Greek expulsion from the euro would demolish EMU’s contagion firewall

Should EMU leaders choose to cut off liquidity support for the Greek banking system they might find that their contagion defences are a fiction.

We know from memoirs and a torrent of leaks that Europe’s creditor bloc came frighteningly close to ejecting Greece from the euro in early 2012, and would have done so with relish.

Former US Treasury Secretary Tim Geithner has described the mood at a G7 conclave in Canada in February of that year all too vividly. “The Europeans came into that meeting basically saying: ‘We’re going to teach the Greeks a lesson. They are really terrible. They lied to us, and we’re going to crush them,’” he said.

“I just made very clear right then: if you want to be tough on them, that’s fine, but you have to make sure that you’re not going to allow the crisis to spread beyond Greece.”

German chancellor Angela Merkel did later retreat but only once it was clear from stress in the bond markets that Italy and Spain would be swept away in the ensuing panic, setting off an EMU-wide systemic crisis.

The prevailing view in Berlin and even Brussels is that no such risk exists today: Europe has since created a ring of firewalls; debtor states have been knocked into shape by their EMU drill sergeants.

The democratic drama unfolding in Greece this month is therefore a local matter. If Syriza rebels win power on January 25 and carry out threats to repudiate the EU-IMF Troika Memorandum from their “first day in office”, Greece alone will suffer the consequences.

“I believe that monetary union can today handle a Greek exit,” said Michael Hüther, head of Germany’s IW institute. “The knock-on effects would be limited. There has been institutional progress such as the banking union. Europe is far less easily blackmailed than it was three years ago.”

This loosely is the “German view”, summed up pithily by Berenberg’s Holger Schmieding: “We’re looking at a Greece problem, the euro crisis is over. I do not expect markets to seriously contest the contagion defences of Europe.”

It sounds plausible. Bond yields in Italy, Spain and Portugal touched a record low this week. Yet it rests on the overarching assumption that the Merkel plan of austerity and “internal devaluation” has succeeded. An army of critics retort that the underlying picture is turning blacker by the day.

Europe’s rescue apparatus is not what it seems. The banking union belies its name. It is merely a supervision union. Each EMU state bears the burden for rescuing its own lenders. Europe’s leaders never delivered on their promise to “break the vicious circle between banks and sovereigns”.

Lees deze column van Ambrose Evans Pritchard verder op The Telegraph

Duitse regering gelooft dat eurozone een Grexit overleeft

In geval van nood is een ‘Grexit’, de Griekse uittreding uit de eurozone, voor de Duitse regering bespreekbaar. Dat meldt het Duitse weekblad Der Spiegel op basis van anonieme regeringsbronnen.

Het besmettingsgevaar voor andere EU-landen zou zijn geweken nu landen als Portugal en Ierland zijn aangesterkt. Bovendien heeft de eurozone inmiddels het Europese Stabiliteits Mechanisme (ESM), het reddingsfonds van de eurozone en kunnen banken gered worden door de nieuwe bankenunie, zo verklaarde een anonieme bron binnen de Duitse regering aan Der Spiegel.

De regering wil geen reactie geven op de berichtgeving. Een Grexit was voor Berlijn tot nu toe onbespreekbaar. Er was grote vrees voor besmettingsgevaar: als één land de euro uit stapt, kunnen anderen dat ook. Daardoor kan er telkens existentiële paniek in landen uitbreken en een kapitaalvlucht (van spaarders en beleggers) in gang zetten.

In Griekenland worden vervroegde verkiezingen gehouden. Door de Europese miljardenleningen aan het land, en door de nieuwe onrust die Griekenland in de eurozone kan veroorzaken, heeft de hele Europee Unie belang bij de uitslag van de stembusgang. “Nieuwe verkiezingen zullen de akkoorden die wij hebben gesloten met de Griekse regering niet veranderen”, zei de Duitse minister van Financiën Wolfgang Schäuble in een reactie.

Bron: NRC

Europese leiders zoeken naar een ‘Grexit’ zonder besmettingsgevaar

Bij de vervroegde Griekse verkiezingen staat niets minder op het spel dan de gedroomde Europese consensus. Europa, met Merkel voorop, zoekt alvast een mogelijkheid om Athene uit de eurozone te werken zonder dat andere lidstaten volgen.

Op 26 juli 2012 zei de president van de Europese Centrale Bank (ECB), Mario Draghi, dat zijn instelling ‘alles zou doen dat nodig is om de euro te redden’. En ja hoor, de markten geloofden hem en de rentes in de schuldenlanden daalden aanzienlijk.

De vervroegde parlementsverkiezingen in Griekenland op 25 januari en de voorspelde winst van de radicaal-linkse partij Syriza doen de Griekse rente echter weer stijgen. De markten vrezen dat Syriza zal breken met de Europese afspraken om de Griekse economie te hervormen.

In Athene staat straks niets minder op het spel dan de gedroomde Europese consensus. Gideon Rachman legde onlangs in de Britse zakenkrant Financial Times uit hoe die consensus zou moeten functioneren.

Europese politici uit het politieke midden besluiten om de arbeidsmarkt te hervormen, waardoor markten opgelucht ademhalen, de rente daalt en de economie verbetert. Vervolgens besluiten kiezers te stemmen op politici in het centrum, die immers hebben bewezen in staat te zijn om succesvolle hervormingen door te voeren.

Helaas kan het ook anders gaan, zo laat Griekenland zien. Economische crisis en oplopende werkloosheid geven radicale politieke partijen vleugels waardoor markten zenuwachtig raken en de rente oploopt. Het gevolg is dat de schuldenlasten stijgen en er nog meer moet worden bezuinigd waardoor de politiek nog verder radicaliseert.

In Griekenland leek het er even op dat deze vicieuze cirkel was doorbroken toen het afgelopen jaar de Griekse economie opeens groeide met 0,7 procent. Helaas is die groei te mager om het land te redden. Als het land tot 2020 elk jaar met 3 procent groeit, is de staatsschuld nog steeds twee keer hoger dan de Maastricht-norm van 60 procent van het nationaal inkomen.

Oppositie voeren is voor Syriza dus een eitje.

Lees deze column van Arend Jan Boekestijn verder op Elsevier