Laat noch Poetin noch VS onze stem bepalen

Het verdrag met Oekraïne is vooral goed voor de VS. Stem dus tegen.

Het is gênant, maar de voorstanders van het associatieverdrag met Oekraïne hebben niet slechts een zwak, maar zelfs helemaal geen verhaal. Vandaar dat de voorstanders zich al vanaf het begin van de campagne gedwongen zagen om op de proppen te komen met een enge boeman, die Poetin heet. Een stem voor het verdrag is een stem voor Poetin, wordt beweerd.

Oké. Maar het bestrijden van IS, een grote vijand van Poetin, is ook in zijn voordeel, gaan we daar dus mee stoppen? En Poetin houdt van judo, misschien moeten we de judoverenigingen in ons land verbieden? We willen immers toch Poetin niet in de kaart spelen? Moeten we, bij het afsluiten van verdragen, ons laten leiden, zoals de voorstanders bepleiten, door wat Poetin daar wel of niet van zou kunnen vinden, gesteld dat we dat al kunnen weten? Nee natuurlijk! We laten onze oren juist naar Poetin hangen als we het wel of niet tekenen van een verdrag met een ander land afhankelijk maken van wat Poetin hier wel of niet over zou denken. Het is een teken van zwakte en niet van kracht ons door anderen te laten dicteren waar we al dan niet mee moeten instemmen.

Het feit dat Rusland niet blij is met dit associatieverdrag betekent niet automatisch dat wij er wel blij mee moeten zijn. Net zoals het feit dat Rusland nu in Syrië vecht tegen IS niet betekent dat we IS automatisch tot onze bondgenoot moeten verklaren. Bovendien, het voortbestaan van dit associatieverdrag betekent een bevestiging en verharding van de huidige tweedeling in Oekraïne en deze tweedeling heeft het voor Rusland mogelijk gemaakt grote delen van Oekraïne onder haar gezag te plaatsen. En zo spelen dus juist de ‘nuttige idioten’ die voor dit associatieverdrag pleiten zonder het te weten Poetin in de kaart.

Trouwens, het simplistische zwartwit schema ‘EU goed, Rusland slecht’ (het lijkt wel een B-film) is kinderlijk en niet serieus te nemen. Op zijn minst zijn er geen ‘good guys’ en ‘bad guys’ in deze burgeroorlog aan te wijzen en zijn Rusland en EU even schuldig aan het uitbreken ervan.

Hoewel, als er dan toch per se een ‘schuldige’ moet worden aangewezen dan moeten we erkennen dat de Russische steun aan de rebellen in de Donbass-regio pas werd gegeven nadat de EU een deel van de bevolking had opgehitst en aangezet tot het plegen van een gewelddadige coup tegen een democratisch gekozen – zij het volstrekt corrupte – regering. Dat de EU, net als de VS, overal ter wereld maar zou moeten interveniëren om ‘verlichting en democratie’ te brengen (of gewoon om ordinaire geopolitieke redenen?), is een onder eurofielen welig tierend, hardnekkig en nauwelijks uit te roeien geloof.

Ten slotte, het intrekken van het verdrag zou niet alleen voor onszelf het beste zijn, maar ook voor Oekraïne. Dat Rusland hier ook blij mee zal zijn is alleen maar mooi meegenomen, want er is niets op tegen om vriendelijke relaties met Rusland te onderhouden.

Waarom zouden we Rusland ontzeggen, wat we wel doen met een land als Saoedi-Arabië, dat begin dit jaar tientallen gevangenen heeft onthoofd en waar vrouwen tweederangs burgers zijn en niet mogen stemmen?

Met dit referendum heeft Nederland nu een unieke kans om tegen dit associatieverdrag te stemmen en zo te voorkomen dat de spanningen in het oosten van Europa verder oplopen.

Laten we ‘nee’ zeggen tegen een door de Amerikanen gepropageerd, neoconservatief en agressief beleid, waarbij de confrontatie met Rusland wordt gezocht ten koste van de stabiliteit op ons continent.

Dit artikel werd gepubliceerd in Trouw op 5 april 2016

Regering speelt vals om ja-stem referendum af te dwingen

Om het heilige ‘Europese project’ te beschermen, ondermijnt de regering het democratisch proces.

De campagne is nu vol op stoom. Wij, het Burgercomité-EU, en anderen uit het ‘tegenkamp’ hebben nauwkeurig en specifiek aangegeven – vaak met de artikelnummers van het verdrag erbij – wat er volgens ons allemaal mis is met het verdrag. En dat is veel, zoveel zelfs dat we het in een klein pamflet getiteld En daarom nee hebben gepubliceerd. De voorstanders hebben hier tot nu toe op een paar algemene kreten na – Handelsverdrag! Samenwerking! Veiligheid! – niets tegen in gebracht. De vraag is natuurlijk of een associatieverdrag daadwerkelijk de handel, veiligheid en samenwerking bevordert en of het wel te rijmen is met onze democratische waarden, niet alleen die van ons land, maar ook die van Oekraïne.

Wel heeft de regering intussen het democratisch proces zelf ondermijnd. Dat baart ons enorm zorgen. Als je het spel niet eerlijk kunt winnen behoor je niet te gaan valsspelen. Zeker niet als regering en zeker niet met zoiets belangrijks als onze democratie. Toch zagen we dit de afgelopen maanden keer op keer gebeuren.

Het eerste voorbeeld is het stemlokalenschandaal. Sommige gemeenten hebben het aantal stemlokalen met meer dan 70 procent gereduceerd terwijl dit nota bene het eerste referendum is waarvoor een opkomstdrempel geldt. Daarmee beïnvloedt de overheid dus niet alleen de opkomst, maar ook de uitslag. De gemeente Son en Breugel is hiervoor door de rechter veroordeeld, maar het is natuurlijk bizar dat wij, het ‘tegenkamp’, nu met allerlei rechtszaken ervoor moeten proberen te zorgen dat ook gehandicapten, ouderen, en anderen die wellicht minder mobiel zijn straks zonder onnodige obstakels kunnen gaan stemmen.

Ten tweede begrijpt de regering blijkbaar het verschil tussen de staat en het kabinet niet meer. Het kabinet kan als politieke coalitie campagne voeren, maar de staat als onpartijdige arbiter en vertegenwoordiger van alle Nederlanders, zonder onderscheid, kan dat niet. En toch voert bijvoorbeeld Hans Docter, ambassadeur in Ghana (sic!) en dus rijksambtenaar bij het ministerie van Buitenlandse Zaken, op verzoek van de regering actief campagne voor het associatieverdrag. Een ambtenaar kan politiek actief zijn, maar alleen als privépersoon en als hij de campagne strikt scheidt van zijn werk. Een ambtenaar die in zijn functie campagne voert, behoort te worden ontslagen in plaats van in opdracht van de regering onwettig te handelen. Het komt er nu dus op neer dat wij via deze ambassadeur niet alleen campagne tegen de regering voeren, maar ook tegen de staat zelf. Dat is een ongehoord feit, dat opnieuw aantoont hoe weinig respect onze overheden nog hebben voor de staatsrechtelijke principes.

Ten derde zijn sommige gemeenten zo onverstandig geweest een folder met ‘informatie’ over het referendum met de stempassen mee te sturen. Deze uitleg lijkt echter als twee druppels water op het regeringsstandpunt, de argumenten van het tegenkamp komen nauwelijks of ernstig verknipt aan bod. Met andere woorden, dit is een verborgen oproep van de gemeenten om ja te stemmen. Wat zou er gebeuren als tijdens Tweede Kamerverkiezingen gemeenten stempassen zouden rondsturen met ‘informatie’ waaruit blijkt dat men maar het beste op de PvdA kan stemmen? Het land zou te klein zijn. Het lijken wel ‘Russische’ toestanden.

Lees verder op de Volkskrant

Red onze democratie en stem tegen op 6 april!

Waarom zijn we tegen dit associatieverdrag? Dit verdrag zal slecht zijn voor Nederland en is nu al een ramp voor Oekraïne. Het is bovenal een zoveelste gevaar voor onze democratie, betoogt Pepijn van Houwelingen van het Burgercomité-EU.

Zoals Chris de Ploeg eind 2014 in een uitmuntend stuk in de Groene Amsterdammer uitvoerig heeft laten zien was en is Oekraïne tot op het bot verdeeld over dit verdrag. Uiteindelijk besloot toenmalig president Janoekovitsj te kiezen voor een douane-unie met Rusland simpelweg omdat het aanbod van Rusland veel genereuzer was. Het gevolg? Een opstand van een deel van de Oekraïense bevolking, zoals De Ploeg mooi in zijn artikel laat zien. Dit deel werd aangemoedigd en op een onverantwoorde wijze opgehitst door de EU. Oordeelt u zelf aan de hand van deze video, daar ziet u Europarlementariërs Van Baalen en Verhofstadt op een bijzonder kritiek moment, februari 2014, zich namens de EU mengen in een intern explosief debat. Ze gingen naar het Maidan en riepen op een enorm delicaat moment de Oekraïense bevolking op in opstand te komen tegen hun eigen wettig gekozen regering. Stelt u zich eens voor dat Poetin op een plein in Barcelona de Cataloniërs zou toeschreeuwen zich af te scheiden van Madrid, het land zou te klein zijn…

Het gevolg? Een bloedbad op het Maidanplein waarvan het tot nu toe enig academische onderzoek overigens uitwijst dat het niet de regering maar, waarschijnlijker, de rebellen zelf waren die op hun eigen mensen schoten. Janoekovitsj, een democratisch gekozen president, werd verdreven en een nieuwe regering die voor een groot deel bestaat uit oligarchen (president Poroshenko is bijvoorbeeld een miljardair) en afhankelijk is van de steun van neonazi’s grijpt de macht. Een van de eerste maatregelen die de regering uitvaardigt is het afschaffen van het Russisch als officiële taal. Het gevolg: in het oosten van het land breekt een opstand uit en de huidige burgeroorlog is een feit.

En dit is geen ‘Russische propaganda’, het is de waarheid. Althans, het is in ieder geval veel meer waar dan de ‘Europese propaganda’ die wij dag in dag uit over dit verdrag te horen krijgen van de EU en onze eigen regering. De EU heeft vanuit een giftige combinatie van imperialisme en goede bedoelingen als eerste met zijn bemoeizucht een interne machtsgreep in Oekraïne gesteund en daarmee de internationale rechtsorde geschonden. Het resultaat is een rampzalige burgeroorlog waar ook Rusland zich in heeft gemengd. Rusland is geen lieverdje, maar dat zijn de neonazi-bataljons die aan de kant van Kiev strijden ook niet. Het land is mede dankzij onze Europese bemoeizucht in de afgrond gestort en meer verdeeld dan ooit tevoren. Er is in ieder geval zeker geen soeverein en eensgezind ‘Oekraïens volk’ dat unaniem heeft gekozen voor aansluiting bij de EU en daarvan slechts wordt weerhouden door het grote boze Rusland zoals sommige populisten uit het Ja-kamp het graag willen voorstellen.

Wat is wel ondubbelzinnig propaganda? Zeggen dat dit associatieverdrag een ‘simpel handelsverdrag’ is zoals onze regering keer op keer doet. Dat kan juridisch niet eens het geval zijn omdat als het slechts een handelsverdrag zou zijn, het al onder de soevereine competentie van de EU zou vallen en dus geen parlementaire goedkeuring nodig heeft en dan per definitie dus ook niet referendabel kan zijn.

Lees verder op Sociale Vraagstukken

Wie is de baas?

Regering weet zelf niet meer hoe soeverein Nederland ten opzichte van de EU nog is, zegt het Burgercomité-EU.

Het is nauwelijks in het nieuws geweest, maar vorige week heeft de regering eindelijk antwoord gegeven op de Kamervragen van Omtzigt (CDA) en Verhoeven (D66). Deze vragen betreffen het referendum van 6 april over het associatieverdrag dat de EU met Oekraïne heeft gesloten.

De hamvraag: kan de Nederlandse regering het associatieverdrag, mocht de bevolking 6 april tegen stemmen, eenzijdig opzeggen? De beantwoording van deze vraag, zo schrijft de regering, heeft langer op zich laten wachten dan normaal. Zo vreemd is dat niet als je de antwoorden leest. Want wat blijkt: niemand weet het!

De regering schrijft letterlijk dat zodra Kamer en regering een eventuele nee-uitslag overnemen en het verdrag niet ratificeren we ons op ‘onontgonnen terrein’ bevinden.

Het belang van dit antwoord kan nauwelijks worden overschat. Want wat betekent dit? Dat de bevoegdheidsoverdracht naar Brussel niet alleen sluipend verloopt, maar dat de bevoegdheidsverdeling zelf inmiddels onduidelijk is geworden. Onze regering, zo blijkt uit haar antwoorden, weet zelf niet meer hoe soeverein we als land ten opzichte van de EU nog zijn.

Letterlijk schrijft ze: ‘In de Raadsbesluiten over de ondertekening en voorlopige toepassing van het associatieakkoord met Oekraïne namens de Europese Unie […] wordt het precieze karakter van de betreffende bevoegdheden van de EU in het midden gelaten.’ Met andere woorden, niemand weet blijkbaar of de EU op deze gebieden, dat wil zeggen de delen van het verdrag die nu voorlopig al worden toegepast, uiteindelijk de baas is en dus over een exclusieve competentie beschikt of dat Nederland zelf nog steeds op deze terreinen soeverein is en dus over een vetorecht beschikt.

Lees dit artikel van het Burgercomité-EU verder op de Volkskrant

Red de democratie, stem ‘nee’ op 6 april

Wie ‘nee’ stemt bij het komend referendum doet het beste voor burgers in ons land en in Oekraïne.

En ja hoor, de voorstanders van het associatieverdrag van de EU met Oekraïne zetten hun sterkste argument in: angst. Net zoals tien jaar geleden bij het referendum over de Europese grondwet wordt de Nederlandse kiezer met van alles en nog wat bedreigd, mocht hij zo brutaal zijn om op 6 april tegen te stemmen.

Voor EU-voorzitter Juncker gaat deze keer niet alleen ‘het licht uit’ als we niet voor dit verdrag stemmen maar storten we heel Europa in een ‘continentale crisis’. Maar was dit niet slechts een ‘simpel handelsverdrag’ waarvan er tientallen zijn, volgens onze premier?

Zo langzamerhand lijkt de blinde paniek toe te slaan in het kamp van de voorstanders. Ze zijn duidelijk slecht voorbereid en hebben vaak het verdrag aantoonbaar niet gelezen. Als verstokte gelovigen verwarren ze oorzaak en gevolg. Volgens hen is de EU niet de oorzaak maar de enig mogelijke oplossing voor al deze crises. In weerwil van overdonderend bewijs van het tegendeel en te midden van dalende steun, geloven zij dat meer EU en meer centrale aansturing, het liefst een volwaardige politieke unie, de enige manier is om de huidige problemen het hoofd te bieden. En zo storten zij ons juist in een reeks steeds diepere structurele economische, politieke, culturele en zelfs constitutionele crises die samen inderdaad continentale proporties aannemen.

Volgens ons ligt de oplossing van die door de EU vaak zelf veroorzaakte crises in het herstel en de verdere ontwikkeling van onze democratie. De kracht van een democratie, zo betoogt David Runciman in zijn recent verschenen boek ‘The confidence trap’, is nu juist het vermogen crises op te lossen. Waarom? Omdat een goedwerkende democratie een uniek zelfcorrigerend vermogen bezit. Precies dit vermogen kan ons op 6 april een grote dienst bewijzen. Een nee-stem kan onze in de eigen tunnelvisie vastgelopen politieke elite dwingen van koers te veranderen.

Ons eerste doel is natuurlijk het tegenhouden van een verdrag dat alleen goed is voor Brussel en niet voor burgers, zowel in Nederland als in Oekraïne. Het tweede doel van ons referendum is de anti-democratische aard van de EU bloot te leggen. Gedurende de campagne zal het vriendelijke masker van het EU-gelaat afvallen, zoals de dreigementen van Juncker nu al laten zien. Precies zoals dat de afgelopen zomer tot schrik van velen met Griekenland ook al gebeurd is. Een klein snufje democratie, in de vorm van dit referendum, is daarvoor al voldoende. En in de nasleep: kan de regering straks recht doen aan de uitslag zoals nu door een meerderheid van partijen in de Tweede Kamer wordt gewenst?

We gaan tegelijk ook iets heel moois en positiefs aantonen. Want dit referendum zal laten zien dat de ‘democratie’ als praktijk en als waarde onder ons vandaag nog steeds onaantastbaar is.

En dat betekent dat deze EU op drijfzand gebouwd is omdat het haar aan elk democratisch fundament ontbreekt. Het beroemde democratisch deficit is niet te repareren omdat het de grootste weeffout in het ontwerp van de Unie is. Daarom roepen wij alle democratisch gezinde Nederlanders toe: als we op 6 april de voordeur met onze nee-stem hard intrappen zal dat het begin van het einde zijn van het hele op drijfzand gestichte gebouw. Laat u niet verwarren door een omkering van de feiten: uw nee-stem draagt juist bij aan het begin van een oplossing van de continentale en constitutionele crisis die door de EU is veroorzaakt.

Bron: Dit artikel van het Burgercomité-EU is gepubliceerd in Trouw op 15 januari 2016

Kort weerwoord

Mooi! Het ja-kamp, althans een deel ervan, zo blijkt uit een bijdrage van 13 januari in de Volkskrant, lijkt zich er eindelijk bij te hebben neergelegd dat er een referendum komt over het associatieverdrag met Oekraïne. Jammer dat hun argumentatie aan alle kanten rammelt. Maar wat niet is, kan nog komen. We zijn allang blij een beetje energie te bespeuren bij onze tegenstanders!

Dit verdrag zou, aldus het ja-kamp, ‘vooral een handelsverdrag’ zijn. Nogmaals, dit verdrag is geen handelsverdrag maar een integratieverdrag en juist het zogenaamde ‘handelsgedeelte’ bewijst dit overduidelijk. In dit gedeelte van het verdrag zijn namelijk tientallen (!) bepalingen opgenomen die Oekraïne dwingen om de nationale wetgeving aan te passen aan die van de EU. Dat gaat dan bijvoorbeeld over mededingingswetgeving (artikel 256) en milieuwetgeving (artikel 363). Naar schatting moet Oekraïne in totaal 80% (!) van de Europese wetgeving overnemen voor dit ‘handelsverdrag’. Dit is meer nog dan de Balkanlanden die op weg zijn naar EU-lidmaatschap. Het probleem van de EU is nu juist dat ze meent dat voor ‘vrijhandel’ zo goed als alle nationale wetgeving ‘gelijkgeschakeld’ moet worden: ‘handel’ betekent dus ‘integratie’, vergeet u dat vooral niet de komende maanden!

Grenzen zijn er voor een reden. Zonder grenzen geen landen. Grenzen stellen ons in staat te controleren wie er ons land binnenkomt en wie niet. Grenzen zijn er in allerlei soorten en maten, van grote muren tot symbolische open grenzen. En ja, een visumverplichting is ook zo’n ‘grens’, een barrière die ons in staat stelt controle te houden op wie ons land wel en niet in (mogen) komen. Oekraïne zit midden in een burgeroorlog. Het kan zijn eigen grenzen niet of nauwelijks controleren; wapensmokkel, drugshandel, orgaanhandel – maar ook mensenhandel zijn aan de orde van de dag. Zo’n extra barrière is dan niet alleen verstandig – maar zelfs bittere noodzaak. Dit associatieverdrag schaft deze barrière echter juist af.

Ten slotte, zo vragen de voorstanders van dit verdrag zich af, is het niet mooi dat we met dit verdrag straks in Oekraïne de corruptie bestrijden en mensenrechten bevorderen? Hoe naïef kun je zijn! De Europese unie probeert al decennia corruptie in landen als Italië en Griekenland te bestrijden zonder enig meetbaar resultaat. Onze ‘goede bedoelingen’ en bemoeizucht hebben na 15 jaar nog helemaal niets opgeleverd in Afghanistan en hebben ondertussen Irak, Libië en Syrië in een burgeroorlog en in onvoorstelbare ellende gestort. Bovendien: een paar maanden geleden nog heeft het Oekraïense parlement met de grootst mogelijke tegenzin, en onder druk van de EU, een motie aangenomen over gelijkberechtiging van homo’s op de werkvloer. Is dat democratisch? En wat heeft dit in hemelsnaam nog met vrijhandel te maken?

Volgens de Duitse socioloog Max Weber zouden in de politiek niet de ‘goede bedoelingen’, warme gevoelens en mooie woorden, wat hij ‘Gesinnungsethik’ noemde, maar keiharde resultaten, ‘Verantwortungsethik’, leidend moeten zijn. Dat lijkt ons ook. Helaas kunnen onze tegenstanders bij gebrek aan zowel argumenten als elementair gezond verstand zich slechts op hun vermeende goede bedoelingen en angst beroepen – er breekt volgens Juncker zelfs een ‘grote continentale crisis’ uit als u tegen stemt! Irak en Syrië laten echter helaas zien dat de weg naar de hel vaak geplaveid is met goede bedoelingen. Gebruik uw eigen verstand, laat u niet bang maken en stem tegen op 6 april.

Burgercomité-EU

Verdrag met Oekraïne bewijst niemand een dienst

Zelden hebben we zo’n rancuneus, verbitterd en cynisch opiniestuk gelezen als dat van Boekestijn en De Wijk. Ze kunnen het niet verkroppen dat bijna een half miljoen steunbetuigingen in zes weken (!), een raadgevend referendum op 6 april hebben mogelijk gemaakt.

Ze kunnen het niet aanvaarden dat steeds meer mensen vragen stellen bij de EU en de ongebreidelde wildgroei van haar bevoegdheden. Waar ze toe oproepen is ronduit stuitend – je zou denken dat de inkt ervan gaat blozen: het kabinet moet nu al te kennen geven dat het de uitslag van het referendum niet zal respecteren. Bovendien moet u van hen vooral niet gaan stemmen op 6 april.

Overduidelijk heeft het tweetal echter geen flauw idee waarover het spreekt. In hun stuk beweren Boekestijn en De Wijk zaken die zelfs met de beste wil van de wereld niet consistent te maken zijn. Het associatieakkoord (lees het zelf!) is geen handelsverdrag maar een integratieverdrag. Als het immers een handelsverdrag zou zijn (quod non!), dan zou het inderdaad, zoals de heren zelf ook schrijven, onder de exclusieve competentie van de EU vallen – en dus helemaal niet hoeven te worden goedgekeurd door de afzonderlijke parlementen. Dan zou er dus ook geen referendum over kunnen worden gehouden en zou u ons niet hebben gehoord.

Daarnaast is het ook een politiek verdrag. Het ‘staatsblad’ van de EU, de EU Observer, stelt dat Oekraïne met dit verdrag ongeveer 80 procent van de totale EU-wetgeving zal moeten overnemen – meer nog zelfs dan de Balkanlanden die geacht worden in de toekomst lid te worden.

En het gaat niet alleen om EU-wetgeving aangaande interne markt – maar ook om strategische, geopolitieke, interculturele en immigratiezaken. Zo wordt bijvoorbeeld gesproken over een visumvrije ruimte (titel 3, artikel 19). Is dat een verstandig idee, met de huidige immigratieproblematiek? Met een land dat in de wereldtop van wapen-, vrouwen- en orgaanhandel zit, en dat bovendien enthousiaste kunstrovers herbergt?

Lees dit artikel van Burgercomité-EU en Forum voor Democratie verder op de Volkskrant

Het gaat niet om Poetin

De Oekraïense president Petro Porosjenko zei afgelopen donderdag dat GeenPeil ‘koren op de molen van Poetin’ is. Volgens Hubert Smeets zouden wij tegen het verdrag zijn omdat ‘Oekraïne in de Russische invloedssfeer zit’. Onzin. Het verdrag is slecht voor Nederland, slecht voor Oekraïne en slecht voor de internationale rechtsorde. Daarom zijn wij tegen. Dat heeft niets met Poetin te maken.

Pepijn van Houwelingen (Burgercomité-EU), Thierry Baudet (Forum voor Democratie), Bart Nijman (GeenStijl)

Oekraïne is een tot op het bot verdeeld land. Verwikkeld in een burgeroorlog. De Maidan-protesten werden tot op het laatst door een meerderheid van de bevolking afgekeurd en zittend president Janoekovitsj ging aan kop in de peilingen. De nieuwe regering is door een staatsgreep aan de macht gekomen en spaarde vervolgens de aanhangers van het voormalige regime niet – onder meer door gebruik van clustermunitie in Donetsk en Lugansk. Met meer dan tienduizend slachtoffers tot gevolg.

Het associatie-akkoord betekent ondertussen een totale ineenstorting van de economie in het Oosten van het land, dat volstrekt afhankelijk is van de handel met Rusland. Ook voor West-Oekraïne is het slecht: de Europese handelswaren zullen de plaatselijke producten van mindere kwaliteit volledig uit de markt drukken. Tel daar de verhoogde gasprijs als gevolg van de bekoelde relaties met Rusland bij op – en faillissement blijkt vrijwel onvermijdelijk.

Europa zal, als mede-aanstichter van deze misère, gevraagd worden op te draven voor de kosten. Dat betekent ook voor Nederland weer aanzienlijke vergroting van de financiële lasten, die volgens berekeningen kunnen oplopen tot in totaal 160 miljard. Daarnaast kunnen we – onder meer door de visumliberalisatie waar het verdrag in voorziet – aanzienlijke golven immigratie tegemoet zien. Grote aantallen Oekraïeners willen niets liever dan verhuizen naar de rijkere West-Europese landen. De burgeroorlog en de economische crisis die door het verdrag mede zijn veroorzaakt wakkeren die migratiedrift alleen maar verder aan.

Daarnaast gaan we ‘samenwerken’ op gebied van veiligheid, defensie en jusititie. Met – nogmaals – een land in burgeroorlog, waar extreem-rechts in sommige steden (zoals Lviv) 40% van de stemmen behaalde en nazistische militia onderdeel uitmaken van de strijdkrachten. Een land dat in de internationale corruptie-indexen tot de absolute wereldtop behoort. Voor de zoveelste keer slaapwandelen onze politici een ravijn in. Daarom is een fel, intensief en inhoudelijk debat noodzakelijk – met als eindpunt een democratische beslissing door de Nederlandse bevolking in het referendum van 6 april 2016.

NRC van 27 november 2015

GeenPeil-referendum gaat wel degelijk over iets

Met zijn weerzin doet Rob de Wijk het belang van het referendum over het akkoord met Oekraïne geen recht, aldus Pepijn van Houwelingen, Thierry Baudet en Bart Nijman.

Columnist Rob de Wijk is niet blij met het referendum dat op 6 april 2016 over het associatieverdrag met Oekraïne zal worden gehouden (Opinie, 6 november). In zes weken tijd hebben we bijna een half miljoen handtekeningen verzameld van burgers die willen meebeslissen.

De Wijk voelt zich er ‘buitengewoon ongemakkelijk’ bij. Hij meent dat hij nu wordt ‘gedwongen door de rancune’ waar al deze mensen blijkbaar aan lijden om ‘bij te dragen aan een ja-campagne’ – en hij betreurt zelfs ‘naar de stembus te moeten’. Tsja, het is toch wat zeg! Zo’n democratie, die je dwingt ‘naar de stembus te moeten’.

De Wijk schrijft dat ‘GeenPeil en het Burgercomité-EU’ niet geïnteresseerd zijn in de feiten. Waar baseert hij dit op? Allereerst is het Burgercomité-EU – samen met het Forum voor Democratie en GeenStijl – een van de drie organisaties die tezamen GeenPeil vormen. Dit feit heeft De Wijk blijkbaar al niet begrepen. Ook beweert hij met droge ogen dat het ‘grote nonsens’ en ‘onzin’ is, te beweren ‘dat dit verdrag Oekraïne op de drempel van EU-lidmaatschap brengt’.

Maar waarom wordt Oekraïne in de verdragstekst dan maar liefst 72 keer verplicht zijn eigen, nationale wetgeving aan EU-regels aan te passen? De volgende veelzeggende passage vinden we bijvoorbeeld terug in artikel 114 van het verdrag: ‘De partijen erkennen het belang van de aanpassing van de bestaande wetgeving van Oekraïne aan die van de Europese Unie. Oekraïne draagt er zorg voor dat zijn bestaande wetten en toekomstige wetgeving geleidelijk in overeenstemming met het EU-acquis worden gebracht.’

Overal en continu wordt Oekraïne (lees het zelf!) in dit verdrag gedwongen zijn wetgeving aan te passen aan het EU-acquis. Het mag dus geen verbazing wekken dat een Europees diplomaat vorig jaar heeft bevestigd dat met dit associatieverdrag Oekraïne voor 80 procent EU-lid wordt, meer nog dan de Balkanlanden die nota bene geacht worden eerder tot de EU toe te treden.

Lees deze column van Burgercomité-EU, Forum voor Democratie en GeenStijl verder op Trouw

Hoe goed is het associatieverdrag eigenlijk gelezen?

Juist de ‘zinloze franje’ erin maakt het akkoord met Oekraïne gevaarlijk. Goed dat het volk mag spreken, zegt Pepijn van Houwelingen, lid van het Burgercomité-EU.

Zinloze franje‘, zo betitelt Adriaan Schout gisteren in de Volkskrant het politieke deel van het Associatieverdrag dat de EU met Oekraïne heeft gesloten. Het zou niet meer dan een ‘omhulsel’ zijn zonder veel betekenis. Tegelijkertijd citeert Schout verdragsteksten die er niet om liegen en waarin wordt gesproken over ‘geleidelijke convergentie op het vlak van buitenlands beleid en veiligheid’ en de ‘Europese ambities’ van Oekraïne. Deze teksten zouden er niet toe doen omdat er ‘concreet weinig staat’.

Was dat maar zo. Juist door sommige (niet alle!) delen van het verdrag in dergelijke algemene termen te omschrijven, kan de uitvoerende macht van de Europese Unie het verdrag straks interpreteren zoals ze maar wil, immers ‘vaagheid is de moeder van alle misleiding’.

Er mag geen enkele twijfel meer over bestaan wat het einddoel van die Europese Unie is: volledige economische en politieke integratie van Oekraïne in de Europese Unie. Zo staat het niet alleen, algemeen omschreven, in het verdrag zelf, dit hebben Barroso, Van Rompuy en andere EU-functionarissen ons in alle openbaarheid laten weten. Als we dit verdrag volgend jaar in een referendum goedkeuren dan tekenen we daar dus voor en dat is alles behalve ‘zinloze franje’. In de verdragstekst staat wat er staat. Dat er nu blijkbaar geluiden opgaan dat we de tekst niet zo serieus moeten nemen en dat het allemaal wel meevalt en slechts ‘politieke mooipraat’ en ‘symbolische retoriek’ zonder waarde is natuurlijk te dol voor woorden. Geen verstandig mens zou een koopcontract tekenen vol met dergelijke dreigende algemene bewoordingen waarmee de bank of makelaar alle kanten op kan.

Lees verder op de Volkskrant

Associatieverdrag is kolonisatie

De spanning richting woensdag 14 oktober, als de Kiesraad ’s morgens om 10:00 uur live in Nieuwspoort bekend gaat maken of we een referendum afgedwongen hebben, loopt hier op GeenPeilHQ langzaam op. LOL niet echt natuurlijk, want met 451.666 digitale en enkele tienduizenden analoge handtekeningen in de pocket, moet Mark Rutte wel een héle ingewikkelde staatsgreep kunstgreep bedenken om de internetachtige constructie van het GeenPeil-referendum te blokkeren. Maar: it ain’t over till the fat lady sings. Dus we houden de champagneglazen nog even droog. In de tussentijd plempen we wél even de drie minuutjes powerbetoog die Arjan van Dixhoorn (van onze vrienden van het Burgercomité-EU) vandaag in een Haags achterafzaaltje afstak tegen de Commissie Buitenlandse Zaken. Allemaal glasharde waarheden alsook oprechte zorgen over de staat van de Nederlandse democratie: “Het zijn diepgewortelde gevoelens bij ons dat de Nederlandse Tweede Kamer, het Nederlandse parlement, het Nederlandse kabinet in steeds sterkere mate een uitvoerende arm zijn van de Europese Unie en niet langer het Nederlandse volk vertegenwoordigen.”

Duid het, Van Dixhoorn, dit gloedvolle gospel van GeenPeil!

Lees verder op GeenStijl

Nog 2 dagen: Spreek u uit over Oekraïne!

Er is een referendum in de maak over het EU-associatieverdrag met Oekraïne. Hoewel de politiek gewoon doorgaat om Oekraïne binnen de EU te trekken, laten veel Nederlanders nu al weten dat ze dit niet willen.

Iets meer dan een jaar geleden kwamen wij met de voorganger van Burgercomité-EU, het Burgerforum-EU, in de Kamer ons burgerinitiatief voor een EU-referendum toelichten. We kregen tijdens het plenaire debat van minister Timmermans te horen dat hij het door ons gevraagde referendum niet wilde uitschrijven. Hij adviseerde ons gebruik te maken van de Raadgevend Referendumwet zodra die van kracht was geworden. En dat laatste is deze zomer gebeurd.

We maken nu gebruik van deze wet, en hebben inmiddels de tweede procedurele fase bereikt. We zijn heel hard op weg de benodigde 300.000 (!) handtekeningen voor een correctief raadgevend referendum over het EU-associatieverdrag met Oekraïne te verzamelen. We zitten inmiddels over de helft van dat aantal.

De wet maakt het voor burgers mogelijk zich te verenigen tegen een reeds door het parlement bekrachtigde wet, en deze referendabel te laten verklaren. Bij 300.000 geldige handtekeningen komt er dan ook definitief een referendum. Als het ons lukt de 300.000 handtekeningen te verzamelen zal dit referendum heel gepast plaatsvinden tijdens het Nederlands EU-voorzitterschap in 2016.

Waarom willen we eigenlijk een referendum over dit associatieverdrag? Zo maar wat wedervragen. Is het verstandig een associatieverdrag af te sluiten met daarin een visumvrije regeling (artikel 19) met een land in burgeroorlog? Met een land dat bijzonder corrupt is en samen met Uganda en Comoros op plek 142 staat van een corruptieranglijst? En willen we Oekraïne straks werkelijk via EU-regelingen financiële bijstand geven (artikel 453)?

En voor wie denkt dat Oekraïne baat zal hebben bij de EU: heeft de EU niet genoeg ellende veroorzaakt in de regio? We zijn toch de stuitend onverantwoordelijke toespraken van Verhofstadt en Van Baalen op het Onafhankelijkheidsplein in Kiev niet vergeten? Waarom bemoeien ze zich met de interne en bijzonder precaire aangelegenheden van een ander soeverein land? Die EU-inmenging is mede aanleiding voor de huidige burgeroorlog in Oekraïne.

En willen Nederlanders echt dat ons land zich, via dit verdrag, impliciet mengt in een oorlog met Rusland? Uit opinieonderzoek blijkt al jaren ondubbelzinnig dat Nederlanders niet willen dat Oekraïne lid wordt van de EU. Maar ondanks wat politici bij hoog en bij laag beweren is dit verdrag een grote stap in die richting.

De voormalige EU-topfunctionarissen Barroso en Van Rompuy hebben ondubbelzinnig te kennen gegeven dat Oekraïne in de EU thuishoort. Oekraïense politici zien dit verdrag ook als een opstap naar lidmaatschap. VVD-Europarlementariër Hans van Baalen weigerde zondag in het programma Reporter op radio 1 uit te sluiten dat Oekraïne ook in de toekomst geen lid van de EU zal worden.

Sommigen vragen zich vertwijfeld af of zo’n referendum niet te ingewikkeld is voor onze bevolking. Maar is een referendum over een verdragstekst van honderden bladzijden werkelijk ingewikkelder dan verkiezingen over uitgebreide verkiezingsprogramma’s die nooit te verwezenlijken zijn? En weten we zeker dat onze politici zelf over alle informatie (eenzijdige voorlichting door lobbygroepen), de vrijheid (fractiediscipline) en de tijd (verdragsteksten van duizenden pagina’s) beschikken om verstandige beslissingen te nemen?

Het was tenslotte een twitteraar die ons erop wees dat pagina 4 van de door ons parlement vastgestelde verdragstekst een vertaalfout bevat die in het licht van de Oekraïense burgeroorlog nogal schril overkomt. Er wordt daar gesproken van ‘politieke heroveringen’, ongetwijfeld in plaats van (door de EU afgedwongen) ‘politieke hervormingen’. Hoe goed is die tekst dus eigenlijk door onze politici gelezen voordat ze tekenden (bij het kruisje)? De kern van de zaak is dat in een levende democratie de bevolking zich rechtstreeks zou moeten kunnen uitspreken over zaken die de toekomst van het land aangaan. Dat geldt eens temeer als die zaken niet (volstrekt helder) in verkiezingsprogramma’s waren opgenomen.

De klassieke representatieve democratie is verouderd en door de EU nog verder uitgehold. Door de invoering van de Referendumwet is dat door onze vertegenwoordigers ook deels erkend. Vandaag zijn referenda dan ook noodzakelijke instrumenten voor de bevolking om een soevereine wil uit te kunnen drukken over concrete besluiten. Laten we dus, mede uitgenodigd door Timmermans, maar eens met dit associatieverdrag beginnen.

Door Pepijn van Houwelingen en Arjan van Dixhoorn namens Burgercomité-EU

Bron: Nederlands Dagblad van 16 september 2015

Associatieverdrag met Oekraïne bedreigt de democratie

Referendum EU Associatieverdrag Oekraïne
Een associatieverdrag met Oekraïne leidt tot een verdere uitholling van de nationale soevereiniteit en de democratie, betogen Arjan van Dixhoorn en Pepijn van Houwelingen.

Afgelopen zaterdag betoogde Willem-Gert Aldershoff dat de voorstanders van een referendum over het EU-Oekraïense associatieverdrag de situatie in Oekraïne niet begrijpen (RD 19-9). Helaas gaat Aldershoff in het geheel niet in op de reden van ons referendumverzoek. Het gaat ons niet om het belang van Oekraïne, maar om het democratisch belang en de toekomst van ons eigen land.

De drang van Aldershoff en andere eurofielen om heel Europa te controleren heeft gevaarlijke imperialistische, en zelfs koloniale trekken. Dat blijkt niet alleen uit het artikel van Aldershoff, het is ook heel goed af te lezen aan de verdragstekst zelf. De verdere uitholling van de nationale soevereiniteit en de democratie door de EU wordt via dat verdrag verder verstevigd. Daarom moeten volgens ons de Nederlanders een uitspraak over deze wet kunnen doen, want onze volksvertegenwoordigers laten ons hierbij in de steek.

Nu de EU de soevereiniteit van Nederland fundamenteel heeft ondergraven, wil ze ook Oekraïne aan zich binden. En dat zonder dat Oekraïne toegang krijgt tot de wetgevende instituties van de EU. De EU claimt Oekraïne met een mythisch beroep op historische banden en gemeenschappelijke Europese waarden. Het verdrag beweert dat Oekraïne daardoor gemakkelijk kan deelnemen aan Europees beleid.

Deze EU-nationalistische motivatie wordt versterkt met een misplaatst beroep op krachtige steun van het volk in Oekraïne (nota bene: niet het volk van Oekraïne) voor de ‘Europese’ koers. Maar precies omwille van dit verdrag is de burgeroorlog ontstaan. Hoezo krachtige steun?

Lees verder op Reformatorisch Dagblad >>>

We willen zelf onze vrienden kiezen

Rob de Wijk ziet niet dat de Nederlandse democratie wordt uitgehold en dat daarom een referendum belangrijk is, menen Thierry Baudet en Pepijn van Houwelingen.

Columnist Rob de Wijk bekritiseert ons initiatief om middels 300.000 handtekeningen een referendum (GeenPeil) over het associatieverdrag met Oekraïne af te dwingen (Opinie, 4 september). Volgens hem is het verdrag geen stap op weg naar EU-lidmaatschap van Oekraïne, dus waar maken we ons zorgen om?

Inderdaad ontkennen onze politici bij hoog en bij laag dat dergelijk lidmaatschap voor Oekraïne in het verschiet zou liggen. Toch verklaarde Herman Van Rompuy, toenmalig president van de Europese Raad, in 2013 plechtig dat “Oekraïne op termijn zal zijn als de andere nieuwe lidstaten”, stelde José Manuel Barroso, destijds commissievoorzitter, dat “de toekomst van Oekraïne in de EU ligt” en nam het Europees Parlement in 2005 een motie aan waarin lidmaatschap aan Oekraïne nadrukkelijk als mogelijkheid werd gepresenteerd.

Evenmin lijkt De Wijk op de hoogte van de bepalingen in het associatieverdrag over coördinatie op militair en veiligheidsterrein. Onlangs hebben de Amerikanen drie militaire bases geopend in West-Oekraïne en aangegeven de militaire steun aan het land te zullen intensiveren. We worden geleidelijk meegezogen in een gewapend conflict met Rusland – zeer gevaarlijk, en absoluut niet in ons belang. Waarom horen we De Wijk daar niet over?

Hij stelt slechts dat er ‘niets’ mis mee is om belastinggeld aan Oekraïne over te maken. Volgens onderzoek is het land echter een van de meest corrupte ter wereld – niveau Zimbabwe. Hoe zinvol is het om daar bakken geld heen te sturen? En hoe zinvol is de geleidelijke afschaffing van visum-restricties waar het associatieverdrag in voorziet? Een land in burgeroorlog, in de wereldtop van vrouwenhandel? Ook dat element van het associatieverdrag is De Wijk blijkbaar ontgaan.

Het meest stuitende aspect van zijn column is echter niet zijn gebrek aan zicht op de implicaties van het voorliggende verdrag; maar de opvatting van democratie die hij in het slotdeel ventileert.

‘Coalitiepolitiek’, schrijft hij, ‘is geven en nemen. Als ik het er niet mee eens ben ga ik niet roepen dat een besluit ondemocratisch is’. Het punt dat De Wijk hier mist, is dat dit inderdaad geldt binnen de kaders van de representatieve democratie. Maar wat als die representatieve democratie zichzelf beetje bij beetje afschaft? Dat is wat nu aan het gebeuren is.

De geleidelijke, maar onmiskenbare bevoegdheidsoverdracht van het Nederlands parlement naar de Brusselse burelen betekent dat het forum waar wij ooit hebben besloten onze gemeenschappelijke problemen te bespreken feitelijk niet langer als zodanig functioneert. Als de politiek zijn bevoegdheden te buiten gaat door zichzelf af te schaffen en ons politiek te onteigenen valt de soevereiniteit terug aan het volk.

Daarom is een referendum over EU-gerelateerde zaken meer op zijn plaats dan over welk ander onderwerp dan ook. Het gaat niet zomaar over een verdrag: het gaat over zelfbeschikking. Het gaat om ons recht om in laatste instantie zelf te mogen beslissen over hoe wij ons leven inrichten, wie onze vrienden zijn en met wie wij visum-restricties hebben of niet.

Rob de Wijk kent niet alleen de verdragstekst niet: hij begrijpt ook niet wat democratie werkelijk betekent.

Trouw, donderdag 10 september 2015

Laat het volk oordelen over belangrijke zaken

Referendum EU Associatieverdrag Oekraïne

Een Landsgemeinde – Zo stemmen de Zwitsers over belangrijke zaken.

Iets meer dan een jaar geleden hebben we met het Burgerforum-EU, de voorganger van Burgercomité-EU, in de Kamer ons burgerinitiatief voor een EU-referendum toegelicht. Minister Frans Timmermans (Buitenlandse Zaken) zei dat hij het door ons gevraagde referendum bij verdere overdracht van bevoegdheden aan de EU niet wilde uitschrijven. Hij adviseerde ons gebruik te maken van de Wet raadgevend referendum zodra die van kracht was geworden.

Dat is sinds deze zomer het geval. We maken gebruik van deze wet en hebben de tweede procedurele fase bereikt. We hebben inmiddels de helft van de benodigde 300.000 handtekeningen voor een correctief raadgevend referendum over het EU-associatieverdrag met Oekraïne verzameld.

Als het ons lukt de overige handtekeningen te verzamelen, zal dit referendum – heel gepast – plaatsvinden tijdens het Nederlands EU-voorzitterschap in 2016.

Waarom willen we een referendum over dit associatieverdrag? Zo maar wat wedervragen. Is het verstandig een associatieverdrag af te sluiten met daarin een visumvrije regeling (artikel 19) met een land in burgeroorlog? Met een land dat bijzonder corrupt is? Waar veel vrouwenhandel, kinderprostitutie en drugshandel voorkomt? En willen we Oekraïne straks via EU-regelingen financiële bijstand geven (artikel 453)?

Voor wie denkt dat Oekraïne baat zal hebben bij de EU: heeft de EU niet genoeg ellende veroorzaakt? We zijn de stuitend onverantwoordelijke toespraken van EU-politici Guy Verhofstadt en Hans van – ‘never, never give up’ – Baalen op het Onafhankelijkheidsplein in Kiev toch niet vergeten? Die EU-inmenging is mede aanleiding voor de burgeroorlog. En willen Nederlanders echt dat ons land zich via dit verdrag impliciet mengt in een proxy-oorlog met Rusland?

Uit opinieonderzoek blijkt al jaren dat Nederlanders niet willen dat Oekraïne lid wordt van de EU. Ondanks wat politici bij hoog en laag beweren is dit verdrag een grote stap in die richting. De toenmalige EU-kopstukken Barroso en Van Rompuy stelden dat Oekraïne in de EU thuishoort. Oekraïense politici zien dit verdrag ook als een opstap naar lidmaatschap.

Sommigen vragen zich vertwijfeld af of zo’n referendum niet te ingewikkeld is voor de Nederlanders. Maar is een referendum over een verdragstekst van honderden bladzijden werkelijk ingewikkelder dan verkiezingsprogramma’s? En weten we zeker dat al die 225 leden van het Nederlandse parlement over alle informatie beschikken om hun beslissingen te nemen?

De kern van de zaak is dat in een levende democratie de bevolking zich rechtstreeks over zaken die de toekomst van het land aangaan zou moeten kunnen uitspreken. Nu de grote ideologische ankerpunten zijn verdwenen, wil de bevolking zelf over concrete aangelegenheden kunnen stemmen. De klassieke representatieve democratie is verouderd en door de EU verder uitgehold. Met de referendumwet is dat door onze vertegenwoordigers ook deels erkend.

Tegenwoordig zijn referenda noodzakelijke instrumenten voor de bevolking om een soevereine wil uit te kunnen drukken over concrete besluiten met groot belang. Laten we dus, mede uitgenodigd door Timmermans, maar met dit associatieverdrag beginnen.

Artikel van Pepijn van Houwelingen en Arjan van Dixhoorn
Verschenen in Het Parool, dinsdag 8 september 2015

Hoog tijd dat de burger aan de noodrem trekt bij uitbreiding EU

Geef de Nederlandse bevolking de mogelijkheid de geleidelijke uitbreiding van de EU een halt toe te roepen.

Vorige maand trad de wet op het raadgevend correctief referendum in werking. In samenwerking met GeenPeil heeft het Burgercomité-EU besloten deze wet direct te gebruiken om de Nederlandse bevolking te betrekken bij de besluitvorming over de EU. Het doel is een referendum over het recent goedgekeurde associatieverdrag met Oekraïne.

Waarom precies willen we een referendum over het associatieverdrag? Zoals opinieonderzoek sinds 1996 consistent uitwijst is een ruime meerderheid van de Nederlandse bevolking tegen toetreding van Oekraïne tot de EU.

Natuurlijk beweert de regering bij hoog en laag dat dit verdrag geen opstapje is voor EU-lidmaatschap. Feit is echter dat dit bij Kroatië wel het geval was. Feit is ook dat Oekraïne dit verdrag zelf als een voorportaal voor lidmaatschap ziet. Het is dan ook teleurgesteld is dat hierover in het associatieverdrag zelf niets is opgenomen. Ook moet Oekraïne nu aan criteria gaan voldoen die overeenkomen met de eisen voor toetreding uit artikel 49 van het Verdrag van Lissabon.

Nederlanders willen niet dat Oekraïne lid wordt. Maar los daarvan valt te twijfelen aan de wijsheid van de associatie zelf. Oekraïne is een failliet land dat in een burgeroorlog verwikkeld is. De associatie met Oekraïne bedreigt ook nog eens de vrede in Europa.

Lees verder op de Volkskrant >>>

De euro is helemaal niet goed voor onze welvaart

De bewering dat de euro goed is voor onze welvaart is zo’n grote leugen dat men gewoon niet kan geloven dat het niet waar is, vindt Pepijn van Houwelingen.

31 januari 2013

Het Europese integratieproject is, met Camerons aankondiging van een Brits referendum, op losse schroeven komen te staan. Omdat de EU bij velen bovendien allang geen warme gevoelens meer oproept, is het niet verwonderlijk dat voorstanders van verdere integratie zich nu verbeten achter hun laatste verdedigingslinie hebben verschanst: zonder de EU en de euro kan Nederland niet welvarend zijn. Guy Verhofstadt bleef dit afgelopen zondag in Buitenhof maar zeggen: als Nederland net zoals de Britten een referendum organiseert en uit de EU stapt, volgt een economisch armageddon.

Maar is dat zo? Hetzelfde werd immers alom verkondigd toen de president van IJsland zo moedig was een referendum uit te schrijven. De bevolking van IJsland verwierp met een grote meerderheid het verdrag dat toen met Nederland en het Verenigd Koninkrijk was gesloten over de terugbetaling van leningen en zie, na een paar zware jaren klimt IJsland op dit moment weer snel uit het dal. Waarom zou Nederland niet rijk en welvarend kunnen zijn buiten de EU en zonder de euro? Kijk naar Zwitserland – een land dat net zoals Nederland veel naar de EU exporteert en een grote financiële industrie heeft – of Noorwegen. Ook het Verenigd Koninkrijk kan op dit moment goed handel drijven met het continent terwijl het de euro niet heeft ingevoerd. Er bestaan zelfs veel kleine en erg welvarende landen die net zoals Nederland bijzonder afhankelijk zijn van de internationale handel maar toch hun eigen munt hebben. Singapore is een mooi voorbeeld.

De gedachtegang waarmee de Europese integratie en de euro worden verdedigd, lijkt beangstigend veel op redeneringen waarmee vroeger de superioriteit van een planeconomie ten opzichte van een markteconomie werd ‘bewezen’. Net zoals voor planeconomen competitie en verschillen tussen bedrijven allemaal vormen van verspilling zijn die ten koste van de algemene welvaart zouden gaan, zijn voorstanders van de EU en het Europese integratieproces ervan overtuigd dat, op landelijk niveau, concurrentie en competitie tussen munten en wetgeving een slechte zaak is.

Net zoals faillissementen in een planeconomie niet kunnen voorkomen, zijn devaluaties niet langer mogelijk na het invoeren van een gemeenschappelijke munt. En net zoals in een centraal geleide economie tijdens een crisis de touwtjes strakker worden aangetrokken, is men ook nu druk bezig de machtsuitoefening in Europa op allerlei terreinen meer en meer te centraliseren.

Uit de geschiedenis blijkt wel dat dit soort ideologische conflicten nooit door middel van een debat worden beslecht. Uiteindelijk is het de realiteit zelf die bepaalt wat werkt en wat niet: the proof of the pudding is in the eating. Net zoals Oost-Berlijn, als een idee en ideologie, uiteindelijk door het succes van West-Berlijn is weerlegd – ‘het werkte niet’ – zal de welvaart en hogere economische groei van landen die buiten de EU of de euro zijn gebleven – Zwitserland, Noorwegen en het Verenigd Koninkrijk – het Europese integratieproject op den duur onmiskenbaar en voor iedereen gaan weerleggen.

Lees deze column van Pepijn van Houwelingen nog eens terug op de Volkskrant >>>

Het Burgercomité vecht voor Nexit

Hoe het Burgercomité Nederland met de blote hand uit de EU wil duwen.

Zelden zo veel bozigheid gezien als bij de presentatie van het manifest van het Burgercomité-EU. Apocalyptisch was het beeld dat Arjan van Dixhoorn en Pepijn van Houwelingen eind mei van Europa schetsten. We zijn een bezet land, zeiden ze, overgeleverd aan landverraders en regenten. Onze kinderen zullen sneuvelen als soldaten van een neokolonialistisch Europa in de strijd tegen Rusland. Banken terroriseren ons, en de media zijn onoprecht.

Hun gehoor bestond uit kwaaie heren en een enkele dame die er graag nog een schepje bovenop deden. Zo veel achterdocht kwam er vrij dat alle lust erover te schrijven me verging. Ook Thierry Baudet, uithangbord van anti-EU-sentimenten en geestverwant van het Burgercomité, hield het voortijdig voor gezien.

Als dit de revolutie was, dan zonder mij. Toch bleef het knagen. Het onderwerp – het genegeerde referendum van 1 juni 2005 waarin Nederland ‘Nee’ zei tegen Europa, en de noodzaak daarover opnieuw een volksraadpleging af te dwingen – was belangwekkend genoeg. Er waren die twee mannen, zo overduidelijk geen politici en zo bezield van de noodzaak van hun project. En er was dat ontroerende wijnrode boekje met leeslint, harde kaft en klassieke broodletter. Manifest aan het volk van Nederland, staat erop. Verre echo van de roemruchte pamfletten die eind 18de eeuw werden gepubliceerd door de patriotten, waarin vaak dezelfde aanhef werd gebezigd: Medeburgers van Nederland…

Dinsdag waaide dat clubje opnieuw aan op het Binnenhof.

Lees de column van Ariejan Korteweg (want het wordt ‘beter’) verder op de Volkskrant >>>

Ambtelijke bijval voor parlementaire enquête euro

Een parlementaire enquête naar de invoering van de euro in Nederland, waar vanmiddag in Den Haag een burgerinitiatief voor wordt ingediend, krijgt hoge ambtelijke bijval op het ministerie van Buitenlandse Zaken dat daar direct bij betrokken was. Plaatsvervangend directeur-generaal Europese Samenwerking Thijs van der Plas zei maandagavond in Den Haag dat de democratische legitimiteit van de euro weer terug moet komen.

‘De petitie voor een parlementaire enquête is een goede zaak. De mensen hebben er recht op dat dat naar boven komt’, aldus Van der Plas op een discussie-avond over de euro. ‘De euro is helaas in potentie een enorme splijtzwam en tast het draagvlak voor de Europese samenwerking aan, met name in Nederland’, aldus de hoge ambtenaar die pleitte voor een veel sterke rol van nationale parlementen in de democratische controle op de EU en het bestuur van de eurozone.

Vanmiddag worden in Den Haag meer dan 40.000 handtekeningen aangeboden in het kader van een burgerinitiatief dat vraagt om een parlementaire enquête naar besluitvorming over de invoering van de euro. Daartoe werd besloten op de Europese Raad van Maastricht in 1991. In 1999 werd de girale euro ingevoerd en in 2002 de chartale, met munt en bankbiljetten.

Volgens het ‘burgerinitiatief’, afkomstig van de anti-EU-activist Thierry Baudet [en Burgercomité-EU, Arno Wellens en Victor Broers, red.], leidde de euro willens en wetens tot een ‘pervers mechanisme’ waarin de noordelijke landen betalen voor een eventueel faillissement van zuidelijke landen.

Lees verder op het Financieele Dagblad >>>

Burgerinitiatief voor parlementaire enquête naar invoering van de euro

Een groep prominenten is met Burgercomité-EU en Forum voor Democratie een burgerinitiatief begonnen voor een parlementaire enquête naar de invoering van de euro. Ze willen daarmee achterhalen of politici wisten dat ‘de invoering van de euro niet alleen een zeer ingrijpend soevereiniteitsverlies inhield, maar ook een bijzonder groot financieel en economisch risico.’

Dat valt te lezen op de website www.peuro.nl.

De publicisten Thierry Baudet, Victor Broers en Arno Wellens hebben de aftrap gedaan en krijgen steun van onder anderen journalist Jort Kelder, hoogleraar Paul Cliteur en filosoof Ad Verbrugge.

‘Nog altijd verbaast het ons’, schrijven zij, ‘hoe het mogelijk is geweest dat zo’n ingrijpende beslissing met zo weinig kritisch debat gepaard ging. Welke rol speelde de overheid daarbij? Hoe kan het dat politici zich niet veel meer zorgen maakten over de financiële stabiliteit van ons land? Wat wisten de betrokkenen nu precies over de risico’s? En wat wisten ze niet? Hoeveel was en bleef onduidelijk, en was het wel verantwoord om zo’n ingrijpende beslissing te nemen te midden van zoveel onduidelijkheid? Realiseerde men zich dat deze euro op termijn zeer grote nieuwe machtsoverdracht aan Brussel noodzakelijk zou maken – zoals de bankenunie, het stabiliteitspact en de op handen zijnde begrotingsunie?.’

Lees meer op Trouw