijn onbekend bij het publiek en er zit nooit een leger journalisten op ze te wachten, zoals bij de Europese Raad. Toch zijn de besluiten die de 21 mannen en zeven vrouwen in het Europese Hof van Justitie nemen soms belangrijker voor burgers en bedrijven dan die van de regeringsleiders.

Op 16 juni is het weer zover. Dan spreekt het Hof een oordeel uit over de vragen die het Duitse grondwettelijke hof heeft gesteld over de rechtmatigheid van het opkoopprogramma OMT van de Europese Centrale Bank. De Duitse rechters betwijfelen of de ECB dat mag doen, maar zullen zich waarschijnlijk schikken in een andersluidend oordeel van hun Europese collega’s.

De hooggeleerde rechters beraadslagen achter gesloten deuren. Ze besluiten met meerderheid van stemmen, maar maken niet bekend wie tegenstemt of waarom, zoals het Amerikaanse hooggerechtshof. Op die manier houden ze de intergouvernementele slagorde — iedere lidstaat benoemt een rechter — gesloten achter een communautair front. Want het Hof is meestal wel een aanjager van de Europese integratie. In het monumentale gebouw op de Luxemburgse Kirchberg hangt dan ook een plechtige atmosfeer. Van buiten doen de twee gouden torens van ieder 24 etages — één voor elke officiële EU-taal — denken aan de Twin Towers. Van binnen is het net de lobby van een duur en ouderwets hotel. Dat mag ook wel voor de € 500 miljoen die de Europese belastingbetalers ervoor hebben neergeteld.

Het is ook de enige EU-instelling waar het Frans zijn vooraanstaande positie heeft weten te behouden. De burger mag zijn recht halen in zijn eigen taal en in de processen is een van de 24 talen leidend. Maar de rechters moeten in één taal met elkaar de degens kruisen. Die lingua franca is nog altijd het Frans.

De besloten clubsfeer staat echter onder druk. Een sluimerend conflict over de uitbreiding van het Gerecht van Eerste Aanleg — het onderdeel van het Europees Hof waar burgers en bedrijven sinds 1989 rechtstreeks beroep kunnen instellen tegen EU-besluiten — kwam deze week tot een climax met een besloten hoorzitting in het Europees Parlement. Uitbreiding zou dringend nodig zijn om de grote achterstand van zaken weg te werken. Er liggen al vijf eisen tot schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke procestermijn.

Het Hof, dat vreemd genoeg zelf wetsvoorstellen mag indienen, vroeg daarom twaalf extra rechters. Maar na vier jaar praten, konden grote en kleine lidstaten geen antwoord bedenken op een klassieke Europese rekensom: hoe deel je 12 door 28? Ze adviseerden de president van het Hof, de Griek Vassilios Skouris, zeer discreet om een klassieke Europese oplossing aan te dragen: ‘Vraag er 28. Dan praat niemand er meer over.’ Skouris liet het zich geen twee maal zeggen. Hij integreert het zeven leden tellende Gerecht voor Ambtenarenzaken in het Gerecht voor Eerste Aanleg, en claimt er 21 rechters bij. Dat maakt 56, precies twee per lidstaat.

De strijd is echter niet gestreden.

Lees verder op het Financieele Dagblad >>>

De Homo Blablaticus beseft waarde van anonimiteit niet

Wie pleit voor het opheffen van de anonimiteit op internet beseft niet dat het in een groot deel van de wereld bittere noodzaak is om je anoniem op internet te begeven, om kritische vragen te kunnen stellen over geloof en regering, om taboes bespreekbaar te maken en om revoluties te ontketenen.

Vorige week schreef Wim van Etten het artikel ‘Dood aan de Homo Internetticus!’ Hierin pleit hij voor invoering van een internet-rijbewijs om anonimiteit en onbeschoft gedrag online tegen te gaan, en zo te voorkomen dat de individuele vrijheid het leven van anderen vergalt en dat niemand zich meer beschikbaar stelt voor een publieke functie. Is dit een slecht verwoorde satire? Het resultaat van een schrijfcursus bij de dagbesteding? Nee, het stuk van Van Etten legt een veel breder probleem in ons land bloot: de wildgroei van de Homo Blablaticus.

Wij zijn zo ver van serieuze kwesties verwijderd, dat ons denkniveau een permanent koffie-met-speculaasgehalte heeft bereikt. Feitenvrij, inzoomend op gevoel en mikkend op het succes van de gedeelde beleving. Waar je zou verwachten dat ons perspectief in deze geglobaliseerde wereld niet meer eindigt bij de dijken, zijn wij kleingeestiger dan ooit.

Als we op een paar zandzakken gaan staan, zien we bijvoorbeeld dat het in de rest van de wereld bittere noodzaak is je anoniem op internet te begeven, om niet te worden vermoord of gevangen genomen. Om kritische (‘onfatsoenlijke’) vragen te kunnen stellen over geloof en regering, om taboes bespreekbaar te maken over seksualiteit, misbruik en onderdrukking. Om revoluties te ontketenen: groot, zoals de Arabische Lente, of klein, zoals op het Chinese equivalent van Twitter, Sina Weibo.

Deze laatste wordt als een zodanige bedreiging voor de zittende macht ervaren, dat na censuur nu een verbod op anonimiteit wordt voorbereid. Ik zou me doodschamen als de mensen die in deze strijd hun leven wagen, wisten dat ons debat over essentiële vrijheden is gemarginaliseerd tot infantiel geklaag over onfatsoenlijk taalgebruik. Of zijn we vergeten waar de vrijheid van meningsuiting werkelijk over gaat? Dat een menselijk bestaan, noch een democratie, mogelijk is zonder onszelf en elkaar aan het woord te laten; zonder je een oordeel te kunnen vormen nadat je tegenwerpingen hebt gehoord? Dat dit neveneffecten heeft kan daaraan geen afbreuk doen.

Lees verder op de Volkskrant >>>