Brussel heeft kritiek op Duits minimumloon transportsector

Tja, de open grenzen brengen een versnelling in ‘the race to the bottom’ met zich mee door steeds lagere lonen voor vrachtwagenchauffeurs. Duitsland tracht zijn burgers daartegen te beschermen. Door EU-regelgeving kan dat helaas niet anders dan een ingewikkeld gedrocht worden. Maar: mag niet. Zeggenschap in eigen land, over eigen samenleving? Vergeet het.

De Europese Commissie heeft kritiek op het feit dat het minimum ook geldt voor buitenlandse vervoerders die door Duitsland rijden.

Brussel vermoedt dat Duitsland daarmee Europese regelgeving schendt. Het minimumloon voor chauffeurs in dienst van buitenlandse transporteurs zou het vrije verkeer van goederen en diensten “onevenredig” beperken. De Duitse autoriteiten hebben nu twee maanden de tijd om te reageren, aldus de commissie dinsdag. Onder meer Poolse bedrijven hadden geklaagd, omdat zij hun chauffeurs plotseling meer moeten betalen. Zij vrezen het onderspit te delven in de felle concurrentiestrijd.

De Nederlandse verladersorganisatie EVO stelt dat voor Nederland vooral de administratieve rompslomp rond het Duitse minimumloon een zware wissel op de handel legt. Nederlandse bedrijven, van agrariërs die hun producten naar Duitsland vervoeren tot aannemers die in Duitsland werken, moeten immers allemaal kunnen aantonen dat ze het minimumloon betalen of betaald krijgen.

De maatregel dwingt werkgevers om hun volledige loonadministratie in het Duits te vertalen. Ook kan de Duitse douane werkzaamheden stilleggen om bewijsmiddelen op te vragen. Ondernemers weten dan ook vaak niet welke documenten er noodzakelijk zijn om mee te nemen, aldus de EVO in een verklaring.

Bron: Nu

Moldaviërs halen Roemenen in

West-Europese transportbedrijven die massaal chauffeurs inhuren uit landen als Bulgarije en Roemenië en die Nederlanders grotendeels verdrongen hebben, halen inmiddels nog goedkopere arbeidskrachten uit Moldavië, Oekraïne en Macedonië. FNV Bondgenoten kwam er gisteren tientallen tegen tijdens een grote enquête-actie langs de snelwegen.

Stampvol met vrachtwagens staat het zoals elk weekend op het parkeerterrein achter het Shell-station Portland aan de A15 bij Rhoon. Tientallen Oost-Europese chauffeurs koken er hun potje koken, drinken een biertje, luieren in hun cabines en hangen wat rond tijdens hun verplichte weekendrust. Tijdens de regen schuilen sommigen in en rond hun opleggers. Het zijn vooral veel Roemenen die we er deze zondag tegenkomen. We zien er verder Hongaren, Bulgaren, Slowaken en Polen. Maar ook zij hebben inmiddels concurrentie. Van buiten de EU komen nu nog goedkopere chauffeurs.

„Do you speak English, sprechen sie Deutsch?”, vraagt vakbondsbestuurder Edwin Atema bij de deur van een vrachtwagen met een Pools kenteken van een Nederlands bedrijf. „Ruski”, is het antwoord van de kale man die in ontbloot bovenlijf zijn portier heeft geopend en uiteindelijk Moldaviër blijkt. Na wat pogingen van een kaderlid van de bond om in gebrekkig Russisch een gesprek te voeren, neemt hij een van de folders aan en sluit hij weer zijn deur.

Ze worden steeds exotischer, de Oost-Europese chauffeurs die het stuur hebben overgenomen op het overgrote deel van de internationale ritten die Nederlandse transportbedrijven uitvoeren. „Even verderop bij Vlaardingen hebben we nog tien Moldaviërs gezien”, zegt een van de circa 30 kaderleden die gisteren enkele honderden buitenlandse chauffeurs ondervroegen naar hun werkomstandigheden. „Aardige lui, maar de Roemenen die er naast stonden, konden hen wel schieten! Die Moldaviërs zijn namelijk nog goedkoper. Zij rijden voor €1300, terwijl Roemenen nog €1500 per maand verdienen. Een collega sprak net een Oekraïner, die in gesprek raakte met een Pool, die voor hetzelfde bedrijf reed maar toch meer verdiende.”

De chauffeurs zijn vaak maanden van huis, met telkens onderbrekingen van een paar weken tot een maand waarin ze even –onbetaald- hun familie zien. De enige reden dat ze hier rijden, is dat ze goedkoop willen werken.

Bovenop de paar honderd euro die ze formeel aan salaris verdienen, ontvangen ze een onkostenvergoeding van enkele tientjes per dag waar geen belasting of premies over hoeft te worden betaald. Die onkostenvergoeding vormt het leeuwendeel van het geld dat ze aan het eind van de maand in handen hebben. Voor een bedrijf dat een Nederlandse chauffeur volgens de cao betaalt, is hiertegen nauwelijks te concurreren.

Lees verder op De Telegraaf